Zontwikkelingen "oud"
links
PV-systeem
basics
grafieken
graphs
huurwoningen
nieuws
index
 

SOLARENERGYERGY

Nieuws P.V. pagina 156

meest recente bericht boven

Specials:
September update 2019 CertiQ - PV naar nieuw kwartaal record 440 MWp
Nieuwe records CertiQ 2019: 271 MWp nieuw aug. 2019; hoge prognose EOY capaciteit 2019
Update projecten overzicht Polder PV status 9 aug. 2019 - het "sneeuwt" records
RVO SDE PV update 5 augustus: 215 MWp nieuw toegevoegd, 2.031 MWp accumulatie
CertiQ majeure revisie juli rapport - 97,6 MWp nieuwe PV capaciteit, record productie juni 2019

12 augustus 2019 - 15 oktober 2019

actueel 156 155 154 153 152 151 150-141 140-131 130-121 120-111 110-101
100-91
90-81 80-71 70-61 60-51 50-41>>> highlights



 
^
TOP

8 oktober 2019: "Vroege" CertiQ update september 2019 - groei gecertificeerde zonnestroom weer naar normaler niveau, 72 MWp nieuw toegevoegd, nieuw kwartaal record (440 MWp). Na de explosieve toename in de net op Polder PV gepubliceerde CertiQ update voor augustus (artikel hier onder), volgde al rap een heel wat bescheidener toevoeging in het op 7 oktober geopenbaarde nieuwe overzicht over de maand september. Er werd netto een volume van 71,9 MWp* nieuwe PV capaciteit toegevoegd, verdeeld over 368 nieuwe projecten. Zoals reeds voorspeld, zijn met laatstgenoemde toevoeging inmiddels meer dan twintigduizend gecertificeerde PV projecten bij CertiQ ingeschreven. Met deze toevoegingen is eind september een geaccumuleerde gecertificeerde capaciteit van 2.571,9 MWp ontstaan. In augustus werd ook al een hoge gecertificeerde productie van ruim 267 GWh (in eerste instantie) bijgeschreven in de CertiQ databanken.

* Disclaimer: Status officiële CertiQ cijfers volgens maand rapportages !

I.v.m. omvangrijke toevoegingen sedert 2018 aan dit dossier (vrijwel exclusief gedreven door grote hoeveelheden, SDE gesubsidieerde, en steeds groter wordende PV projecten), in combinatie met 2 ernstige data "incidenten" bij CertiQ (september 2017 resp. juni 2019), die Polder PV meldde aan de TenneT dochter (waarna substantiële correcties werden gepubliceerd), sluit de beheerder van de PPV website niet uit, dat de huidige status bij CertiQ niet (volledig) correct zal kunnen zijn.

Met name foute capaciteit opgaves van netbeheerders voor "kleinere" projecten kunnen, ondanks aangescherpte controles bij CertiQ, aan de aandacht blijven ontsnappen en over het hoofd worden gezien. Maar ook cijfermatige incidenten met opgaves van volumes van grotere projecten kunnen nog steeds niet uitgesloten worden. Deze laatsten zullen, indien onverhoopt optredend, hoge impact hebben op het volume aan maandelijkse toevoegingen, en ook, zei het in relatieve zin beperkter, invloed hebben op de totale accumulatie van gecertificeerde PV capaciteit aan het eind van de betreffende maand rapportage.

In de detail analyse hier op volgend wordt korter ingegaan op de wijzigingen en aanvullingen, deels grafisch verbeeld. Voor uitgebreide toelichting ter referentie, gebruik s.v.p. daarvoor het net gepubliceerde artikel met analyse van het augustus rapport van de TenneT dochter.

1. Ontwikkeling van aantallen gecertificeerde zonnestroom installaties

 

Nieuwe aantallen installaties in bovenstaande grafiek, rode curve, met als referentie de linker Y-as. In september kwamen er netto 368 nieuwe PV projecten bij, 35 installaties minder dan in augustus. De laatste maanden is het tempo gemiddeld omhoog gegaan t.o.v. de voorgaande periode, en liggen de toevoegingen inmiddels rond de 400 projecten nieuw per maand.

De accumulatie is te zien aan de blauwe kolommen curve in bovenstaande grafiek. Zoals reeds in de vorige analyse voorspeld, is in de september rapportage de twintigduizend gecertificeerde zonnestroom projecten inmiddels gepasseerd, en kwam het totaal op 20.028 exemplaren (gemarkeerd datapunt rechtsboven). Dit is weliswaar nog steeds een zeer gering aandeel op het totaal aantal PV systemen in Nederland, wat mogelijk al over niet al te lange tijd richting de 1 miljoen stuks gaat (dominant residentieel). Maar bij de capaciteit zal de projecten markt op termijn de residentiële sector in gaan halen.

Voor alle CertiQ data geldt: Netto effect = aantal bijschrijvingen minus het aantal uit de CertiQ databank verwijderde PV-projecten per maand.

Grafiek met de variatie in de (netto) groei van de aantallen installaties per maand (rapport) bij CertiQ. De nieuwe volumes gerealiseerde projecten per maand nemen weer toe vanwege de enorme stapel aan SDE beschikkingen die wordt uitgevoerd. Na het voorlopige jaar record van netto 443 nieuwe projecten in juli 2019 volgden 2 weer iets "mindere" maanden: 403 nieuwe installaties in augustus, 368 in september. Het gemiddelde van de eerste drie kwartalen lag eind september 2019 op netto 342 nieuwe installaties per maand (horizontale gele stippellijn). Dat is al een factor 1,6 maal het kalenderjaar gemiddelde in 2018 (210 stuks/mnd), 2,2 maal dat van 2017 (158 stuks/mnd), resp. 3,3 maal dat van 2016 (105 stuks/mnd).

Wel kunnen deze volumes (evenals die voor de capaciteiten) achteraf nog worden bijgesteld door wijzigingen in de primaire database van CertiQ. De revisie voor 2017 gaf gemiddeld 143 nieuwe installaties per maand (1.717 nieuwe installaties in 2017). 9,5% lager dan uit de oorspronkelijke maand rapportages afgeleid kon worden. Nog steeds is er geen revisie over 2018 verschenen bij CertiQ.

Het nieuwe jaarvolume voor 2017 kwam volgens de maandrapporten uit op 1.898 installaties. In 2018 was dat 2.516 stuks. 2019 zit nu al op 3.082 exemplaren netto, reeds 22% meer volume dan in het gehele voorgaande jaar. Op het vlak van aantallen is er dus ook een duidelijke groei. Wederom hierbij het voorbehoud, dat totale volumes per jaar achteraf kunnen - en zullen - worden bijgesteld door CertiQ.

2. Capaciteit evolutie van gecertificeerde zonnestroom installaties

Voetnoot bij grafiek: de cijfers voor september 2017 zijn na vragen van Polder PV door CertiQ aangepast.
Voor de reden, zie analyse herziening september 2017 rapportage ! Ook voor juli 2019 is het aanvankelijk op 1 augustus 2019
verschenen maandrapport na interventie door Polder PV fors neerwaarts gecorrigeerd in een later gereviseerde versie.

In vergelijking met de groei van de aantallen nieuw geregistreerde gecertificeerde PV projecten (vorige grafiek), gaat het bij de netto toegevoegde capaciteit al een tijdje echt om opvallende, substantieel grotere volumes dan wat we in eerdere jaren hebben gezien. Met name in 2018 en 2019. Na de heftige revisie van het nieuwe netto volume voor juli 2019 volgde een nieuw, met nog wel wat vraagtekens omgeven historisch record van 270,9 MWp in augustus, wat het vorige record in februari dit jaar (165,0 MWp) verpletterde. In september viel de netto nieuwbouw terug naar nog maar 71,9 MWp. Dat lag rond het jaar gemiddelde van het voorgaande jaar, 2018, en was bijna even hoog als de maandelijkse toevoeging in dezelfde maand in dat jaar. Het nieuwe volume ligt wel fors onder het gemiddelde voor de eerste drie kwartalen in 2019. Dat wordt weergegeven door de gele stippellijn en is inmiddels weer wat lager geworden: 116,5 MWp/mnd (tm. aug. 2019 was dit nog 122,1 MWp/mnd).

Dat niveau is al een factor 1,6x groter dan het kalenderjaar gemiddelde in 2018 (70,9 MWp/mnd), 5,1 maal zo groot dan dat in 2017 (22,8 MWp/mnd), en 7,3 maal het gemiddelde volume in 2016 (15,9 MWp/mnd). De verwachting is, dat door voortgaande schaalvergroting in de projecten markt, het gemiddelde volume per maand nog verder zal gaan toenemen.

Het is mogelijk, dat er door CertiQ 1 of, logischer, meer grote zonneparken die in werkelijkheid pas in september aan het net zijn gekoppeld, "per ongeluk" in de resultaten voor augustus is / zijn opgenomen, wat het zeer grote nieuwe volume voor die maand zou kunnen verklaren. Dit blijft echte speculatie, zo lang we de detail data van CertiQ niet kennen. Deze worden sowieso nooit geopenbaard. Foute ingaves van grote projecten door netbeheerders zijn ook nog steeds een mogelijk alternatieve verklaring, om dergelijke hoge nieuwbouw cijfers te kunnen verklaren, gezien het verleden met twee door Polder PV gesignaleerde grote data incidenten (zie onderschrift grafiek).

3. Gemiddelde capaciteit & absolute volumes PV projecten (tot en met) september 2019

Als we uitgaan van de CertiQ cijfers zoals nu gepubliceerd, en "relatief weinig uitstroom" van verwijderde projecten in de data bestanden, en de maandelijkse netto toevoeging van 368 nieuwe installaties, met genoemde 71,9 MWp netto nieuwe capaciteit combineren, zou hier uit resulteren dat een "netto nieuw toegevoegd project" in de september 2019 update een gemiddeld systeem vermogen zou hebben gehad van ruim 195 kWp per stuk (grofweg 651 PV modules à 300 Wp). Dat ligt substantieel lager dan de 672 kWp gemiddeld voor de toevoegingen in augustus. Als de data van CertiQ correct zijn, is het waarschijnlijk dat in augustus meerdere grote zonneparken als "opgeleverd in de databank van de TenneT dochter" moeten zijn bijgeschreven. En dat het volume aan dergelijke grote projecten in september een veel bescheidener omvang heeft gehad.

De gemiddelde nieuwe systeem omvang in de eerste 9 maandrapporten van 2019 komt inmiddels, met 3.082 nieuwe projecten en bijna 1.049 MWp nieuwe capaciteit, op ongeveer 342 kWp (iets lager dan tm. augustus, 360 kWp). Dat is in eerste instantie al 23% meer dan het (voorgaande) record kalenderjaar volume in 2018 (ruim 851 MWp op basis van maand rapportages). Met nog een heel kwartaal te gaan. In dezelfde drie kwartalen in 2018 waren die cijfers nog 1.788 nieuwe installaties, 578 MWp, resp. een gemiddelde systeem omvang van 323 kWp. Ook hier dus weer een sterke groei van zowel de aantallen, als, met name, de daarmee gepaard gaande nieuwe capaciteiten, in de eerste 9 maanden van 2019. Waarbij de project omvang gemiddeld genomen, beperkt, met bijna 6%, verder is toegenomen vanwege de enorme eerdere toevoeging in augustus. Deze verhoudingen kunnen later dit jaar nog wijzigen, vooral omdat er de nodige grote grondgebonden installaties afgerond gaan worden voor het eind van het jaar.

Voor evoluerend systeemgemiddelde bij de totale accumulatie in het CertiQ dossier, zie paragraaf 7.

Wat de absolute volumes betreft: in 2019 zijn tm. september, volgens de maand rapportages, al 72% meer nieuwe projecten bijgeschreven dan in de eerste 9 maanden in 2018. Bij de capaciteit is het inmiddels al 81% meer dan in 2018. De 1.049 MWp nieuwe gecertificeerde capaciteit in de eerste 273 dagen van 2019 is al 4% hoger dan de eindejaars-accumulatie van het jaar 2014 (CBS: 1.007 MWp, totale volume, dus ook grotendeels niet bij CertiQ bekende grote residentiële deelmarkt). En is al 69% van de kalenderjaar toevoeging voor record jaar 2018 (voorlopig cijfer CBS: 1.511 MWp, totale volume). Met nog drie (drukke !) maanden te gaan om het kalenderjaar vol te maken.

4. Kwartaal cijfers CertiQ maandrapportages - QIII afgerond


Groeicijfers per kwartaal. De volumes voor de eerste drie kwartalen in 2019 geven allen nieuwe records t.o.v. de vergelijkbare periodes in 2018. Achtereenvolgens QI 314 MWp (89% meer volume dan in QI 2018), QII 295 MWp (43% meer dan in QII 2018), resp. met september afgerond QIII, een nieuw record kwartaal volume, 440 MWp. Wat maar liefst 115% hoger ligt dan in QIII 2018 (205 MWp).

5. Half-jaar cijfers CertiQ maandrapportages - tm. september 2019


Let s.v.p. ook in deze grafiek op de disclaimer betreffende mogelijke, nog niet "ontdekte" onvolkomendheden van de CertiQ data. De Y-as geeft de nieuw gerapporteerde capaciteiten in MWp, volgens de maandrapportages in de getoonde half-jaren. Op de X-as per kolom de resultaten van de 6 maand rapportages uit de half-jaren (HI = jan. tm. juni; HII = juli tm. december) sinds 2010, tot en met het eerst afgeronde half-jaar voor 2019. Met een voorlopig nieuwe record capaciteit van 608 MWp. Reeds 63% meer dan het volume in de vergelijkbare periode in 2018 (372 MWp). Helemaal rechts de eerste resultaten voor HII 2019, juli-september, toegevoegd, weergegeven als gearceerde kolom waar nog veel volume bij gaat komen (resultaten van de laatste 3 maanden). De eerste 3 maanden van de tweede jaarhelft laten al 440 MWp groei zien. Als het laatste kwartaal minimaal hetzelfde volume gaat brengen, wat waarschijnlijk is gezien de trends, kan er alleen al in de tweede helft van 2019 mogelijk minimaal zo'n 880 MWp bij gaan komen. Wat minimaal 84% groei t.o.v. de tweede jaarhelft van 2018 (479 MWp) zou kunnen gaan opleveren. Ook hieruit blijkt wederom, dat de groei in het CertiQ dossier fenomenaal is, zoals al enkele jaren door mij in andere vormen gerapporteerd.

6. Accumulatie van gecertificeerde PV capaciteit


De trendlijn in de grafiek is in deze update (september 2019) gelijk gehouden aan die voor de voorgaande versie (rood: 5e graads polynoom, "best fit"). Piketpalen voor volumes van, inmiddels, telkens 400 MWp, zijn met vertikale blauwe stippellijnen aangegeven. In 2018 vond er een duidelijke versnelling van de gerapporteerde capaciteiten plaats, culminerend in een record toevoeging in december.

In 2019 ging het rap verder met de toevoegingen, van ruim 51 MWp in januari, tot een nieuw maand record van 270,9 MWp in augustus. Met de "relatief bescheiden" extra bijna 72 MWp in september, bereikte de zonnestroom databank van CertiQ een geaccumuleerde gecertificeerde capaciteit van 2.571,9 MWp. Het bereiken van de eerste "gecertificeerde" GWp kostte sinds eind 2009, toen er nog slechts 22 MWp PV capaciteit bij CertiQ bekend was (gecertificeerd), 8 een een half jaar. De tweede GWp heeft minder dan een jaar gekost. En gezien de snel in te vullen enorme SDE portfolio's, zal de derde GWp nog rapper worden behaald.

Het bereikte volume van bijna 2,6 GWp in het september rapport is reeds een factor 117 maal het volume eind 2009 (22 MWp). En al 19,9 maal het volume in juni 2015 (129,5 MWp), vlak voordat de hoge groei bij CertiQ manifest werd. De tussenpozen tussen het bereiken van de nieuwe "400 MWp" piketpalen bij de geaccumuleerde gecertificeerde PV capaciteiten zijn de afgelopen drie jaar steeds korter geworden. Voor een nieuwe prognose voor eind 2019, gebaseerd op dit diagram, zie de laatste grafiek in dit artikel.

7. Evolutie systeemgemiddelde capaciteit bij accumulaties CertiQ dossier


Met de aanhoudend forse groei van de accumulatie van (gecertificeerde) zonnestroom capaciteit, blijft ook de gemiddelde projectgrootte nog steeds sterk groeien in de cijfers van CertiQ. Zoals weergegeven in bovenstaande grafiek, met een "best fit" 4e graads polynoom als trendlijn (rood). Het systeemgemiddelde nam vorig jaar al sterk toe, van 46,6 kWp (eind december 2017) naar 89,9 kWp gemiddeld eind 2018. In januari tm. september 2019 groeide het verder, van 91,5 naar zelfs 128,4 kWp. Dit is inmiddels ruim een factor 22 maal het gemiddelde begin 2010. En is al een factor 8,6 maal zo hoog dan de minimum omvang waarvoor een SDE "+" project sedert SDE 2011 (volgens wettelijk voorschrift) wordt geaccepteerd door RVO (15 kWp, blauwe stippellijn).

In het maand rapport van maart 2019 is de gemiddelde systeemgrootte bij de accumulatie aan gecertificeerde PV installaties bij CertiQ voor het eerst boven de 100 kWp gekomen.

De gemiddelde systeemgrootte van de netto toevoegingen in de september 2019 rapportage lag op een hoger niveau, 195 kWp (paragraaf 3). Het gemiddeld hoge niveau wordt structureler, omdat er steeds meer zeer grote (druppelsgewijs ook grondgebonden) projecten worden opgeleverd.

Dat het in de grafiek getoonde gemiddelde voor alle geaccumuleerde projecten bij elkaar een stuk lager ligt dan bij de maandelijkse toevoegingen, komt door het blijvend "drukkende effect" van de duizenden kleine residentiële PV installaties uit de eerste 3 SDE regelingen (vaak met een omvang van maar een paar kWp per stuk). De verwachting is, dat dit effect op het totale systeemgemiddelde nog lang zal aanhouden gezien hun volume. Pas als er continu véél, en ook zeer grote fysiek opgeleverde nieuwe SDE projecten gaan cq. blijven instromen bij CertiQ, zal dat effect (deels) worden opgeheven. Daarbij s.v.p. niet vergeten dat de duizenden kleine residentiële installaties ook voor 15 jaar een SDE (2008-2010) beschikking hebben (zie grafiek met de actuele aantallen per grootte categorie). Dus het gros daarvan zal beslist nog tot en met 2023 in dienst zijn, en geregistreerd blijven bij CertiQ. Zonder registratie immers géén (voorschot-betalingen voor) SDE subsidie meer.

8. Totaal CertiQ volume - extrapolatie tm. eind 2019

De verwachting is, dat Nederland in 2019 weer een record jaar tegemoet zal gaan zien, uiteraard vooral ook weer binnen de zwaar door SDE subsidies gedreven projecten markt. De grote vraag is natuurlijk: hoe "groot" wordt het CertiQ volume dit jaar? Gesproken wordt over mogelijk 2 GWp nieuwbouw voor heel Nederland, inclusief de gecertificeerde volumes (bijna uitsluitend SDE projecten), en de grote volumes aan residentiële en niet, of anderszins gesubsidieerde projecten. Hier onder ga ik daar wat alleen het CertiQ volume betreft (!) weer op in, met een nieuwe extrapolatie tot en met eind 2019. Dit, n.a.v. de blijvend hoge groei bij de accumulatie van de capaciteit, inclusief de nieuwe record toevoeging voor augustus, en het bescheiden volume voor september.


De voorlaatste keer dat ik een dergelijke extrapolatie grafiek maakte, was voor het eindejaars-volume van 2018 op basis van het november rapport dat jaar, waarbij ik destijds uitkwam op - zeer conservatief geschat - zo'n 1.470 MWp eind van het jaar. Het werd in het voorlopige (eerste) jaar rapport van CertiQ zelfs 1.523 MWp (weergegeven in de grafiek), dus ik was inderdaad "conservatief". En het zal, gezien de update historie van CertiQ, mogelijk zelfs nog meer gaan worden in een later dit jaar te verwachten, nog steeds niet verschenen update / revisie van de cijfers over 2018.

In de huidige extrapolatie grafiek hier boven doe ik een nieuwe poging, ditmaal voor eind 2019, inclusief de laatste update voor september dit jaar. Daarvoor heb ik wederom een rechtlijnige trendlijn vanaf de sterke groeiperiode (eind juni 2015, 129,5 MWp) via het laatst bekende maand resultaat (sep. 2019, 2.571,9 MWp) doorgetrokken naar de achterste blauwe vertikale stippellijn (peildatum eind 2019), waarbij ik op zo'n 2.715 MWp accumulatie kom (20 MWp hoger dan in de vorige inschatting op basis van de resultaten tm. de augustus rapportage, 2.695 MWp). Gaan we, logischer, uit van de best fit trendlijn door de maand resultaten, een (aangepast) 4e graads polynoom (rode curve), en bepalen we daarvan het snijpunt met genoemde blauwe stippellijn, komen we een stuk hoger uit, op zo'n 2.925 MWp (echter 115 MWp lager t.o.v. de vorige inschatting, 3.040 MWp, met name vanwege een aanpassing in Excel, voor een beter passende extrapolatie curve). Als we van deze twee extrapolaties weer, conservatief, het gemiddelde nemen, komen we op ongeveer 2.820 MWp als voorlopige "educated guess" voor het geaccumuleerde CertiQ volume, eind dit jaar (circa 50 MWp lager dan in vorige schatting, 2.870 MWp).

Gezien de hausse aan in bouw zijnde zonneparken, deels dit jaar nog op te leveren, zal dit een conservatieve inschatting zijn. Als we genoemde 2.820 MWp EOY 2019 aannemen, en daar het voorlopige EOY cijfer voor 2018 (minimaal 1.523 MWp) van af trekken, zou het "nieuwe gecertificeerde jaarvolume" al minimaal bijna 1.300 MWp kunnen omvatten. Waarschijnlijk is / wordt dat een absolute bottom-line.

9. Potentieel nieuw totaal volume 2019 - tweede poging

In de update tm. augustus heb ik een eerste "serieuzere" poging gedaan om te komen tot een onderbouwde prognose voor de mogelijk totale nieuwbouw van PV capaciteit in 2019 in Nederland. Zie daar voor de wijze van berekenen / afschatten. Hier onder geef ik kort de aangepaste cijfers weer, met medename van de resultaten voor september 2019 voor de CertiQ data. De eerste deel berekening geeft als resultaat dat het nationale volume van PV capaciteit achter kleinverbruik (KVB) aansluitingen voor alle netbeheerders eind 2018 grofweg zo'n 2.024 MWp kan zijn geweest. En dat de jaargroei in 2018 ongeveer zo'n 1 GWp zou moeten zijn in het KVB segment. Wat hoogstwaarschijnlijk, gezien de onstuimige ontwikkelingen in de PV markt voor woningen (incl. huur sector en nieuwbouw), ook een minimaal niveau zal worden voor 2019.

Gecombineerd met het hier boven afgeschatte nieuwe volume van 1,3 GWp aan uitsluitend gecertificeerde capaciteit (GVB aansluitingen, CertiQ dossier ge-extrapoleerd), geeft dit een potentieel totaal nieuw jaar volume van minimaal (!) 2,3 GWp voor kalenderjaar 2019 (GVB + KVB). Ondanks diverse aannames bij deze berekening, lijkt hiermee duidelijk, dat de al wat langer in de Nederlandse markt rondzingende "mogelijk 2 GWp groei in 2019" aan de conservatieve kant kan liggen. Want we hebben hierbij nog geen rekening gehouden met een forse groei van (ook) het residentiële segment in 2019, zoals de cijfers van Enexis kristalhelder laten zien in de update van juli dit jaar. Ergo: zelfs 2,3 GWp jaargroei in 2019 kan een minimum scenario blijken te zijn.

10. Gecertificeerde zonnestroom productie tm. augustus 2019

De "gemeten" producties van gecertificeerde zonnestroom worden door CertiQ ook in hun maand rapportages weergegeven. Dit zijn, wederom, altijd minimum inschattingen, omdat er vaak nog de nodige productie cijfers "na worden geleverd". Ook augustus 2019, het laatst beschikbare cijfer tot nog toe bekend gemaakt, heeft, na het nieuwe historisch record volume in juni, weer een hoog volume aan reeds gecertificeerde productie opgeleverd. Wat, gezien de voortdurend hoge nieuwe capaciteit toevoegingen natuurlijk helemaal niet vreemd is.

In bovenstaande grafiek in magenta de geaccumuleerde gecertificeerde PV capaciteit in de CertiQ databank, cumulerend in, voorlopig, 2.571,9 MWp in het september 2019 rapport (geel omrand punt rechtsboven, referentie: linker Y-as). Het tweede record was eerder in juni 2019 gevestigd, zie het rood omrande datapunt in de blauwe curve, rechts bovenaan (referentie: rechter Y-as, in GWh garanties van oorsprong toegekend per maand). Dat gaf al een volume aan van 278,1 GWh (met ook nog forse opwaartse bijstellingen te verwachten). Voor deze maand is nu dus al 68% meer gemeten productie bekend, dan in de "voormalige topmaand" juli 2018 (165,2 GWh). Het ligt in de lijn der verwachting, dat de volumes aan GvO's uit te geven voor minimaal de maanden mei tm. juli 2020 daar alweer in zeer substantiële mate overheen zullen gaan. Aangezien er tegen die tijd een forse hoeveelheid nieuwe capaciteit bij zal zijn gekomen, waarvan de extra productie meegenomen gaat worden...

Ook de gecertificeerde productie in augustus 2019 lag, net als het volume in juli, niet ver onder het nieuwe record in juni: 267,3 GWh aan nieuwe GvO's werden reeds door CertiQ uitgegeven. Ook dat volume zal later opwaarts worden bijgesteld. De verwachting is wel, dat vanaf september 2019 de hoeveelheden in de natuurlijke seizoens-cyclus weer snel omlaag zullen gaan totdat de herfst/winter periode is verstreken.

Rechts onderaan in de grafiek zijn de vier "winter-dips" zichtbaar (blauwe pijlen). Deze worden steeds "hoger", vanwege de continu toenemende capaciteiten, en de daarmee gepaard gaande - relatief geringe winterse - producties in die maanden, die bovenop de producties van de al langer bestaande installaties worden gestapeld.

Voor oudere kalender jaarcijfers van CertiQ, zie cijfer pagina "Zonnestroom in Nederland: gecertificeerd vermogen CertiQ 2018 - belangrijkste grafieken zonnestroom. Status update: 2018 1e versie" (er zijn nog steeds géén gereviseerde cijfers over 2018 bekend van de TenneT dochter)

Data: CertiQ maandrapportages (maandelijkse analyse updates door Polder PV)


 
^
TOP

8 oktober 2019: Late CertiQ update augustus 2019 - record* groei gecertificeerde zonnestroom capaciteit, hoge productie juli 2019, mogelijk naar 2,4 GWp groei "totaal" PV in 2019? Vanwege - waarschijnlijk welverdiende - vakantie, en late publicatie door TenneT dochter CertiQ, vandaag een update van de stand van zaken rond gecertificeerde zonnestroom (grotendeels SDE gesubsidieerd) in Nederland. In augustus is een nieuw record volume* van 270,9 MWp toegevoegd aan de registers voor (alleen) gecertificeerde zonnestroom capaciteit bij CertiQ, verdeeld over een hoog volume aantal nieuwe installaties, 403 exemplaren. CertiQ rondde augustus af met een geaccumuleerd volume van reeds 2,5 GWp aan gecertificeerde PV capaciteit in Nederland. Op basis van de laatst beschikbare data voor 2019, doet Polder PV voor het eerst een serieuzere poging om het potentieel aan totale jaargroei voor kalenderjaar 2019 vast te stellen - en komt daarbij uit op een opmerkelijk eerste resultaat van mogelijk minimaal 2,4 GWp nieuwe capaciteit.

* Disclaimer: Status officiële CertiQ cijfers volgens maand rapportages !

I.v.m. omvangrijke toevoegingen sedert 2018 aan dit dossier (vrijwel exclusief gedreven door grote hoeveelheden, SDE gesubsidieerde, en steeds groter wordende PV projecten), in combinatie met 2 ernstige data "incidenten" bij CertiQ (september 2017 resp. juni 2019), die Polder PV meldde aan de TenneT dochter (waarna substantiële correcties werden gepubliceerd), sluit de beheerder van de PPV website niet uit, dat de huidige status bij CertiQ niet (volledig) correct zal kunnen zijn.

Met name foute capaciteit opgaves van netbeheerders voor "kleinere" projecten kunnen, ondanks aangescherpte controles bij CertiQ, aan de aandacht blijven ontsnappen en over het hoofd worden gezien. Maar ook cijfermatige incidenten met opgaves van volumes van grotere projecten kunnen nog steeds niet uitgesloten worden. Deze laatsten zullen, indien onverhoopt optredend, hoge impact hebben op het volume aan maandelijkse toevoegingen, en ook, zei het in relatieve zin beperkter, invloed hebben op de totale accumulatie van gecertificeerde PV capaciteit aan het eind van de betreffende maand rapportage.

In de hier onder volgende analyse worden, als vanouds, voor uitsluitend (gecertificeerde) zonnestroom de volgende data gepresenteerd in historische context. Het rapport voor augustus, wat pas op 25 september werd gepubliceerd i.p.v., zoals te doen gebruikelijk, in de eerste week van de opvolgende maand, geeft wederom een spectaculair nieuw groei volume zien. Vermits er weer geen (ernstige) foute volume opgaves door netbeheerders zijn gedaan, zoals ook in bovenstaande (nieuwe) disclaimer voor deze data update staat aangegeven. Want als er onverhoopt weer dergelijke fouten zijn gemaakt door 1 of meerdere netbeheerders, kan het "record volume" beslist veel minder hoog zijn geweest dan CertiQ tot nog toe heeft vastgesteld.

Wat de maandelijkse toevoegingen (of: tijdelijke afnames) van aantallen installaties betreft in bovenstaande grafiek, rode curve, met als referentie de linker Y-as, zijn er in augustus 2019 - wederom een hoog volume - netto 403 nieuwe PV projecten bij gekomen. Veertig installaties minder dan het tot nog toe record van 443 exemplaren in juli, maar wel met veel meer capaciteit (zie verderop). Kijken we naar het voortschrijdend gemiddelde per kalenderjaar, zit er al langere tijd weer een stijgende lijn in, sedert medio 2017, met minder opvallende uitschieters naar boven of naar onder. Maximaal zo'n 300 nieuwe installaties per maand leek "de trend" bij CertiQ, het afgelopen jaar. Gezien de enorme "berg" aan uitgegeven beschikkingen onder de zes laatste SDE "+" regimes (zie laatste revisie), die binnen anderhalf tot drie jaar tijd gerealiseerd moeten worden, is het niet vreemd, dat ook de aantallen project realisaties weer zijn toegenomen. De laatste maanden is het tempo zelfs beduidend omhoog gegaan, en ligt het alweer rond de 400 projecten nieuw per maand.

De jaar gemiddeldes in de (deels verouderde) maand rapportages lagen achtereenvolgens voor 2016 op 105 nieuwe projecten per maand, in 2017 158, en het - voorlopige - gemiddelde in 2018 is op 210 stuks per maand gekomen. In de eerste acht maanden van 2019 ligt het gemiddelde, inmiddels 339 stuks/mnd, daar dus al fors boven (dat was in juli nog 330). Neem echter goed notie van het feit, dat zowel de aantallen als de capaciteiten later in jaarlijkse revisies worden bijgewerkt door CertiQ. Voor de medio 2018 verschenen update voor 2017 lag deze op gemiddeld 143 nieuwe installaties per maand (1.717 nieuwe installaties in 2017). 9,5% lager dan uit de oorspronkelijke maand rapportages afgeleid kon worden. Altijd moeten gepubliceerde Nederlandse solar statistieken met prudentie worden genoten, omdat veel data achteraf nog (fors) kunnen worden bijgesteld vanwege trage administratieve processen. Nog steeds is er geen revisie over 2018 verschenen bij CertiQ.

De accumulatie is te zien aan de blauwe kolommen curve in bovenstaande grafiek (referentie: rechter Y-as) die, na het "plateau" in 2013-2015, de laatste 4 jaar weer opvallend is gaan stijgen. De curve geeft eind augustus 2019 een accumulatie van 19.660 gecertificeerde PV projecten in de database van CertiQ (gemarkeerd data punt rechts bovenaan). De 15.000 stuks werd in april 2018 overschreden. Als het huidige forse tempo van plm. 400 installaties nieuw per maand aanhoudt, zal in het rapport over september het niveau van 20.000 gecertificeerde PV installaties zijn bereikt. Uiteraard is dit nog steeds een zeer gering aandeel op het totaal aantal PV systemen in Nederland, wat mogelijk al over niet al te lange tijd richting de 1 miljoen stuks gaat (nog steeds dominant residentieel / op woningen). Bij de capaciteit is het echter een heel ander verhaal, daarbij zal de projecten markt op termijn de residentiële sector in gaan halen.

In de grafiek zijn ook 2 belangrijke startdata opgenomen die tot de sterke groei van de bijschrijvingen in de CertiQ databanken hebben bijgedragen: (1) de start van de eerste SDE regeling op 1 april 2008 (in de eerste 3 jaar, met vertraging, met name heel veel residentiële installaties ingeschreven), en (2) de start van de eerste "SDE +" regeling (SDE 2011, per 1 juli 2011). Waarbij de "bovencap" van 100 kWp per aanvraag werd ge-elimineerd, en er, na een periode van vertraagde oplevering (en eerder gesignaleerde aberratie in 2013-2015, periode van her-inschrijvingen), een begin werd gemaakt met de vele duizenden grote(re) projecten. Met name op bedrijfs-daken, rooftops op diverse typen instellingen, en, de laatste jaren tevens, stapsgewijs, op de grond (en in enkele gevallen zelfs drijvend op het water).

Zie ook de volgende grafiek voor de trends per jaar bij de aantallen installaties / projecten, op basis van de maand rapportages. NB, voor alle CertiQ data geldt: Netto effect = aantal bijschrijvingen minus het aantal uit de CertiQ databank verwijderde PV-projecten per maand.

Grafiek met de variatie in de (netto) groei van de aantallen installaties per maand (rapport) bij CertiQ. De fluctuaties kunnen fors zijn. Het gemiddelde installatie niveau is sedert 2011 behoorlijk terug gevallen, werd in de grafiek door de her-registratie operatie in 2013-2015 flink vertroebeld, maar trekt zeker de laatste jaren weer aan. De door CertiQ gerapporteerde 12 maanden van 2018 laten weer een behoorlijke maandelijkse groei van de aantallen nieuwe registraties zien. Met als kers op de taart het maandrecord van november voor dat jaar (netto 298 nieuwe projecten, hoogste paarse kolom rechts). Na tegenvallend december, met "slechts" 189 netto nieuwe projecten, zijn inmiddels de eerste 8 maanden van 2019 toegevoegd (252, 245, 301, 268, 373, 429, 443 [voorlopig - nieuwe "jaar record" in juli], tot 403 nieuwe projecten in augustus). Het eerste kwartaal gemiddelde kwam in 2019 op 266 nieuwe installaties netto per maand, het tweede kwartaal eindigde op een gemiddelde van al 357 stuks per maand. In de eerste 2 maanden van het derde kwartaal werden alweer gemiddeld 423 projecten per maand gescoord. Van januari tm. augustus 2019 is het gestegen naar 339 installaties gemiddeld nieuw per maand (horizontale gele stippellijn).

Het gemiddelde voor de maand rapportages kwam voor het kalenderjaar 2018 een stuk lager uit, op 210 nieuwe projecten per maand. Voor de afgeronde kalenderjaren 2016 en 2017 waren die gemiddeldes 105 resp. 158 stuks per maand (bijpassende gekleurde horizontale stippellijnen). Gemiddeld genomen nam het niveau in de maand rapportages in 2018 dus toe met 33% t.o.v. dat in 2017. En dat gaat behoorlijk toenemen bij gelijkblijvende trend in 2019, waarvoor nog 4 maanden aan cijfers toegevoegd moet gaan worden.

Het nieuwe jaarvolume voor 2018 is gekomen op 2.516 installaties. In 2017 was dat nog maar 1.898 (volgens de maand rapportages), 2019 zit nu al op 2.714 exemplaren netto. Op het vlak van aantallen is er dus ook een duidelijke groei. Wederom hierbij het voorbehoud, dat totale volumes per jaar achteraf kunnen - en zullen - worden bijgesteld door CertiQ. Bijgestelde data voor 2018 komen we - hopelijk - pas later dit jaar te weten.

Dat er weer "aardige" aantallen nieuwe bij CertiQ geregistreerde projecten zijn te zien is voor een aanzienlijk deel te wijten aan de lopende realisaties van omvangrijke volumes onder de diverse SDE "+" regelingen beschikte PV projecten. Voor een overzicht van de beschikkingen en "officiële" realisaties, zie de door Polder PV gepubliceerde analyse van RVO cijfers van 5 augustus jl. De grootste groei zit hem echter de laatste jaren niet zozeer in het "aantal" installaties, maar met name in de opgestelde productie capaciteit, wat daarmee wordt ingebracht. Dat stijgt ronduit spectaculair, zoals we hier onder weer zullen zien. Dat heeft alles te maken met het feit dat het om (gemiddeld en absoluut) véél grotere PV projecten gaat dan wat enkele jaren geleden "gebruikelijk" was voor Nederland. Zie ook de paragraaf "schaal vergroting" in de laatste project update van Polder PV, met peildatum 9 aug. 2019 (hier).

Hier bovenop zijn de nu daadwerkelijk fysiek gebouwde grondgebonden zonneparken gekomen. Die stuk voor stuk bij CertiQ worden aangemeld, en die met hun enorme capaciteit volumes in de databank worden opgenomen. In december 2018 is op dit punt alweer een nieuwe mijlpaal bereikt bij de toevoegingen. Januari 2019 deed het wat rustiger aan. Februari liet een nieuw record zien. In de opvolgende zes maanden werden wisselend hoge (maart, april, juni en juli) en "iets minder hoge" volumes (mei) bijgeschreven door CertiQ. Waarvan augustus - hier uiteraard de bovenaan dit artikel gepubliceerde disclaimer in gedachten houdend - een absoluut nieuw capaciteits record heeft laten zien:


Voetnoot bij grafiek: de cijfers voor september 2017 zijn na vragen van Polder PV door CertiQ aangepast.
Voor de reden, zie analyse herziening september 2017 rapportage ! Ook voor juli 2019 is het aanvankelijk op 1 augustus 2019
verschenen maandrapport na interventie door Polder PV fors neerwaarts gecorrigeerd in een later gereviseerde versie.

Weer hoge maandelijkse toevoegingen in 2018 en, vooral, 2019
In vergelijking met de groei van de aantallen nieuw geregistreerde gecertificeerde PV projecten (vorige grafiek), gaat het bij de netto toegevoegde capaciteit al een tijdje echt om opvallende, substantieel grotere volumes dan wat we in eerdere jaren hebben gezien. Het verloop van de kolommen in 2018 is sterk verschillend van de situatie bij de "aantallen" projecten! Voor 2018 (paarse kolommen) waren de volumes "ongekend hoog", culminerend in het - voorlopig - laatste record in december (netto +125,5 MWp toegevoegd).

Januari 2019 begon "relatief rustig", met 51,1 MWp netto nieuw toegevoegd volume. Februari voegde wederom een nieuw record volume toe van 165,0 MWp. Maart en april volgden met 97,6 MWp, resp. 104,6 MWp nieuw volume. Mei voegde een duidelijk subgemiddelde nieuwe capaciteit toe, 79,9 MWp. 24% lager dan de groei in april. En ver onder het gemiddelde voor de eerste 8 maanden van 2019 (horizontale gele stippellijn). In juni ging het gas er weer op, en werd er 110 MWp netto nieuw volume toegevoegd, 38% meer dan in de voorgaande maand, gevolgd door een iets minder hoog volume van bijna 98 MWp in juli (na heftige revisie !)

Wederom record toevoeging (?) in augustus rapportage CertiQ
Met de huidige stand van zaken, en hierbij aannemend dat de netbeheerders correcte data hebben aangeleverd, heeft CertiQ in augustus een nieuw record volume toegevoegd van maar liefst
270,9 MWp. Deze zeer hoge toevoeging is alweer 64% hoger dan het voorgaande record van februari dit jaar, 165 MWp. En het resulteert inmiddels in een maand gemiddelde in de eerste acht maanden van 122,1 MWp. Dat is al 72% meer dan het kalenderjaar gemiddelde voor de 12 maand rapportages in 2018 (bijna 71 MWp/mnd, paarse stippellijn in de maandelijkse nieuwbouw grafiek hier boven).

Plausibel ? Het nieuwe volume is zeer hoog. Als ik in mijn projecten lijst met grondgebonden zonneparken kijk, zouden voor genoemde augustus rapportage, eventueel iets verlaat, slechts netgekoppelde parken met een gezamenlijk vermogen van zo'n 125 MWp in aanmerking kunnen komen (alleen de grotere exemplaren, de kleinere exemplaren voegen niet zeer veel volume meer toe). Dan blijft er voor "overig" (kleinere zonneparken en een zeer substantieel volume aan SDE gesubsidieerde rooftop projecten) een nog steeds grote hoeveelheid van ruim 145 MWp over voor - uitsluitend - de augustus rapportage. Ik vind dit volume vrij extreem, zelfs als ik in aanmerking neem dat ik nog "een paar" grote zonneparken "gemist" zou kunnen hebben. Wat ik echter niet aannemelijk vind, gezien mijn lang-jarige ervaring met de evolutie van de Nederlandse statistiek cijfers. Of er zijn grote projecten aangemeld die nog niet formeel opgeleverd (netgekoppeld) waren, wat echter tot de categorie speculaties behoort. Conclusie: het "rest " volume is zeer hoog, en het is dus mogelijk dat er alsnog "foute ingave entries" voor grote projecten verscholen zitten in de (augustus) CertiQ data. Vandaar dat er vanaf de huidige update een disclaimer* is toegevoegd aan de maandelijkse Polder PV analyses van de CertiQ data.

Gemiddelde capaciteit PV projecten augustus 2019
Als we uitgaan van de CertiQ cijfers zoals nu gepubliceerd, en "relatief weinig uitstroom" van verwijderde projecten in de data bestanden, en de maandelijkse netto toevoeging van 403 nieuwe installaties, met genoemde 270,9 MWp netto nieuwe capaciteit combineren, zou hier uit resulteren dat een "netto nieuw toegevoegd project" in de augustus 2019 update een gemiddeld systeem vermogen zou hebben gehad van ruim 672 kWp per stuk (grofweg 2.240 PV modules à 300 Wp). Dat ligt weer bijna op het niveau van het nieuwe record gemiddelde in februari (674 kWp/installatie).

Kwartaal cijfers CertiQ maandrapportages - 2e cijfer QIII bekend, Bingo !


In deze voor het maart 2019 overzicht voor het eerst gepresenteerde nieuwe grafiek heb ik op een rijtje gezet wat de groeicijfers zijn geweest van de nieuwe capaciteit voor gecertificeerde PV installaties in de CertiQ databank, per kwartaal. QII 2019 (april tm. juni 2019 accumulatie) is compleet, de cumulatie voor de eerste 2 maanden van QIII, juli en augustus 2019, heb ik rechts toegevoegd. Het tweede kwartaal van 2019 bracht weliswaar een hoog volume van 295 MWp in, maar haalde het nog hogere niveau van het eerste kwartaal dit jaar (314 MWp) net niet. Het nog niet afgeronde derde kwartaal van 2019 gaat echter al met 18% over het vorige record heen (369 MWp), met nog 1 maand rapportage te gaan (september).

Houdt ook rekening met het feit dat in de jaren 2013 - 2014 er nog vreemde zaken met de maand cijfers kunnen zijn geschied, i.v.m. de toen hoge impact hebbende her-registratie operatie. Waardoor - voor die tijd - veel capaciteit tijdelijk is "verdwenen", en op een later tijdstip weer is toegevoegd (exclusief de toen niet meer her-ingeschreven installaties). Echter, t.o.v. de later gerapporteerde, zeer hoge volumes, "verzuipen" die oudere cijfers in het geheel. Ze stellen momenteel weinig meer voor.

In de eerste 8 maanden van 2019 werden - netto - 2.714 nieuwe projecten gemeld door CertiQ, met een gezamenlijke - netto - record capaciteit van bijna 977 MWp. Derhalve was de gemiddelde nieuwe systeem omvang in deze periode ongeveer 360 kWp (iets lager dan in alleen het eerste kwartaal, 393 kWp). In de eerste acht maanden van 2018 waren die cijfers nog 1.599 nieuwe installaties, 503 MWp, resp. een gemiddelde systeem omvang van 314 kWp. Ook hier dus weer een sterke groei van zowel de aantallen, als de daarmee gepaard gaande nieuwe capaciteiten, in de eerste acht maanden van 2019. Waarbij de project omvang gemiddeld genomen, vooral door de enorme toevoeging in augustus, is toegenomen, met een substantiële 15% (in vorige update nog minus 5%). Deze verhoudingen kunnen later dit jaar nog wijzigen, vooral omdat er de nodige grote grondgebonden installaties afgerond gaan worden voor het eind van het jaar.

Wat de absolute volumes betreft: in 2019 zijn, volgens de maand rapportages, al 70% meer nieuwe projecten bijgeschreven dan in de eerste acht maanden in 2018. Bij de capaciteit is het inmiddels al 94% meer dan in 2018, bijna het dubbele volume. De 977 MWp nieuwe gecertificeerde capaciteit in de eerste 243 dagen van 2019 is al bijna even hoog als de eindejaars-accumulatie van het jaar 2014 (CBS: 1.007 MWp, totale volume, dus ook grotendeels niet bij CertiQ bekende grote residentiële deelmarkt). En is al 65% van de kalenderjaar toevoeging voor record jaar 2018 (voorlopig cijfer CBS: 1.511 MWp, totale volume). Met nog vier maanden te gaan om het kalenderjaar vol te maken.

Nieuwe grafiek - half-jaar cijfers CertiQ maandrapportages - tm. augustus 2019
Om de volume groei in 2019 nog iets "scherper" op het netvlies te krijgen, heb ik de in een vorige update ingevoerde nieuwe grafiek, met de volume groei (MWp) per half jaar over dezelfde periode als de "kwartaal-grafiek" hierboven getoond, ook voorzien van de eerste resultaten voor het tweede half jaar (juli-augustus 2019 toegevoegd). Dan krijgen we dit resultaat:


Op de x-as de resultaten van de 6 maand rapportages uit de half-jaren (HI = jan. tm. juni; HII = juli tm. december) sinds 2010, tot en met het eerst afgeronde half-jaar voor 2019. Helemaal rechts de eerste resultaten voor HII 2019, juli-augustus, toegevoegd, weergegeven als gearceerde kolom waar nog veel volume bij gaat komen. De Y-as geeft de nieuw gerapporteerde capaciteiten in MWp, volgens de maandrapportages in de getoonde half-jaren. De groei in het CertiQ dossier is fenomenaal, zoals al enkele jaren door mij in andere vormen gerapporteerd. Voor eerste commentaar op deze nieuwe grafiek, zie een voorgaande versie voor juni 2019. Let s.v.p. op de disclaimer betreffende mogelijke, nog niet "ontdekte" onvolkomendheden van de CertiQ data.



Accumulatie van gecertificeerde PV capaciteit
De trendlijn in de grafiek is in deze update (augustus 2019) gelijk gehouden aan die voor de voorgaande versie (rood: 5e graads polynoom, "best fit"). Piketpalen bereiken volumes van, inmiddels, telkens 400 MWp met vertikale blauwe stippellijnen aangegeven. Een nieuwe piketpaal is rechts toegevoegd.

Na het bereiken van de halve GWp aan gecertificeerde zonnestroom capaciteit in het rapport van mei 2017 ging de groei verder, en na de heftige "correctie" t.a.v. het september 2018 rapport, op een behoorlijk consistent, gemiddeld hoog niveau in de laatste maand rapportages. In het juni 2018 rapport werd eindelijk de eerste "Gieg" in de CertiQ annalen bereikt voor zonnestroom capaciteit. In 2018 vond er een duidelijke versnelling van de gerapporteerde capaciteiten plaats, culminerend in een record toevoeging in december.

Na de "relatief bescheiden" toevoeging van ruim 51 MWp in januari, het toen nieuwe record volume van 165,0 MWp in februari, de 97,6 MWp in maart, en een extra 104,6 MWp in april, 79,9 MWp in mei (waarmee de 2 GWp piketpaal aan accumulatie werd gepasseerd), 110 MWp in juni, het fors gecorrigeerde volume van 97,6 MWp in juli, gevolgd door een nieuw maand record van 270,9 MWp in augustus, bereikte de zonnestroom databank van CertiQ een geaccumuleerde gecertificeerde capaciteit van (mogelijk afgerond) 2.500,0 MWp. Het bereiken van de eerste "gecertificeerde" GWp kostte sinds eind 2009, toen er nog slechts 22 MWp PV capaciteit bij CertiQ bekend was (gecertificeerd), 8 een een half jaar. De tweede GWp heeft minder dan een jaar gekost. En gezien de snel in te vullen enorme SDE portfolio's, zal de derde GWp nog rapper worden behaald.

Het bereikte volume van 2,5 GWp in het augustus rapport is reeds een factor 114 maal het volume eind 2009 (22 MWp). En al 19,3 maal het volume in juni 2015 (129,5 MWp), vlak voordat de hoge groei bij CertiQ manifest werd. De tussenpozen tussen het bereiken van een nieuwe "100 MWp" grens bij de geaccumuleerde gecertificeerde PV capaciteiten zijn de afgelopen drie jaar in ieder geval steeds korter geworden. Ik heb, vanwege de forse groei, deze in de grafiek sedert het rapport van augustus 2018 aanvankelijk vervangen door "piketpalen" voor het bereiken van, telkens, 200 MWp aan volume groei. Die groei is echter het laatste jaar alweer zo hard gegaan, dat ik de piketpalen heb vervangen door exemplaren voor elke 400 MWp bij de accumulatie. Evident is, dat de afstanden tussen de vertikale blauwe stippellijnen bij het bereiken van een nieuwe hoeveelheid van 400 MWp steeds korter zijn geworden. De vraag is hoe lang deze enorme versnelling in de capaciteitsgroei kan - en zal - aanhouden in het CertiQ dossier. Voor een nieuwe prognose voor eind 2019, zie de laatste grafiek in dit artikel.



Systeemgemiddelde capaciteit
Met de aanhoudend forse groei van de accumulatie van (gecertificeerde) zonnestroom capaciteit, blijft ook de gemiddelde projectgrootte nog steeds sterk groeien in de cijfers van CertiQ. Zoals weergegeven in bovenstaande grafiek, met een "best fit" 4e graads polynoom als trendlijn (rood). Het systeemgemiddelde nam vorig jaar al sterk toe, van 46,6 kWp (eind december 2017) naar 89,9 kWp gemiddeld eind 2018. In januari tm. augustus 2019 groeide het verder, van 91,5 naar zelfs 127,2 kWp. Dit is inmiddels een factor 22 maal het gemiddelde begin 2010. En is al een factor 8,5 maal zo hoog dan de minimum omvang waarvoor een SDE "+" project sedert SDE 2011 (volgens wettelijk voorschrift) wordt geaccepteerd door RVO (15 kWp, blauwe stippellijn). Een minimum wat mogelijk nog "opgetrokken" gaat worden voor nieuwe aanvragen onder, mogelijk, de najaars-ronde van SDE 2019? Zie het voorspel in de bespreking van de kamerbrief van Min. Eric Wiebes. Onder SDE 2018 II gold nog de bestaande ondergrens van 15 kWp. En ook in de voorjaars-ronde voor SDE 2019 blijkt die geplande verhoging nog niet te zijn gematerialiseerd (zie tabel 7 in de 21 pagina's tellende kamerbrief van 21 december 2018).

In het maand rapport van maart 2019 is de gemiddelde systeemgrootte bij de accumulatie aan gecertificeerde PV installaties bij CertiQ voor het eerst boven de 100 kWp gekomen.

De gemiddelde systeemgrootte van de netto toevoegingen in de augustus 2019 rapportage lag op veel hoger niveau, 672 kWp. Het gemiddeld hoge niveau wordt structureler, omdat er steeds meer zeer grote (druppelsgewijs ook grondgebonden) projecten worden opgeleverd. Het gemiddelde van de toevoegingen in de 12 maandrapporten van 2018 was dan ook met 354 kWp al zeer hoog.

Dat het in de grafiek getoonde gemiddelde voor alle geaccumuleerde projecten bij elkaar een stuk lager ligt dan bij de maandelijkse toevoegingen, komt door het blijvend "drukkende effect" van de duizenden kleine residentiële PV installaties uit de eerste 3 SDE regelingen (vaak met een omvang van maar een paar kWp per stuk). De verwachting is, dat dit effect op het totale systeemgemiddelde nog lang zal aanhouden gezien hun volume. Pas als er continu véél, en ook zeer grote fysiek opgeleverde nieuwe SDE projecten gaan cq. blijven instromen bij CertiQ, zal dat effect (deels) worden opgeheven. Daarbij s.v.p. niet vergeten dat de duizenden kleine residentiële installaties ook voor 15 jaar een SDE (2008-2010) beschikking hebben (zie grafiek met de actuele aantallen per grootte categorie). Dus het gros daarvan zal beslist nog tot en met 2023 in dienst zijn, en geregistreerd blijven bij CertiQ. Zonder registratie immers géén (voorschot-betalingen voor) SDE subsidie meer.


Totaal volume tm. augustus 2019 (voorlopig) en aangepaste verwachting heel Nederland tm. EOY 2019

De verwachting is, dat Nederland in 2019 weer een record jaar tegemoet zal gaan zien, uiteraard vooral ook weer binnen de zwaar door SDE subsidies gedreven projecten markt. De grote vraag is natuurlijk: hoe "groot" wordt het CertiQ volume dit jaar? Gesproken wordt over mogelijk 2 GWp nieuwbouw voor heel Nederland, inclusief de gecertificeerde volumes (bijna uitsluitend SDE projecten), en de grote volumes aan residentiële en niet, of anderszins gesubsidieerde projecten. Hier onder ga ik daar wat alleen het CertiQ volume betreft (!) weer op in, met een nieuwe extrapolatie tot en met eind 2019. Dit, n.a.v. de blijvend hoge groei bij de accumulatie van de capaciteit, inclusief de nieuwe record toevoeging voor augustus.


De voorlaatste keer dat ik een dergelijke extrapolatie grafiek maakte, was voor het eindejaars-volume van 2018 op basis van het november rapport dat jaar, waarbij ik destijds uitkwam op - zeer conservatief geschat - zo'n 1.470 MWp eind van het jaar. Het werd in het voorlopige (eerste) jaar rapport van CertiQ zelfs 1.523 MWp (weergegeven in de grafiek), dus ik was inderdaad "conservatief". En het zal, gezien de update historie van CertiQ, mogelijk zelfs nog meer gaan worden in een later dit jaar te verwachten, nog steeds niet verschenen update / revisie van de cijfers over 2018.

In de huidige extrapolatie grafiek hier boven doe ik een nieuwe poging, ditmaal voor eind 2019, inclusief de laatste update voor augustus dit jaar. Daarvoor heb ik wederom een rechtlijnige trendlijn vanaf de sterke groeiperiode (eind juni 2015, 129,5 MWp) via het laatst bekende maand resultaat (aug. 2019, 2.500,0 MWp) doorgetrokken naar de achterste blauwe vertikale stippellijn (peildatum eind 2019), waarbij ik op zo'n 2.695 MWp accumulatie kom (een zeer forse 270 MWp hoger dan in de vorige inschatting op basis van de resultaten tm. de juli rapportage, 2.425 MWp). Gaan we, logischer, uit van de best fit trendlijn door de maand resultaten, een (aangepast) 5e graads polynoom (rode curve), en bepalen we daarvan het snijpunt met genoemde blauwe stippellijn, komen we veel hoger uit, op zo'n 3.040 MWp (215 MWp hoger t.o.v. de vorige inschatting, met resultaten tm. juli 2019: 2.825 MWp). Als we van deze twee extrapolaties weer, conservatief, het gemiddelde nemen, komen we op ongeveer 2.870 MWp als voorlopige "educated guess" voor het geaccumuleerde CertiQ volume, eind dit jaar (circa 245 MWp hoger dan in vorige schatting, 2.625 MWp).

Gezien het feit dat er "nogal" wat zonnepark projecten zullen worden gebouwd dit jaar, waar onder het voor Chint Solar (China) door Goldbeck (BRD) gebouwde ZP Midden Groningen te Sappemeer Gr. (103 MWp, in juni was er een open dag, medio september zou het park reeds "almost finished" zijn, met opening verwacht in nov. 2019), en nogal wat andere parken in bouw, zal dit een zeer conservatieve inschatting zijn.

Als we conservatief genoemde 2.870 MWp EOY 2019 aannemen, en daar het voorlopige EOY cijfer voor 2018 (minimaal 1.523 MWp) van af trekken, zou het "nieuwe gecertificeerde jaarvolume" al minimaal bijna 1.350 MWp kunnen omvatten. Waarschijnlijk is / wordt dat een absolute bottom-line. Dit, mede vanwege de al gerapporteerde 608 MWp groei in het eerste half-jaar, gecombineerd met de nu waarschijnlijke te verwachten trend van fors meer capaciteit in het tweede half-jaar in 2019. Als die trend ook in de laatste 4 maanden van 2019 doorzet, zouden we al een minimale groei van zo'n 1,4 GWp aan uitsluitend gecertificeerde PV capaciteit kunnen gaan verwachten in 2019, en waarschijnlijk zelfs fors meer ... En daar moet alle niet gecertificeerde capaciteit, inclusief de hard groeiende residentiële markt nog bij worden opgeteld.

Potentieel nieuw totaal volume 2019 - eerste serieuzere poging
Op basis van de meest recent gepubliceerde cijfers van de drie grootste netbeheerders, Liander, Enexis, en Stedin, reconstrueerde Polder PV dat er eind 2018 voor heel Nederland zo'n 1.394 MWp aan PV capaciteit achter grootverbruik aansluitingen schuil gegaan zou kunnen zijn. Aangezien CBS voor eind 2018 een voorlopig laatste prognose van 4.414 MWp accumulatie heeft afgegeven voor alle capaciteit, zou dat voor het kleinverbruik segment (KVB) een omvang van 3.020 MWp kunnen hebben opgeleverd, op basis van deze extrapolatie. Een aandeel van ruim 68% van totaal volume. Volgens Klimaatmonitor, die haar brondata van het CBS betrekt, was er echter maar 2.307 MWp eind 2018 gealloceerd aan "woningen", dus de residentiële sector sensu stricto (aandeel op totaal volume ruim 52%). De rest, ruim 710 MWp (16%), zou dan mogelijk terug te vinden moeten zijn op "niet-woningen" met kleinverbruik aansluiting (kleine sportzalen, scholen, gemeentelijk vastgoed, MKB, stichtingen, etc.).

We willen hier echter "slechts" het niet-SDE gesubsidieerde KVB segment proberen vast te stellen, om een idee te krijgen wat we minimaal bij het hierboven berekende gecertificeerde (vrijwel exclusief SDE gesubsidieerde) deel moeten optellen. Voor een bepaling van de jaargroei in 2018 hebben we dus ook de eindejaars-accumulatie cijfers voor 2017 nodig. Voor Liander was dat 873 MWp totaal (KVB 672 MWp, GVB 201 MWp). Voor Enexis was het, volgens de recente pdf publicatie van aug. 2019 (downloadbaar vanuit persbericht) totaal 1.338 MWp. Voor het KVB segment (eerdere publicatie) was het ongeveer 950 MWp (reconstructie uit grafiek m.b.v. Excel overlay methode, artikel 4 juli 2019), en dus voor het GVB segment ongeveer 390 MWp. Voor Stedin was het volume eind 2017 361 MWp totaal (KVB 281 MWp, GVB 80 MWp). Voor het totaal aan KVB capaciteit bij de drie grootste netbeheerders zou dan eind 2017 672 + 950 + 281 = 1.903 MWp resulteren. Rekenen we weer met 94% van totaal aantal elektra aansluitingen bij deze 3 netbeheerders voor eind 2017, zou het nationale volume PV capaciteit achter KVB aansluitingen voor alle netbeheerders grofweg zo'n 2.024 MWp bedragen kunnen hebben.

Dit zou kunnen betekenen, dat in het kalenderjaar 2018 er bij het KVB segment zo'n 3.020 (EOY 2018) - 2.024 (EOY 2017) = 996 MWp aan groei geweest kan zijn. Stellen we dit, afgerond, op 1 GWp, zou met het hier boven afgeschatte potentiële nieuwe volume van 1,4 GWp aan uitsluitend gecertificeerde capaciteit ge-extrapoleerd uit de huidige CertiQ data voor eind 2019 (GVB aansluitingen), een potentieel totaal nieuw jaar volume van minimaal (!) 2,4 GWp kunnen volgen voor kalenderjaar 2019 (GVB + KVB). Uiteraard zitten er de nodige (gestapelde) aannames in deze eerste wat serieuzere poging om de jaargroei voor 2019 te kunnen vaststellen, en zal het eindresultaat hiervan beslist nogal kunnen afwijken. Maar het lijkt hiermee wel al duidelijk, dat de al wat langer in de Nederlandse markt rondzingende "mogelijk 2 GWp groei in 2019" zelfs behoorlijk aan de conservatieve kant kan liggen. Want we hebben hierbij nog geen rekening gehouden met een forse groei van (ook) het residentiële segment in 2019, zoals de cijfers van Enexis kristalhelder laten zien in de update van juli dit jaar. M.a.w.: zelfs het hier boven afgeschatte groei potentieel van 2,4 GWp in 2019 zou nog te behoudend kunnen zijn ...


Nieuw record volume gecertificeerde zonnestroom productie juni, en al bijna even hoog volume in hete zomermaand juli 2019

De "gemeten" producties van gecertificeerde zonnestroom worden door CertiQ ook in hun maand rapportages weergegeven. Dit zijn, wederom, altijd minimum inschattingen, omdat er vaak nog de nodige cijfers "nakomen", dus ook hier gaarne prudentie met de interpretaties. Maar de cijfers mogen er sowieso al wezen. Juli 2019, het laatst beschikbare cijfer tot nog toe bekend gemaakt, heeft, na het nieuwe historisch record volume in juni, ondanks de extreme hitte in de tweede helft van de maand, weer een zeer hoog volume aan reeds gecertificeerde productie opgeleverd. Wat, gezien de voortdurend hoge nieuwe capaciteit toevoegingen natuurlijk helemaal niet vreemd is. Zie onderstaande grafiek.

In bovenstaande grafiek in magenta de geaccumuleerde gecertificeerde PV capaciteit in de CertiQ databank, cumulerend in, voorlopig, 2.500 MWp in het augustus 2019 rapport (geel omrand punt rechtsboven, referentie: linker Y-as). Het tweede record was eerder in juni 2019 gevestigd, zie het rood omrande datapunt in de blauwe curve, rechts bovenaan (referentie: rechter Y-as, in GWh garanties van oorsprong toegekend per maand). Dat gaf al een volume aan van 278,1 GWh (met ook nog forse opwaartse bijstellingen te verwachten). Voor deze maand is nu dus al 68% meer gemeten productie bekend, dan in de "voormalige topmaand" juli 2018 (165,2 GWh). Het ligt in de lijn der verwachting, dat de volumes aan GvO's uit te geven voor minimaal de maanden mei tm. juli 2020 daar alweer in zeer substantiële mate overheen zullen gaan. Aangezien er tegen die tijd een forse hoeveelheid nieuwe capaciteit bij zal zijn gekomen, waarvan de extra productie meegenomen gaat worden...

Ondanks de hitte, kwam de reeds gecertificeerde productie in juli 2019 vlak in de buurt van het nieuwe record in juni: 273,9 GWh. Ook dat volume zal later opwaarts worden bijgesteld.

Rechts onderaan in de grafiek zijn de vier "winter-dips" zichtbaar (blauwe pijlen). Deze worden steeds "hoger", vanwege de continu toenemende capaciteiten, en de daarmee gepaard gaande - relatief geringe winterse - producties in die maanden, die bovenop de producties van de al langer bestaande installaties worden gestapeld.

Later ga ik ook nog uitgebreider in op gemeten productie resultaten voor - gecertificeerde - zonnestroom, alsmede de ge-importeerde en ge-exporteerde garanties van oorsprong bij CertiQ.

Voor oudere kalender jaarcijfers van CertiQ, zie cijfer pagina "Zonnestroom in Nederland: gecertificeerd vermogen CertiQ 2018 - belangrijkste grafieken zonnestroom. Status update: 2018 1e versie" (er zijn nog steeds géén gereviseerde cijfers over 2018 bekend van de TenneT dochter)

Data: CertiQ maandrapportages (maandelijkse analyse updates door Polder PV)


15 september - 6 oktober: Polder PV op vakantie


30 augustus 2019: Update projecten spreadsheet Polder PV (status 9-8-'19): record aantal (1.020) nieuwe installaties & capaciteit (838 MWp, cumulatie > 2 GWp) grote PV projecten, grondgebonden significant groter dan agrarisch rooftop.

Polder PV heeft een nieuwe status update gepubliceerd van zijn >= 15 kWp PV projecten lijst van zonnestroom genererende installaties in Nederland, met peildatum 9 augustus 2019. Een nieuw record volume van 838 MWp aan nieuwe projecten is toegevoegd, met ook een record aantal installaties, 1.020 stuks. Het PPV overzicht had op de peildatum reeds 8.210 grotere PV systemen, met een geaccumuleerde capaciteit van 2.016 MWp (groei t.o.v. accumulatie in voorlaatste update: 71%). Talloze unieke details worden bediscussieerd, en veel grafieken getoond op een aparte projecten update web-pagina. Bijgewerkte specials laten de sterke schaalvergroting van de capaciteiten per jaar zien, geven veel extra, deels nieuwe details van de snel groeiende categorie grondgebonden zonneparken, en geven een identificatie van het grootste deel van de inventaris, met betrekking tot het type bedrijf of de organisatie op wier daken de PV generator is aangebracht. Eind 2018 had Polder PV al ruim 13% van de totale capaciteit gerapporteerd door het CBS in de vorm van netgekoppelde grondgebonden zonneparken staan (813 MWp), 3% meer dan deze instelling in het voorjaar heeft geclaimd voor het aandeel van deze grote installaties in 2018. Een unieke kaart wordt getoond met de sterk verschillende impact van het volume aan zonneparken per provincie. Oplopend tot een aandeel van 43% in Zeeland, eind 2018.

Polder PV has published a new update of his >=15 kWp PV project list of solar installations in Netherlands, dated August 9, 2019. A new record volume of 838 MWp of new projects has been added, including a record volume of 1 020 new installations. The extended project list now adds up to 8 210 larger PV installations, with an accumulated capacity of 2 016 MWp (growth with respect to last update: 71%). Many unique details are discussed, and a lot of graphs presented in a separate project update web-page. Special graphs deal with the strong upscaling of capacities per year, segmentation of the growing population of ground-mounted solar parcs, and identification of the largest part of the inventory with respect to type of company or organisation on which premises the PV generator has been mounted. Extra and new information concerning ground-mounted solar parcs is provided. End of 2018, Polder PV identified already 13% of total accumulated capacity reported by CBS in Spring 2019 for that year as grid-connected ground-mounted solar parcs (813 MWp). That is 3% more than the share CBS claimed for these field installations. A unique map is shown with the large spread in impact of accumulated capacity of ground-mounted installations in the 12 provinces, up to 43% in Zeeland, end of 2018.

Begin november 2018 verscheen de voorlaatste update van mijn snel uitdijende PV projecten sheet. Het heeft even geduurd voordat ik daar een vervolg aan kon geven. Het is, wederom, extreem druk geweest in het huidige - voor zonnestroom zoveelste record - jaar. Inmiddels heb ik eindelijk weer een volledige analyse afgerond. En publiceer ik, tezamen met deze introductie, vandaag het laatste, wederom fors bijgewerkte overzicht van die enorme lijst, met peildatum 9 augustus 2019. De spreadsheet is weer hard gegroeid, record volumes voor zowel het aantal, als de capaciteit van de nieuwe projecten. Sedert oktober 2018 heeft de webmaster van Polder PV weer 1.020 nieuwe (feitelijk, met paar twijfelgevallen) netgekoppelde projecten ingevoerd. Die bij elkaar een record extra capaciteit van 838 MWp toevoegen. Dat is 71% meer dan in de vorige update nog stond geaccumuleerd. En het is een factor 2,6 maal zo veel toegevoegde capaciteit dan in die laatste update werd bijgeplust (326 MWp nieuw volume in de okt. 2018 update). Het is een zoveelste duidelijk signaal, dat de schaalvergroting in de zonnestroom projecten markt in ons land in een versnelling is gegaan. In totaal stond er op de nieuwe peildatum een capaciteit van 2.016 MWp aan grote(re) single-site PV projecten in het Polder PV overzicht, 8.210 afzonderlijke installaties omvattend. Dit nog exclusief de "multi-sites". Sedert 9 augustus zijn daar trouwens alweer de nodige nieuwe projecten bij gekomen, inclusief enkele zonneparken. Die worden in de volgende update in de nieuwe resultaten verwerkt.

De toevoegingen betreffen allemaal projecten, per stuk minimaal 15 kWp qua omvang. Waarbij de nadruk ligt op de grote installaties, waarvan velen een capaciteit hebben van vele tientallen tot enkele honderden kWp. En er inmiddels zowel de nodige rooftop projecten van enkele MWp-en, én diverse grote zonneparken zijn opgeleverd, die per stuk zelfs soms veel meer dan 10 MWp hebben toegevoegd aan het rap aanzwellende vermogen wat er het huidige (en ook vorig jaar nog) is bijgekomen. Het allergrootste deel van de capaciteit van de nieuwe project toevoegingen en wijzigingen betreft nieuwe installaties voor 2018 (56%), 41% van het volume is voor nieuwe projecten netgekoppeld in 2019. Slechts 1,7% komt van toevoegingen aan 2017, 0,6% van late toevoegingen aan 2016. De rest (1,2%) betreft in eerdere jaren opgeleverde projecten ("late ontdekkingen") of nog niet op jaar van installatie te traceren capaciteit. 74% van de nieuw ingevoerde dan wel de qua omvang gewijzigde installaties heeft SDE subsidie (NB: dat is 97% van nieuw bijgeschreven / gewijzigde capaciteit). 58% daarvan betrof projecten met SDE 2017 beschikking (39% bij de aantallen projecten). Voor SDE 2014 waren de volumes al aardig geslonken (9% bij capaciteit, bijna 12% bij de aantallen t.o.v. totaal nieuw / gewijzigd).


Nieuwe versie van een van de in de februari 2018 update eerst gepresenteerde nieuwe grafieken om de schaalvergroting in de realisaties van
grote PV projecten te illustreren. Voor uitleg bij deze grafiek, zie het onderdeel "schaalvergroting gevisualiseerd" van paragraaf 3;
"Inventarisatie PV projecten lijst Polder PV", in de detail analyse.

In een uitgebreide, separaat op de website gepubliceerde analyse, doe ik de details van het onderzoek van de spreadsheets voor u uit de doeken. Hierbij zijn ook de in de vorige update nieuw gepresenteerde grafieken die de enorme schaalvergroting van de projecten in de spreadsheets laten zien ververst (1 hier boven getoond, voor toelichting zie de detail analyse). Evenals een nieuwe poging om segmentatie van de projecten per bedrijfs-type te visualiseren, voor reeds een zeer substantieel deel van de bekende projecten. Ook zijn nieuwe, en andere grafieken over de ontwikkeling van grondgebonden zonneparken toegevoegd, wat al in 2018 een zeer belangrijke, aan de totale volumes contribuerende deelsector is geworden. Met nog meer impact dan CBS in een voorlopig afschatting voor dat jaar had geponeerd, zie onderstaand, uniek kaartje. Tevens wordt een update van de stand van zaken in mijn postcoderoos project overzicht getoond. Wat in 2018 nog steeds een groeiende, maar op het totaal bezien relatief lage impact makende hoeveelheid capaciteit laat zien.


^^^
Aandeel van zonneparken gevonden door Polder PV tm. 2018, t.o.v. CBS totaal volumes gerapporteerd voor het jaar 2018.
NB: zonneparken exclusief drijvende PV-installaties, carports, geluidswallen e.d. Maar inclusief grondgebonden projecten op afval depots.
(ondergrond kaartje: Pixabay)

Voor uitleg van dit unieke kaartje, zie detail analyse.

Hier onder enkele data highlights uit dat gedetailleerde overzicht. Alle data betreffen minimum afschattingen. In werkelijkheid is er al meer gerealiseerd. Er wordt immers beslist niet over alle opgeleverde projecten in de publieke ruimte gepubliceerd (of de informatie is moeilijk vindbaar).


^^^
Zuid-oostelijk gericht zonnepark in centraal Nederland, met arrays met 4 multikristallijne modules landscape boven elkaar geplaatst. In totaal zijn
in dit "relatief bescheiden" zonnepark ruim 7 duizend modules geplaatst, later is er een qua omvang nog niet goed bekende kleine uitbreiding bij
gekomen (nog niet opgenomen in realisaties, itt het reeds opgeleverde grote park). Initiatief van de aanpalend wonende agrariër.
Het park valt in de grote spreadsheet van Polder PV in de categorie 1 - <=5 MWp.

Het is met name door dit soort zonneparken, dat de capaciteitsgroei in 2018 zo hard is gegaan bij zonnestroom,
een trend die versterkt verder is gegaan in 2019.

Gefotografeerd tijdens fietstocht door de webmaster van Polder PV, 21 juli 2019.

Enkele kerncijfers van de huidige PV projecten lijst van Polder PV (status 9 augustus 2019*):

Totaal op 9 augustus 2019 8.210 "single-site" PV projecten >=15 kWp per stuk opgenomen in overzicht Polder PV.

Dit totaal omvat 2.016 MWp aan opgestelde capaciteit. Van 13 MWp van de projecten groter dan 100 kWp per stuk was netkoppeling nog niet definitief bekend, de installaties echter al lang gebouwd ("pending").

Genoemde grote hoeveelheid projecten telt inmiddels bijna 7,5 miljoen zonnepanelen (alle typen, van zeer laag vermogen hebbend amorf-Si tot high-performance "klassiek" kristallijn).

In het overzicht zijn de "niet media-genieke" kleinere projecten tot en met 50 kWp flink ondervertegenwoordigd. In werkelijkheid zullen er véél meer van dergelijke projecten zijn gerealiseerd, maar wordt er niets (meer) over gepubliceerd.

Tellen we bij de single-sites ook nog de multi-site projecten en een categorie "onbekend", komen we in totaal voor de projecten-markt op een volume van 8.577 stuks met een totaal geaccumuleerde capaciteit van minimaal 2.137 MWp.
Inclusief multi-sites en een kleine categorie "onbekend", is het minimum totaal aan reeds gerealiseerde, SDE beschikte projecten in de projecten lijst inmiddels gegroeid naar 4.130 exemplaren met een gezamenlijke capaciteit van 1.836 MWp.

Tot nog toe zijn 1.735 projecten met (grotere) SDE 2014 beschikkingen geïdentificeerd (single-site, multi-site en "onbekend"), met in totaal 595 MWp aan capaciteit daadwerkelijk opgeleverd.

Dit betekent dat SDE 2014 tm. 9 augustus 2019 reeds voor minimaal 67% van de oorspronkelijk beschikte capaciteit (883 MWp) is gerealiseerd (zie ook eerder verschenen gedetailleerdere analyse op basis van een iets oudere RVO update van 5 augustus dit jaar, voor de beschikte opgeleverde volumes was het toen nog 65%).

SDE 2017 heeft in de projectenlijst van Polder PV reeds SDE 2014 verdrongen wat meest succesvolle jaar-ronde betreft bij de capaciteit realisatie: er is reeds 618 MWp opgeleverd op de peildatum.

Voor de SDE regelingen zijn twee grafieken met uitsplitsingen per jaar-ronde ververst.

Updates zijn gepubliceerd van grafieken die de impact van de forse schaalvergroting op de PV-projectenmarkt illustreren aan de hand van de vermogens van de grootste 10 projecten (de laatste updates allemaal grondgebonden), en van de grootste 10 rooftop projecten.

Voor kalenderjaren 2015 tm. 2017 zijn inmiddels binnen uitsluitend de single-site projecten markt volumes gevonden van 135 MWp, 247 MWp, resp. 282 MWp (marktgroei in die jaren, in de projecten sheet van Polder PV).

Dit betekent dat t.o.v. de laatste afschattingen van de jaarlijkse marktgroei van PV door het CBS (2015 519 MWp, 2016 609 MWp, 2017 768 MWp), bovengenoemde volumes van alleen de single-site projecten voor die jaren, bekend bij Polder PV, aandelen zouden hebben gehad van 26%, 41%, resp. 37% op het totaal (kan nog gering wijzigen).

Het voorlopig gevonden volume is voor 2018 inmiddels al 788 MWp, met naar verwachting waarschijnlijk nog veel, momenteel nog niet bekend volume toe te voegen. T.o.v. het voorlopig totaalvolume bij CBS, 1.511 MWp jaargroei in 2018, zou dat al een aandeel kunnen opleveren van 52% aan single site projecten t.o.v. het totale marktvolume.

In de projecten lijst update van 9 augustus 2019 zijn inmiddels maar liefst 2.944 single-site installaties per stuk 100 kWp of groter opgenomen (vorige update: 2.257 projecten, groei 30%).

Het gezamenlijke vermogen van deze groep grote >=100 kWp installaties was al 1.791 MWp (status okt. 2018: 970 MWp, een hoge groei opleverend van 85%).

Van deze installaties zijn reeds met zekerheid aan het net gekoppeld 222 stuks, elk met een omvang van 1 MWp of groter*.

Die 222 "grootste single-site installaties" hebben al een gezamenlijke capaciteit van 1.037 MWp (status okt. 2018: 385 MWp). Dat is al ruim 51% van de totale capaciteit bij de single-site projecten in de Polder PV spreadsheet. In de vorige update claimde dit grootste contingent nog slechts 33% van het totaal.

Het grootste Nederlandse netgekoppelde PV project is in de 9 augustus 2019 update Zonnepark Scaldia, ruim 54 MWp, met ruim 141.000 zonnepanelen. Wat eind oktober 2018 is opgeleverd.**

Het systeem-gemiddelde vermogen van alle genoemde 8.210 single-site projecten is flink verder gestegen, van 164 kWp naar 246 kWp per installatie.

Verwacht wordt, dat in werkelijkheid de reeds gerealiseerde PV project volumes in Nederland zelfs nog behoorlijk groter zullen zijn (nog veel bronnen niet nageplozen, data achterstanden bij met name kleinere projecten, "gaten" in publieke informatie).

Het aantal op 9 aug. 2019 bekende, netgekoppelde grond-gebonden installaties >=50 kWp ("zonneparken sensu stricto") is opgelopen tot 175 stuks, met een gezamenlijke capaciteit van 812 MWp. In de okt. 2018 update waren dat nog 102 exemplaren met een gezamenlijke capaciteit van 309 MWp. Er is een duidelijke, zeer sterke toename, van de opgeleverde capaciteiten van dergelijke grondgebonden, ook wel "vrije-veld" installaties (ook grafisch geïllustreerd).

In de detail analyse wordt uitgebreid ingegaan op diverse ratings, met de positie van de 12 provincies op het gebied van de grote(re) single-site PV projecten. De rating volgorde kan zeer verschillend zijn, afhankelijk van de gekozen parameter. En wijzigt vaak met elke update.

In absolute zin blijft Noord-Brabant, met 341 MWp (vorige update: 166 MWp), de provincie met de hoogste opgestelde "single-site project-capaciteit", met grote afstand tot de numero 2 (Noord-Holland, 224 MWp).

Bij het aantal grote(re) PV projecten per inwoner, is Flevoland met stip kampioen (121 projecten/100.000 inwoners).

Bij de gemiddelde capaciteit van grote(re) single-site PV projecten per inwoner zijn de 3 koplopers Flevoland, Zeeland (nieuw in top 3), resp. Groningen (402, 352, resp. 275 Wp/inwoner).

Kijken we naar opgesteld vermogen per oppervlakte eenheid per provincie, is inmiddels, na nogal wat positie wijzigingen in het verleden, inmiddels Flevoland kampioen met 695 Wp/hectare aan grotere single-site projecten. Groningen is flink weg gezakt naar de 6e positie, maar kan weer stijgen bij toevoeging van grote zonneparken.

Wederom is een segmentatie naar netbeheerder gemaakt. Enexis en Liander hebben de meeste projecten. Enexis begint uit te lopen op Liander wat geplaatste capaciteit bij de grotere PV projecten betreft. Stedin volgt op afstand op de 3e positie.
De in de vorige update gezette piketpaal, dat de agrarische sector wat PV capaciteit betreft niet meer de grootste is in ons land, is in heftige mate opgehoogd. De sector "energievoorziening", waar onder grote zonneparken vallen heeft inmiddels 816 MWp in de projecten sheet van Polder PV, inmiddels al een factor 2,4 maal zo veel volume dan de 341 MWp tot nog toe geteld in de agrarische sector (rooftop).
Gezamenlijk hebben de drie grootste impact hebbende bedrijfs-sectoren, energievoorziening, agrarisch, en handel, al 69% van het totale capaciteits-volume van de met een bedrijfs-index voorziene projecten in Nederland (1.335 MWp van de 1.947 MWp reeds gecodeerd).
In het overzicht van Polder PV is reeds een volume van 1.801 MWp aan SDE beschikte single-site projecten te vinden. Met "multi-sites" en een kleine categorie "onbekend" meegerekend, staat er al zo'n 1.836 MWp aan projecten met 1 of meer SDE beschikkingen in de projecten lijst.
Er zijn naar beste weten van Polder PV al minimaal 204, meestal relatief kleine postcoderoos projecten netgekoppeld, een gezamenlijk volume van "slechts" 22 MWp hebbend, opgeleverd. Waarschijnlijk is, dat meerdere reeds netgekoppelde projecten nog niet op het netvlies van Polder PV zijn verschenen in dit kleine project dossier. Het grootste project heeft nu een omvang van 2,2 MWp (onderdeel van zonnepark de Vlaas in Deurne, NB). Er staat een zeer groot volume van 310 stuks klaar in de map "pending". Gezien blijvende onzekerheid over de perspectieven vanwege Haags beleid, is nog niet duidelijk wat daarvan gerealiseerd zal gaan worden.

Het aantal plannen voor grote(re) PV projecten blijft sowieso onverminderd (en extreem) hoog. Er staat 8,8 GWp aan in pers / nieuwsberichten "benoemde" projecten klaar in een separate spreadsheet "pending" bij Polder PV. Daarvan lijkt minimaal een volume van 4,2 GWp aan specifiek benoemde lokaties meer of minder "serieus" en in meer of minder gevorderd plan- of bouw stadium te zijn. Deels vanwege de aanwezigheid van SDE beschikkingen, deels vanwege "zonder meer haalbare rooftop" potentie.

Onderdeel van die enorme portfolio "pending" is een verzameling van al 225 grondgebonden PV projecten met reeds verzilverde SDE beschikkingen, met een gezamenlijke capaciteit van 2,1 GWp. NB: dit is nog exclusief het tijdens publicatie van deze analyse nog niet bekende, te verwachten totaal volume wat uit SDE 2019 ronde I ("voorjaars-ronde") moet gaan komen. De najaars-ronde start pas 29 oktober a.s., hiervan wordt op het gebied van zonnestroom weer veel verwacht omdat de condities na deze ronde significant zullen verslechteren.

Er is dus een blijvende, zeer hoge potentie, om de Nederlandse zonnestroom markt zeer hard verder te laten groeien. Ook / mede op het gebied van de grote projecten markt.

Bovenstaande laat onverlet, dat er al minimaal 37 grote rooftop, en 78 grondgebonden project plannen, bekend uit eerdere nieuws- en persberichten zijn afgeschreven om zeer verschillende redenen. Dit bovenop de reeds kolossale verliezen uit de SDE regelingen, gedocumenteerd door Polder PV.

* In deze update met peildatum 9 augustus 2019 zijn geen recentere projecten opgenomen, of projecten waarvan na die update datum duidelijk is geworden, dat ze reeds zijn opgeleverd. Vrijwel dagelijks worden nieuwe opgeleverde projecten gemeld, of oudere, voorheen nog niet bekende installaties, getraceerd. En opgenomen in de grote projecten sheet.

**Scaldia zal binnenkort worden verdrongen door een nog groter project, Zonnepark Midden-Groningen te Sappemeer, op 117 hectare, dit najaar op te leveren, en wordt dus waarschijnlijk in de volgende update van dit overzicht opgenomen.

Voor uitgebreide toelichting op deze grafische abstract van mijn bijgewerkte single-site PV-projecten overzicht, diverse andere tale-telling grafieken, en een diepgaande bespreking van diverse zaken rond deze materie, zie de gedetailleerde analyse.

Herhaalde oproep. Mede gezien de omvangrijke markgroei potentie, en problemen met het snel helder krijgen van opgeleverde volumes aan PV projecten: levert u s.v.p. informatie aan Polder PV over de door u reeds opgeleverde >=15 kWp PV projecten in Nederland. Waarvoor dank!

Oproep bijdrage project lijsten

Mocht u Polder PV willen helpen om de grote projecten sheet >= 15 kWp verder te vervolmaken, stuurt u dan s.v.p. een e-mail om uw eventuele contributie kenbaar te maken. Wat niet reeds publiek is gemaakt, zal beslist niet door mij aan derden worden doorgegeven of met naam en toenaam worden geopenbaard. Eventueel verstrekte project gegevens blijven geheim, tenzij expliciet anders aangegeven. Polder PV is bereid om een Non-Disclosure Agreement te ondertekenen, mocht dat gewenst zijn. Met grote dank voor uw hulp.

Verder s.v.p. lezen op de uitgebreide pagina met detail gegevens over Polder PV's zonnestroom projecten data voor Nederland. Met nog veel meer grafieken (provincie niveau, netbeheer verdeling, solarparken, schaalvergroting effecten, etc.):

PV projecten >= 15 kWp

Stand van zaken grote PV projecten overzicht van Polder PV peildatum: 9 augustus 2019



 
^
TOP

19 augustus 2019: Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (RVO, 5 augustus 2019) - geen record, wel grote toevoeging, > 215 MWp.

Op de website van RVO zijn wederom de laatste details rond de stand van zaken gemeld van de invulling van alle SDE regelingen, het gaat om een status update voor 5 augustus 2019. Polder PV deed als vanouds een analyse van de brondata voor zonnestroom. En wel, voor alle afzonderlijke SDE regelingen, de overgebleven projecten met SDE beschikking(en), de realisaties volgens RVO, maar ook, uiteraard, de in een later stadium uitgevallen projecten. De bekende progressie grafiek en de detail tabel met de exacte status zijn wederom ververst in het huidige artikel. De status van SDE projecten bij RVO wordt vergeleken met die van CertiQ, en de progressie van de gemiddelde capaciteit per beschikking per jaar-ronde wordt grafisch weergegeven.

Dit artikel behandelt in ieder geval de status update voor zonnestroom (en, kort, thermische zonne-energie), gedateerd 5 augustus 2019. Een analyse van recente uitgebreide updates vindt u onder 16 mei 2019, 18 februari 2019, 13 december 2018, 12 juli 2018, 19 april 2018, 13 februari 2018, en voor 2017 onder 18 november, 4 september, 31 augustus, en 31 mei 2017.

In deze meest recente update is bij de opgeleverde capaciteit, als "officieel" SDE beschikt zonnestroom volume opgegeven door RVO een volume van 2.030,9 MWp (voor status datum 6 mei 2019 was dat nog: 1.815,4 MWp), verdeeld over 16.742 projecten. In het overzicht van 6 mei 2019 lag dat laatste nog op een volume van 15.975 projecten. De realisatie van SDE 2014 was op 5 augustus 2019 bijna 72% van de oorspronkelijke aantallen beschikkingen (2.135 gerealiseerde projecten, slechts 2 meer dan in de voorgaande update, oorspronkelijk beschikt 2.973), en ruim 65% bij de beschikte capaciteit (577 MWp, anderhalve MWp meer dan in de voorlaatste versie, oorspronkelijk beschikt 882,6 MWp). En is daarbij wat relatieve invulling betreft nog steeds even de tot nog toe succesvolste SDE "+" regeling gebleven voor zowel de aantallen opgeleverde projecten (al sedert de update gepubliceerd 19 april 2018). Als m.b.t. de gerealiseerde - beschikte - capaciteit. Dat laatste duurt echter niet lang meer. De gerealiseerde beschikte capaciteit onder het SDE 2017 I regime gaat waarschijnlijk binnenkort over het volume voor SDE 2014 heen. Het tempo van de groei is wel afgenomen. Dit kan een tijdelijk fenomeen zijn, en wellicht zelfs deels wel te verklaren door een extreme werkdruk op de RVO burelen, waardoor er verdere vertraging van het - op een betrouwbare manier - verwerken van het vele cijfermateriaal kan zijn ontstaan.

Er is, tm. de hier besproken RVO update, die alle resterende beschikkingen omvat inclusief die voor SDE 2018 II, in totaal al ruim 962 MWp aan beschikte SDE capaciteit, verdeeld over 9.674 projecten, voor zonnestroom verloren gegaan om diverse redenen. Daarnaast staan er nog 13.495 projecten met SDE subsidie beschikkingen open (vanaf SDE 2014), met een gezamenlijke, beschikte capaciteit van 8,25 GWp. Voor SDE 2014 staat nog slechts een volume van ruim 5 MWp open (11 beschikkingen).

Gelieve voornoemde artikelen te raadplegen voor achtergronden van de getoonde data. In het huidige artikel presenteer ik zoveel mogelijk de harde, actuele, "officiële" cijfers, mijn commentaar, en interpretaties.


Update van de grafiek gepresenteerd voor de status van 6 mei 2019. Toen was het net bekend geworden volume voor SDE 2018 II ook geïncorporeerd, en is nu uiteraard weer bij het geheel betrokken, minus een gering verlies van wat beschikkingen. Ik heb voor het huidige overzicht wederom de fysieke optelling genomen van de beschikte volumes (!) van alle gerealiseerde projecten in de volledige, recent gepubliceerde spreadsheet van RVO. De officiële update datum (5 augustus 2019) gebruikt op de X-as, voor de laatst toegevoegde kolom, rechts. Bovenaan de kolommen zijn de volumes aan gerealiseerde PV beschikkingen uit de SDE 2016 najaar- en SDE 2017 voorjaars- rondes al fors gegroeid t.o.v. alle eerdere regelingen bij elkaar (in deze laatste update 368 MWp, resp. 551 MWp). SDE 2017 ronde II begint ook zichtbaar te groeien qua realisaties (231 MWp). De voorjaars-ronde van SDE 2018 heeft reeds een hoeveelheid van zo'n 46 MWp, aan (254) beschikkingen gerealiseerd. En er zijn inmiddels al 69 toekenningen uit de najaars-ronde van SDE 2018 als opgeleverd bij RVO bekend, die, helemaal bovenaan de rechter kolom gestapeld, een nog relatief bescheiden volume van 6,8 MWp (beschikt) toevoegen.

Wederom is het met de realisaties uit de beschikte volumes voor de voorjaars-ronde van SDE 2016 niet bepaald hard gegaan. In de huidige update geaccumuleerd 110 MWp beschikt gerealiseerd, dat was in de vorige update van 6 mei 2019 al 103 MWp. SDE 2015 heeft slechts 1 beschikking toegevoegd, goed voor een magere 0,27 MWp er bij, t.o.v. de voorlaatste update, en blijft staan op bijna 8 MWp. Er staan nu nog maar 4 beschikkingen open met in totaal slechts 0,2 MWp beschikt volume. Zelfs bij realisatie blijft het totale volume marginaal t.o.v. de latere jaargangen. Voor SDE 2014 zie verderop.

Totale progressie
Sedert de voorlaatste uitgebreide update van mei 2019 (1.815 MWp geaccumuleerd) is er ditmaal beslist geen record volume aan gerealiseerde beschikte capaciteit bijgekomen. Achtereenvolgens waren die nieuwe volumes in 2017 50 MWp (jan.-apr.), 49 MWp (apr.-juli), 72 MWp (juli-okt.), 69 MWp (okt. 2017-jan. 2018), 133 MWp (jan.-apr. 2018), 122 MWp in de korte periode apr. - juni 2018), 235 MWp (juni - okt. 2018), 244 MWp (okt. 2018 - jan. 2019), resp. een volume van 447 MWp (jan. - mei 2019). In de laatste update (tm. 5 aug. 2019) kwam er wel een hoog, maar niet record volume van 215,5 MWp (opwaartse afronding van 215,482 MWp, neerwaarts is dat afgerond voor de komma 215 MWp) gerealiseerde capaciteit aan SDE beschikkingen bij, al was het weer in een iets kortere periode. Ook relatief bezien zijn er geen records gebroken. Als we terug rekenen naar het aantal dagen tussen de peildata, lag dat tempo in de oktober 2018 update nog op gemiddeld 1.990 kWp/dag sedert de daar aan vooraf gaande versie (wat toen een record was). In de periode tussen 4 oktober 2018 en 7 januari 2019 was het al 2.569 kWp/dag. Maar van 7 jan. 2019 tm. 6 mei heeft dat gemiddelde zelfs alweer een nieuw record niveau bereikt van 3.758 kWp gemiddeld per dag (toen dus ook een nieuw, "relatief" record). Tot en met 5 augustus zakte dat tempo weer behoorlijk in, tot gemiddeld ongeveer 2.368 kWp per dag.

Deze bijna 2,4 MWp gemiddeld per dag aan opgeleverde SDE projecten (volgens de beschikte volumes), moet u dus als minimaal project volume zien, bovenop andere realisaties bij projecten die andere incentives kennen (zoals EIA, EDS, MIA / Vamil, etc.), of zelfs helemaal geen subsidies. Zoals vaak bij nieuwbouw projecten, waarin eventuele PV daken in de bouwsom worden meegenomen. Dit nog exclusief de ook nog steeds booming residentiële markt (getoond trends bij Enexis), inclusief de grote portfolio's die bij de huur corporaties worden uitgerold (volumes: qua toegevoegde MWp-en onbekend, maar groot).

Alles bij elkaar opgeteld is er inmiddels voor een beschikt volume van 2.030,9 MWp aan "officieel gerealiseerde" PV-projecten (met "ja vinkje" in de gepubliceerde lijst) bekend bij RVO, die een (of meer) SDE beschikking(en) hebben. Zoals, afgerond, te zien bovenaan de laatste kolom in bovenstaande grafiek. Inmiddels is de "tweede Gieg" dus, wat gerealiseerd beschikt PV volume onder alle SDE regelingen betreft, "genoteerd" bij RVO. Maar omdat afwikkeling van de administratie daar traag gaat, is er in werkelijkheid al veel meer volume opgeleverd, zoals we verderop aan de CertiQ cijfers zullen zien.

SDE 2014 blijvend kampioen
Het grootste deel van al deze realisaties is tot en met de huidige update nog steeds afkomstig van de implementatie van de tot nog toe meest succesvolle SDE 2014 regeling (blauwe kolom segmenten en getallen), waarvan de "officiële realisatie" is gestegen van 335 MWp (3 juli 2017 update) via 377 MWp (12 okt. 2017), 410 MWp (4 jan. 2018), 456 MWp (3 april 2018), 520 MWp (8 juni 2018), 552 MWp (4 oktober 2018), 551 MWp (1 MWp verloren gegaan, 7 januari 2019), tot plm. 575 MWp in de versie van 6 mei jl. In de laatste update is er nog maar marginale groei geweest, met 2 nieuwe project realisaties, die anderhalve MWp beschikte capaciteit toevoegden. Resulterend in inmiddels bijna 577,0 MWp "gerealiseerde beschikkingen". Duidelijk is natuurlijk, dat de SDE 2014 "op haar eind loopt". Er ging nog 1 beschikking goed voor ruim een halve MWp verloren. Er staan in de laatste update nog slechts 11 beschikkingen klaar, allen rooftop projecten. Met een gezamenlijke capaciteit van 5,1 MWp (gemiddeld plm. 464 kWp per beschikking), die mogelijk middels een verlenging alsnog gerealiseerd zouden kunnen gaan worden. Hierbij zitten nog eens 4 deel-locaties van het grotendeels als lang afgerond multi-site project bij Dekker Hout, wat al medio 2017 grote volumes in o.a. de twee "hot-spots" Vianen (Ut.), Warmond (ZH), en in Broek op Langedijk (NH) heeft opgeleverd. Dat zal echt het laatste "staartje" van deze succesvolle regeling zijn.

Genoemd volume van ruim 577 MWp ("gerealiseerd beschikt") voor SDE 2014 was op de laatst bekende peildatum dus ruim 28% van het totale "officieel gerealiseerde SDE volume" wat toen werd bereikt (2.031 MWp). Dat aandeel op het totaal is alweer fors lager lager dan de 32% in de update van mei dit jaar, de 40% in de update van januari 2019, laat staan de 49% in de update van oktober 2018. Wat wederom aangeeft, dat de progressie van de op SDE 2014 volgende SDE "+" regelingen, met name de 6 SDE 2016, SDE 2017, en SDE 2018 rondes, veel harder is gegaan. Wat logisch is, want daar zitten nog zeer grote volumes aan beschikkingen in. Maar liefst ruim 8,2 GWp aan door RVO toegekende, overgebleven capaciteit.

Wat de inmiddels gerealiseerde (beschikte) capaciteit betreft, is op de peildatum 5 augustus dit jaar 65,4% van de oorspronkelijk beschikte hoeveelheid van bijna 883 MWp voor SDE 2014 nu daadwerkelijk geïmplementeerd. Dat percentage lag nog op bijna 59% in de update van 4 oktober 2018. Dat het, ondanks alle problemen bij de uitvoering, toch zo ver heeft kunnen komen was niet de verwachting van diverse spelers op de zonnestroom markt. De voorheen "succesvolste" SDE "+" regeling, SDE 2013 bleef bij de capaciteit invulling steken op 44,7%. Als we de qua volume weinig voorstellende SDE 2015 even terzijde schuiven (73,3% realisatie, met maar 8,1 MWp), is inmiddels de voorjaars-ronde van SDE 2016 goed op weg. Met inmiddels al ruim 61% van het oorspronkelijk toegekende volume gerealiseerd (bijna 110 MWp), staat ze wat de SDE "+" regelingen betreft inmiddels al op de tweede plaats, qua scorings-percentage t.o.v. de oorspronkelijk beschikte volumes.

Voor alle andere absolute en relatieve prestaties per SDE resp. SDE "+" regeling, zie de nieuwe tabel verderop.


RVO cijfers lopen echter fors achter op realiteit bij CertiQ
RVO loopt, zoals vaker gemeld door Polder PV, sowieso "achter bij de realiteit", zelfs al betreft het momenteel een recente update. Er is altijd administratieve vertraging tussen de fysieke oplevering van een project en "het ja vinkje" in hun SDE dossier. Die vertraging kan fors oplopen. Dit laat een vergelijking zien met recent bekend geworden cijfers van CertiQ, waar inmiddels, met name wat de capaciteiten betreft, bijna alleen nog maar SDE gesubsidieerde PV projecten zijn opgenomen. Alle oude projecten met MEP subsidies moeten inmiddels zijn verdwenen uit die databank, gezien de 2 grafieken "Gerealiseerde en verwachte hernieuwbare energieproductie", en "Gerealiseerde en verwachte uitgaven" die RVO heeft gepubliceerd. De laatste relevante stand bij CertiQ was in het door Polder PV besproken herziene rapport over de maand juli 2019, waarin, na een zeer ingrijpende correctie door CertiQ (na interventie door Polder PV), al een geaccumuleerd volume van ruim 2.229 MWp werd opgevoerd voor gecertificeerde PV capaciteit in ons land. Dat is dus nog steeds fors hoger dan het niveau van de RVO update voor 5 augustus 2019. Binnen een week na de CertiQ update stond er bij RVO 198 MWp (8,9%) minder (beschikte SDE) capaciteit gerapporteerd dan fysiek opgeleverd volume in de administratie van de TenneT dochter. Het lijkt niet waarschijnlijk dat dit behoorlijke verschil (alleen maar) kan liggen aan een groot volume gecertificeerde PV projecten bij CertiQ wat géén SDE beschikking(en) zou hebben. Waarschijnlijker is dat een substantieel deel daarvan nog in de administratieve molens zit voordat het "ja" vinkje bij RVO gezet mag gaan worden.

In de projectenlijst van Polder PV staan inmiddels bij de grootste projecten al vele tientallen reeds opgeleverde projecten met SDE beschikking, die in de voorlaatste update (van 6 mei jl.) nog geen "ja" vinkje hadden gekregen van RVO. Wellicht is de hoge werkdruk bij RVO, in combinatie met zéér ingewikkelde administratieve processen, waarbij geen fouten gemaakt mogen worden, en er dus continu controle checks ingebouwd moeten worden, wel deels debet aan het op dit punt fors achtergebleven volume t.o.v. de rapportages van CertiQ.

Afvallers
Terugkerend naar bovenstaande grafiek: bij de oudste regelingen, SDE 2008 tm. SDE 2013 zal er niets meer bijkomen, er staan geen beschikkingen meer "open" voor die regelingen. Wel zijn er in recente updates nog steeds, regelmatig, om niet gespecificeerde redenen beschikkingen, soms zelfs voor reeds (lang) gerealiseerde projecten afgevallen (brand, diefstal, hagel schade, installatie afgebroken, verhuizing / nieuwe eigenaar niet geïnteresseerd in subsidie perikelen, andere reden?). Dat zijn er in de huidige update wederom het nodige. In opsomming hier onder weergegeven t.o.v. de update van 6 mei 2019. Met het aantal eerder beschikte projecten verdwenen uit de "records" van RVO, en de daarmee gepaard gaande capaciteit die verloren is gegaan. Zie ook de bespreking van de uitgebreide update tabel verderop:

  • SDE 2008 tm. SDE 2010 2, 1, resp. 1 klein project verloren gegaan, 4, 2, resp. 7 kWp
  • SDE 2011 tm. SDE 2013 geen nieuwe "verliezen" meer gerapporteerd
  • SDE 2014 1 project minder, 516 kWp
  • SDE 2015 geen nieuw verlies
  • SDE 2016 I 38 projecten minder, 6,7 MWp
  • SDE 2016 II 1 project minder, 117 kWp
  • SDE 2017 I 15 projecten minder, 8,5 MWp
  • SDE 2017 II 254 projecten minder, 52,1 MWp (!)
  • SDE 2018 I 9 projecten minder, 6,0 MWp
  • SDE 2018 II 1 project méér (!), maar 473 kWp mínder (!)

Ook al is de uitval in totaliteit minder dramatisch dan in de voorgaande update, de volumes voor de 2 SDE 2017 regelingen blijven opmerkelijk, waarbij het zwaartepunt aan verlies ditmaal de najaars-ronde is toegevallen. Al hebben de voorjaars-ronde van die jaargang (8,5 MWp), ditto SDE 2016 (6,7 MWp), en ditto SDE 2018 (6,0 MWp) ook weer behoorlijke volumes moeten inleveren. In totaal vielen er 321 project beschikkingen weg met een totale capaciteit van ruim 74 MWp. In totaliteit bezien t.o.v. de voorgaande updates, toen maar liefst 93 MWp (update 6 mei 2019) resp. 160 MWp (update 7 januari 2019) verloren gingen, gelukkig weer een "beperkter" verlies. Maar nog steeds erg triest, natuurlijk. Om u een idee te geven van de impact daarvan: eind 2009, een jaar na de moeizame start van de eerste SDE regeling, stond er in totaal in ons land geaccumuleerd 69 MWp PV capaciteit opgesteld (grotendeels op residentiële daken).

Voor de voorjaars-ronde voor SDE 2017 zijn de uitval percentages inmiddels in totaal maar liefst ruim 21% (928 beschikkingen) voor de aantallen, en bijna 12% (281 MWp) voor de (oorspronkelijk) beschikte capaciteit ! Daarmee is de regeling in absolute zin, bij de aantallen verloren gegane projecten al de zwaarst verlies lijdende SDE"+" regeling geworden. Alleen bij de capaciteits-verliezen gaat de inmiddels bijna afgesloten SDE 2014 regeling haar nog - in absolute zin - voor (met 300,5 MWp, 34% van oorspronkelijk beschikt volume).

Voor de forse uitval onder SDE 2017 was eerder al gewaarschuwd, door Siebe Schootstra op Twitter (m.b.t. SDE 2017 en 2018, en later wederom m.b.t. SDE 2018). Dit in verband met een geclaimd slecht business model voor bedrijven met hoog eigenverbruik van via een SDE beschikking gegenereerde hoeveelheid zonnestroom, waarvoor lagere subsidie bedragen dan voor directe net-invoeding zijn gaan gelden (rooftop projecten). Het lijkt er op dat bij de uitval nu de najaars-regeling van SDE 2017 de grootste klappen heeft gekregen. De uitval binnen die regeling was in de vorige update nog slechts 20 MWp, in de huidige versie echter al 52 MWp, een ruime verdubbeling! Polder PV is benieuwd of deze reeds heftige gematerialiseerde aderlatingen nog zullen aanhouden in latere updates.

De forse uitval bij de 2 "populaire" SDE 2017 regelingen, gezamenlijk al een omvang hebbend van 342 MWp verloren gegaan volume, bovenop de ook al aanzienlijke verliezen onder beide voorgaande SDE 2016 regelingen (totaal 168 MWp), is in ieder geval beslist slecht nieuws, ook voor Den Haag. Alle moeite die voor de hier dus definitief afgevoerde projecten is gedaan, honderden miljoenen Euro's aan SDE subidie toezeggingen, alle duur betaalde ambtelijke tijd (en consultancy uitgaven voor ontwikkelaars) die hiermee zinloos is verspild: dat alles is voor niets geweest...

De totale uitval bij de beschikkingen is sedert mei 2019 gekomen op 321 beschikkingen (voorgaande update: 296 stuks), met een geaccumuleerde verdwenen, beschikte project capaciteit van ruim 74 MWp (voorgaande update zelfs 101 MWp). Ook al is de omvang afgenomen, het is, wederom, een fors volume.

Tot slot, wederom duikt er een vreemde anomalie op in de cijfers: De najaars-ronde van SDE 2018 blijkt er netto bezien 1 beschikking bij te hebben gekregen t.o.v. de update van mei. Maar tegelijkertijd is bij de netto overgebleven capaciteit 473 kWp verloren gegaan. Dat laatste is beslist verklaarbaar, zelfs bij stasis bij het aantal overgebleven projecten, omdat beschikte volumes tegenwoordig regelmatig achteraf worden bijgesteld door RVO. Maar dat ene nieuw project is wel weer vermeldenswaardig. Het is overigens eerder ook al voorgekomen dat iets dergelijks is geschied. Mogelijk een "tijdelijk gemiste" beschikking waarmee iets vreemds was, en die later alsnog is toegevoegd aan de reeds torenhoge stapel ...

Realisaties
Uiteraard zijn er ook projecten tussentijds "volgens de administratieve definities" van RVO gerealiseerd. Sedert het mei 2019 rapport van RVO waren dat er slechts 2 voor SDE 2014, met een capaciteits-groei van 1,52 MWp (beschikt). Er kwam weer 1 klein project bij voor de weinig impact voor PV hebbende SDE 2015 (0,27 MWp), 30 voor de voorjaars-ronde van SDE 2016 (7,0 MWp), en nog eens 85 voor de najaars-ronde van die jaargang (18,4 MWp). De voorjaars-ronde van SDE 2017 gaf gelukkig (naast de verliezen hierboven genoemd), op het gebied van aantallen 181 nieuw gerealiseerde projecten / beschikkingen te zien, die 72,7 MWp beschikte capaciteit toevoegden. De najaarsronde van die jaargang gaf zelfs al een hoeveelheid van 272 nieuwe projecten te zien (81,7 MWp beschikt toegevoegd). Hierbij komt ook nog een volume voor de voorjaars-ronde van SDE 2018, die in de huidige update volgens RVO officieel al 136 project realisaties met (slechts) 27,3 MWp beschikte capaciteit heeft opgeleverd. Ook zagen volgens de "officiële tellingen" van RVO reeds 64 nieuwe SDE 2018 II projecten de status realisatie tegemoet, met nog slechts een bescheiden toevoeging van 6,6 MWp. Relatief kleine projectjes, dus, al zal menig Nederlands burger een gemiddeld project van ruim 100 kWp per stuk beslist al als "groot" ervaren.

Dit alles geeft een totaal van, netto, 767 nieuwe formele realisaties, met een capaciteit van de beschikkingen die optelt tot een relatief bescheiden nieuw volume van 215,5 MWp t.o.v. de mei 2019 update. In de update van mei 2019 werd een substantieel hoger volume, ruim 447 MWp toegevoegd, verdeeld over 839 beschikkingen. Let op dat hier sedert die voorlaatste update verloren gegane beschikkingen reeds in zijn verdisconteerd (reeds lang geleden opgeleverde projecten, 4 stuks, uit de eerste 3 SDE regelingen).

Let wel bij de laatstgenoemde capaciteit (215,5 MWp "netto groei") op, dat dit beslist niet het fysiek gerealiseerde volume is. RVO geeft dat namelijk in de meeste gevallen niet op. Ik heb van talloze projecten met SDE subsidies fors verschillende opgeleverde capaciteiten in mijn spreadsheet staan, die soms wel tot 30% kunnen afwijken van het getal getoond in de RVO lijsten. Zowel afwijkend naar boven, als naar onder. Wel zie ik in de laatste updates van RVO steeds vaker bij de opgevoerde toegekende projecten correcties van eerder beschikte volumes. Kennelijk betreft het hier dan de "werkelijk opgeleverde" capaciteiten. Maar dat is vooralsnog eerder uitzondering, dan regel, gezien gedetailleerde project informatie die Polder PV op tafel heeft gekregen (via talloze bronnen). Voor de details van alle wijzigingen en "overgebleven" aantallen bij de verschillende categorieën, en de verschillende SDE regelingen, zie de volgende tabel hier onder.


Progressie bij de deel-dossiers van de SDE regelingen

Voor uitgebreide toelichting bij de (inhoud van de) tabel, zie artikel met analyse status 3 april 2017.


^^^
KLIK
op plaatje voor uitvergroting (komt in apart tabblad ter referentie, naast tabblad met tekst artikel)

In deze tabel alle relevante bijgewerkte zonnestroom cijfers voor de aantallen en Megawatten voor alle (bekende) SDE regelingen, tot en met de beschikkingen voor de tweede ronde van SDE 2018 (najaars-ronde in update van mei 2019 nieuw opgenomen in overzicht). Links de oorspronkelijk beschikte volumes, in rood de actuele status van wat RVO met de huidige (detail) update nog in portfolio heeft staan, in blauw de daar uit resulterende verloren gegane hoeveelheden t.o.v. oorspronkelijk toegekend. In groen volgen de fysieke volumes, volgens administratieve normen van RVO geldende "opgeleverde" (gerealiseerde) projecten. De laatste vier kolommen betreffen de overgebleven hoeveelheden, nog in te vullen (of t.z.t. af te voeren) beschikkingen van de betreffende SDE regimes. Zowel voor de aantallen als voor de beschikte capaciteit waren de oorspronkelijke toevoegingen onder de najaars-ronde van SDE 2018 wederom record hoeveelheden (rode kaders voor SDE "+" segment), die de voorgaande records onder de voorjaars-ronde van 2017 hebben vervangen. Vóór die regeling was dat bij de aantallen SDE 2014 (2.973 projecten oorspronkelijk beschikt). En bij de beschikte capaciteit was het de najaars-ronde voor SDE 2016 (oorspronkelijk 970,7 MWp beschikt).

Bij de oudere "SDE" voorgangers waren de aantallen maximaal bij SDE 2008 (8.033 oorspronkelijke beschikkingen), bij de capaciteit was het SDE 2009, die voor de twee varianten bij elkaar ("klein" resp. "groot" categorie) 29,0 MWp kreeg beschikt (rode kaders).

In oranje veldjes heb ik in het blok "overgebleven beschikte volumes" bij de primaire data aangegeven dat er negatieve wijzigingen zijn geweest t.o.v. de voorgaande update. Data in de overige "blanco" veldjes zijn niet meer gewijzigd sedert die update (van mei 2019). Er is hierbij een reeds genoemde "anomalie": voor SDE 2018 II kwam er nog een beschikking bij t.o.v. de vorige update (in lichtgroen veldje aangegeven, totaal "over" nu 4.406 project beschikkingen, netto 5 minder dan oorspronkelijk toegekend).

Inmiddels is het overgebleven beschikte vermogen voor de najaars-ronde van SDE 2017 (ruim 1.849 MWp) reeds door de nodige tussentijdse uitval een stuk lager komen te liggen dan het oorspronkelijke, officieel toegekende volume (bijna 1.911 MWp). In de update van januari dit jaar lag dat (overgebleven) beschikte volume, curieus, nog op een hóger niveau dan het oorspronkelijk toegekende volume.

(a) Verloren gegane beschikkingen t.o.v. de oorspronkelijk toegekende volumes (blauwe sectie in tabel)

Er is t.o.v. de accumulatie status getoond in de vorige update weer het nodige aan extra volume verloren gegaan (beschikkingen om wat voor reden dan ook ingetrokken of alsnog ongeldig verklaard door RVO, zie ook paragraaf "afvallers" hier boven). Voor SDE 2014 is inmiddels in totaal een capaciteit van 300,5 MWp verspeeld (827 projecten, 1 exemplaar verdwenen t.o.v. de update van mei 2019). Het capaciteits-verlies is opgelopen tot 34% (aantallen: bijna 28%) ten opzichte van oorspronkelijk beschikt. In de officiële augustus 2019 update van RVO zijn er inmiddels voor de SDE 2016 voorjaars-ronde al 254 beschikkingen weggestreept (bijna 48 MWp verlies), en voor de najaars-ronde zelfs 519 projecten met een capaciteit van bijna 120 MWp. Geaccumuleerd raakten deze 2 SDE 2016 regelingen al 773 beschikte projecten kwijt, "goed" voor 168 MWp aan beschikte capaciteit. Dat is al 14,6% van het oorspronkelijk beschikte volume voor deze twee regelingen (1.149,5 MWp).

SDE 2017 verloor tot nog toe met name bij de voorjaars-ronde veel projecten, 928 stuks / 281 MWp. Met de najaars-regeling er bij genomen was het verlies voor SDE 2017 (I + II) al 1.288 project beschikkingen met een geaccumuleerde capaciteit van ruim 342 MWp. Genoemd netto verlies volume voor beide rondes onder SDE 2017 is t.o.v. de enorme, oorspronkelijk beschikte capaciteit (4.265 MWp), gelukkig vooralsnog relatief bescheiden: 8,0%. Dit kan echter nog steeds veranderen, als de claim van energie specialist Siebe Schootstra bewaarheid gaat worden "dat van de voorjaarsronde van 2018 nog niet de helft gerealiseerd zal worden. Voor 2017 geldt ook zoiets", aldus zijn nogal onrustbarende tweet van 5 september 2018. Er moet immers nog zeer veel volume opgeleverd gaan worden (laatste kolom in tabel) ...

Vooralsnog is het verlies bij de voorjaars-ronde van SDE 2018 nog marginaal, 20 beschikkingen met 9,7 MWp. Daarbij toevoegend wat eerste uitval bij de pas eerder dit jaar vol beschikte najaars-ronde, (netto) 5 beschikkingen met nog eens 1,8 MWp, komt het verlies voor heel SDE 2018 tot nog toe nog steeds op geringe hoeveelheden (25 beschikkingen, 11,5 MWp). Tellen we alle verliezen bij elkaar op, voor alle SDE regelingen, zijn de verloren beschikte capaciteiten inmiddels geaccumuleerd tot een bedroevende 962,2 MWp, ruim 74 MWp meer dan de 887,8 MWp tm. de update van mei 2019. Het overgrote deel van dat volume, 942,8 MWp (98%), viel weg uit de verzamelde SDE "+" portfolio. In totaal gingen er tm. de huidige update al 9.674 afgegeven beschikkingen door de virtuele papiershredder bij RVO heen. Hiervan was het grootste deel echter afkomstig uit de oude 3, door duizenden residentiële installaties gedomineerde SDE regelingen (6.083 stuks, 63% van totaal). Als dit "prullebakkeer" tempo zo doorgaat, zal er in een volgende RVO update al meer dan 1 GWp (!) aan SDE beschikt PV project vermogen verloren zijn gegaan, en mogelijk al rond de tienduizend uiteindelijk dus waardeloos gebleken verstuurde beschikkingen, bestaande uit meerdere pagina's ingewikkelde aanwijzingen en voorwaarden ...

Dat verloren gegane volume van ruim 962 MWp aan ooit beschikte SDE capaciteit voor zonnestroom, ligt al in de buurt van de geaccumuleerde gerealiseerde capaciteit aan het eind van het jaar 2014 (1.007 MWp alle projecten, inclusief alle huishoudens e.a. installaties, volgens de laatste CBS cijfers van 29 mei 2019. Het totale verlies is al zo'n 8,6% van de oorspronkelijk beschikte volumes voor al die regelingen (inclusief de nog maar net op gang komende najaars-ronde voor SDE 2018, dus een "nogal geflatteerd, te positief beeld" gevend). Maar aan dat verloren volume kan beslist nog "het nodige" worden toegevoegd, gezien de vele "riskante" grote project beschikkingen van de afgelopen rondes in 2016-2018. M.b.t. de aantallen is het verlies al fors groter, 9.674 projecten, 24,2% van oorspronkelijk toegekend door RVO en haar voorgangers. Dat ligt vooral aan de enorme verliezen bij de oude SDE regelingen, zoals hierboven gemeld. Die staan boven de stippellijn in de tabel, het betreft veelal beschikkingen voor particulieren, maar ook woningbouw projecten die niet zijn doorgegaan, of die om diverse andere redenen zijn ge-cancelled.

(b) Fysieke realisaties per SDE jaar-ronde "volgens de officiële RVO cijfers" (groene sectie in tabel)

SDE 2014
Onder het SDE 2014 regime is nog maar marginale groei geweest: 2.135 (mei 2019 2.133, jan. 2019 2.116, okt. 2018 2.095, juni 1.982, apr. 1.831, jan. 2018 1.652, okt. 2017 1.568, juli 2017 1.419) project beschikkingen volgens RVO directieven tot nog toe "officieel" opgeleverd, met een gezamenlijke beschikte capaciteit van 577 MWp (mei 2019 575 MWp, jan. 2019 551 MWp, juni 2018 520 MWp, apr. 456 MWp, jan. 2018 410 MWp, okt. 2017 377 MWp, juli 2017 335 MWp). Tot voor kort by far het hoogste absolute realisatie volume tot nog toe, van alle SDE jaarrondes, m.b.t. capaciteit realisatie. Met een gemiddelde systeemgrootte van 270 kWp per project beschikking. In april 2017 was dat nog maar 231 kWp. De opgeleverde projecten van die belangrijke regeling zijn dus gemiddeld genomen groter geworden. Daarmee is SDE 2014 volgens de - uiteraard blijvend achter lopende - RVO cijfers op een realisatie van ruim 65% gekomen t.o.v. de oorspronkelijk beschikte capaciteit (dat was bijna 63% in update van jan. 2019, juni 2018 59%, jan. 2018 46%, juli 2017 38%). Bij de aantallen beschikkingen is het bijna 72% (jan. 2019 71%, juni 2018 67%, jan. 2018 56%, juli 2017 48%).

We zien aan de realisaties onder SDE 2017-I echter al, dat het record voor SDE 2014 geen lang leven meer is beschoren. In ieder geval wat de beschikte capaciteit betreft. Met nog enorm veel volume aan beschikkingen te gaan, heeft deze voorjaars-ronde van SDE 2017 al 550,6 MWp aan beschikte realisaties op haar naam staan. Het is zeer waarschijnlijk, dat deze ronde het erepodium gaat bezetten in een volgende RVO update. Daarbij de langjarige kampioen SDE 2014 naar de - voorlopig - tweede plaats verwijzend.

Totale volumes
In totaal is er tot deze officiële RVO update een volume van bijna 2.031 MWp "SDE beschikt" opgeleverd, verdeeld over 16.742 projecten (mei 2019 1.815 MWp, jan. 2019 1.368 MWp, oktober 2018 1.124 MWp). Een zeer substantieel deel van dat "aantal" komt uit de oude SDE regelingen, toen duizenden particulieren mee konden doen. Het aandeel van alleen SDE op totaal realisatie "SDE + SDE+" bedroeg 9.964 (overgebleven !) beschikkingen = 60% bij de aantallen (inclusief opgenomen SDE 2018 II regeling), wat nog 62% was in de mei update. Dat aandeel zal stapsgewijs blijven dalen, naarmate er meer SDE "+" projecten zullen worden opgeleverd. Het aandeel van alleen opgeleverde SDE beschikkingen is slechts bijna 50 MWp op een totaal van momenteel 2.031 MWp (SDE + SDE "+") = 2,4% (mei 2019 2,8%; dit was nog zonder SDE 2017 II in de april 2018 update 6,4%; in juli 2017 was het nog ruim 10%). Wezenlijk verschillend, dus. Dat heeft alles te maken met de enorme schaalvergroting onder het SDE "+" regime, waar onder de "bovencap" van, ooit, 100 kWp is ge-elimineerd, en er enorm grote projecten werden beschikt, en inmiddels, in een steeds rapper tempo, zijn, en worden opgeleverd. Zoals Scaldia op Walcheren (Zld), met ruim 54 MWp tot nog toe voorlopig een tijdje als grootste, en voorlopig, tot waarschijnlijk het najaar van 2019, "uniek in zijn soort". Dat park is opgenomen in de update van 7 januari, door RVO.

Relevant in dit aspect is beslist, dat de opgevoerde beschikte capaciteit bijna nooit het daadwerkelijk gerealiseerde vermogen van de installaties weergeeft. Daar kunnen behoorlijke afwijkingen in zitten. Bovendien kunnen beschikkingen door RVO later nog aangepast worden. Zo verloor de beschikking voor het bekende Woldjerspoor project van GroenLeven in Groningen maar liefst 6 MWp (!) t.o.v. de oorspronkelijk beschikte capaciteit. Het resultaat lijkt echter, met de huidige update, nog steeds niet de daadwerkelijk opgeleverde capaciteit weer te geven, volgens de detail project informatie beschikbaar bij Polder PV, het verschil is dik 20% ...

Kijken we bij de realisaties naar de percentages t.o.v. de oorspronkelijke beschikkingen, duiken andere "record houdende SDE jaarrondes" op dan bij de absolute volumes. Voor de "oude SDE" was dat SDE 2009 voor zowel aantallen en capaciteiten (67 resp. 77 procent van oorspronkelijk beschikt). Hierin zal geen wijziging meer komen, die regelingen zijn al lang "afgerond". Voor het "SDE+ regime" is dat inmiddels voor zowel de aantallen (72%) als de capaciteit (65%) de SDE 2014 regeling, als de zeer weinig capaciteit leverende SDE 2015 even buiten beschouwing wordt laten (capaciteit score ruim 73%). Met reeds ruim 61% realisatie onder SDE 2016 I, is bij de relatieve aandelen van de realisaties t.o.v. de oorspronkelijk beschikte volumes inmiddels een nieuwe "kampioens-kandidaat" zich aan het voorbereiden. Althans, als er niet teveel volume van de overgebleven 21,3 MWp aan beschikkingen alsnog gaat uitvallen. Wat natuurlijk beslist kan gebeuren ...

Opvallend is de zeer slechte prestatie voor de (ook reeds afgeronde) SDE 2012: slechts 32% van aantal oorspronkelijke beschikkingen opgeleverd, en zelfs maar 28% van de capaciteit. Uiteraard was er ook maar heel weinig beschikt (oorspronkelijk 17,1 MWp, waarvan er echter maar 4,8 MWp is overgebleven), anders had dat een "ramp-subsidie-jaar" geworden. Latere regelingen kunnen uiteraard nog forse realisatie toenames laten zien. Voor SDE 2014 projecten gaan de laatste loodjes wegen: de laatste in bouw zijnde projecten moeten, eventueel met een eenmalige verlenging op zak, echt binnenkort aan het net gaan, anders dreigen de overblijvende 11 beschikkingen te worden ingetrokken.

Het in een voorgaande update besproken, toen nog open staande Solarpark Roodehaan, waarvoor aanvankelijk een zonnepark aan de andere kant van Groningen (Westpoort gebied) was gepland, maar de beschikking kon worden overgeheveld, is alweer een tijdje geleden opgeleverd door Sunrock samen met Sunprojects (en er komt mogelijk zelfs nog een vervolg op). Het byzondere, van dunnelaag modules (Hanergy) voorziene zonnepark oostelijk van Groningen, en onderdeel van het "Masterplan Groningen Energieneutraal" is ge-cofinancierd door Triodos Bank. De momenteel grootste overblijvende beschikking onder SDE 2014 (1,6 MWp), is voor een van de vele met zonnepanelen uitgeruste cq. nog op te leveren distributie centra in eigendom van de Nederlandse tak van de Belgische vastgoed magnaat WDP, in Venlo. Er staan ook nog 4 beschikkingen voor het grote multi-site project van Dekker Hout open, en nog eens 4 met naam benoemde, en 2 anonieme beschikkingen. Als die zijn afgerond (of, mogelijk, alsnog worden ingetrokken of door overschrijding van de realisatie limiet worden afgewezen), kan de SDE 2014 regeling, langjarig de populairste regeling van allemaal, definitief worden gesloten.

Een beschikking van ruim 1,4 MWp voor het grondgebonden Pure Energie project te Hazerswoude reeds een tijdje officieel opgeleverd, heeft inmiddels, t.o.v. de voorgaande update van mei, het felbegeerde "ja" vinkje gekregen bij RVO. Het was in mei de laatste SDE 2014 beschikking voor een "veldopstelling" die nog open stond.

Gemiddelde beschikking grootte bij de realisaties
In de kolom realisaties ziet u achteraan de uit de aantallen en beschikte capaciteiten berekende gemiddelde project (eigenlijk "beschikking") groottes volgens de toekenningen van RVO. Hierin is een duidelijk trend van schaalvergroting herkenbaar. Van zeer klein (gemiddeldes van zo'n 2-9 kWp per beschikking onder de 1e 3 SDE regimes), tot fors uit de kluiten gewassen in groeiende tendens onder de "SDE+" regimes vanaf SDE 2011. Groeiend van gemiddeld 48 kWp onder SDE 2011 tot ver over de 200 kWp in de SDE 2014-2016 I, en wederom hoge niveau's onder SDE 2016 II (393 kWp) en SDE 2017 I, die zelfs uitkwam op gemiddeld 420 kWp per beschikking bij de realisaties (gemarkeerd met rode rand). Dat lag in de vorige update trouwens nog zelfs iets hoger, op 423 kWp. Kennelijk zijn later toevoegingen binnen die regeling gemiddeld iets kleiner geweest, waardoor dat maximale gemiddelde weer licht is gedaald.

Daarna vallen de gemiddeldes weer terug naar 303 kWp (SDE 2017 II) en 183 kWp onder SDE 2018 I. Regelingen die nog een beetje "op stoom" moet komen, met name wat de grote project realisaties betreft. De 69 realisaties onder SDE 2018 II zijn nog relatief bescheiden van omvang, gemiddeld met beschikkingen van 98 kWp per stuk. Dat is wel al ruim het dubbele van de status in de voorgaande update, toen het gemiddelde voor de eerste realisaties nog op slechts 41 kWp was gekomen. Voor alle realisaties bij elkaar heeft het gemiddelde per beschikking een omvang van 121 kWp (vorige updates: mei 2019 114 kWp, jan. 2019 90 kWp, daar voor 77 kWp). Ook al groeit dat gemiddelde dus continu, het wordt nog steeds fors gedrukt door de vele kleine residentiële projecten onder de 3 oudste SDE regimes.

De gemiddelde project groottes bij de overgebleven beschikkingen (rode veld in tabel) zijn, voor de regelingen waarvoor nog (veel) projecten open staan, hoger dan die bij de realisaties. Dit komt omdat nog vele (zeer) grote projecten nog niet zijn gerealiseerd. Als die worden opgeleverd, zullen ze een opwaartse druk geven aan het systeem gemiddelde van de uiteindelijk gerealiseerde projecten cumulaties.

(c) Actuele portfolio aan overgebleven SDE beschikkingen voor PV (zwarte sectie in tabel)

Dit alles (oorspronkelijk beschikt minus verloren gegane beschikkingen cq. realisaties) leidt tot een "overgebleven" pool aan beschikte projecten die nog opgeleverd moet gaan worden. Of, bij pech, tot extra verlies om wat voor reden dan ook. Begin augustus 2019 waren er bij RVO voor SDE 2014 tm. SDE 2018 II nog 13.495 beschikkingen over. resp. ruim 8.248 MWp (mei update: nog ruim 8,5 GWp). Een enorm volume voor een land wat inmiddels, medio augustus 2019, mogelijk nog slechts tussen de 5,5 en 5,6 GWp aan geaccumuleerde PV capaciteit heeft staan.

Voor de resterende 5,1 MWp uit de SDE 2014 regeling (0,6% van oorspronkelijk beschikte capaciteit, 0,9% van overgebleven beschikte volume, 582,1 MWp) gaat de tijd dringen. Er gaat mogelijk nog wat volume van afvallen.

(d) Ratio SDE+/SDE

Onderaan twee velden in de tabel heb ik ook nog de ratio berekend van de officieel overgebleven beschikte volumes voor alle SDE+ t.o.v. de oude SDE regelingen (rode veld), en dit herhaald voor de reeds door RVO als opgeleverd beschouwde projecten (groene veld). Die verhouding ligt, vanwege heftige toevoegingen van beschikkingen onder met name de laatste vier SDE "+" rondes, verminderd met de tussentijdse forse hoeveelheden verloren gegane exemplaren, inmiddels rond de 2,0 (in juli 2017 was dat nog 0,6), voor de aantallen overgebleven beschikkingen. De SDE werd door duizenden particuliere toekenningen gedomineerd, en die was tot nog toe bepalend voor deze inmiddels aardig "recht getrokken" verhouding. Bij de realisaties is die verhouding echter een stuk schever (slechts 0,7), omdat veel grote projecten uit latere "SDE +" regelingen nog niet zijn opgeleverd, en de vele reeds afgeronde oude SDE micro projectjes die som nog zwaarder "onder druk zetten".

Bij de capaciteiten is de verhouding precies andersom, omdat "SDE +" gedomineerd wordt door talloze zeer grote projecten. Bij de overgebleven beschikkingen, incl. de toegevoegde SDE 2017 (I en II), en SDE 2018 (I en II) regelingen, is die factor opgelopen tot een heftige factor 206 : 1 (SDE "+" staat tot SDE; in update van juni 2018 nog 120 : 1). Bij de realisaties een stuk lager, inmiddels 40 : 1 (in de juni 2018 update was dat nog 17 : 1). Met dezelfde oorzaak: veel zeer grote projecten in de beschikkingen zijn nog niet opgeleverd, inclusief de grote volumes uit SDE 2017 I en II, en SDE 2018 I en II. Tot slot, bij de gemiddelde systeemgrootte vinden we die trend wederom terug. "SDE +" staat tot SDE bij de beschikkingen 102 : 1, maar bij de realisaties nog "maar" een factor 59 : 1 (juni 2018 update 43 : 1). Ook deze verhoudingen kunnen wijzigen, naar gelang er een fors aantal grote "SDE + projecten" daadwerkelijk alsnog gerealiseerd zal gaan worden. Echter, omdat deze verhoudingen t.o.v. de voorgaande update relatief gering zijn gewijzigd, moeten daarvan eerst grote volumes opgeleverd gaan worden. Dat kan nog wel "even" gaan duren, al blijven tegenwoordig SDE beschikkingen niet erg lang geldig. Zeker voor de kleinere projecten niet, waarvoor de realisatie termijn is terug geschroefd naar nog maar anderhalf jaar ...


(e) Evolutie systeemgemiddelde capaciteit volgens RVO beschikkingen

Interessant is het om wederom een update te plaatsen van de evolutie van de gemiddelde capaciteit per beschikking, voor de talloze zonnestroom projecten in het RVO dossier. Met de laatste update van 5 augustus is een actualisatie mogelijk, met name op het vlak van de realisaties. Hierbij een waarschuwing: het gaat hier om gemiddelde capaciteit per beschikking. In de mééste gevallen is dat ook de gemiddelde capaciteit per project. Echter, er zijn ook behoorlijk wat project sites waarvoor meer dan 1 (tot zelfs meerdere) beschikking(en) is/zijn afgegeven. De resultaten zijn op dat punt dus enigszins scheefgetrokken. Ook altijd s.v.p. in het achterhoofd houden, dat "beschikt" volume beslist niet gelijk gesteld mag worden aan "daadwerkelijk opgeleverde" capaciteit. Daar kunnen soms zeer forse verschillen tussen zitten, de projectenlijst van Polder PV staat bomvol dergelijke verschillen

In gele kolommen vindt u, bovenaan in zwarte cijfers weergegeven, het gemiddelde vermogen per beschikking, in kWp, bij de oorspronkelijke beschikkingen. U ziet, dat, na een klein tussen maximum bij de populaire SDE 2014 regeling (271 kWp gemiddeld) er na een lichte terugval (227 kWp onder SDE 2016 I), een explosieve schaalvergroting bij de aangevraagde en overgebleven beschikte projecten is ontstaan, sedert SDE 2016 II. Wederom met een tussen maximum van 600 kWp gemiddeld onder SDE 2017 I, een terugval naar 453 kWp gemiddeld onder SDE 2018 I, en een nieuw maximum van maar liefst 670 kWp gemiddeld per beschikking onder de meeste volumes en grote project voorstellen trekkende SDE 2018 II.

Achteraan vinden we in een paarse kolom het gemiddelde over álle overgebleven beschikkingen (SDE 2008 tm. SDE 2018 II), 340 kWp.

Daarnaast heb ik in een lay-over "doorzichtige kolom met rode rand" de tot en met deze update gemiddelde beschikte capaciteit bij de daadwerkelijke gerealiseerde beschikkingen weergegeven. En de daarbij toegevoegde waarde per SDE jaar-ronde in rode cijfers afgebeeld. Die zijn identiek aan die voor de overgebleven beschikkingen tot en met SDE 2013, omdat er geen projecten meer zijn om ingevuld te worden (afgesloten jaar-rondes). Vanaf SDE 2014 wijken die volumes af, en zijn ze in de meeste gevallen minder, en onder SDE 2016 II tm. SDE 2018 II zelfs "flink minder" groot bij de realisaties. Dit komt natuurlijk, omdat de grote projecten, die bij de toegekende beschikkingen de gemiddelde waarden flink omhoog schroeven, voor een aanzienlijk deel nog helemaal niet zijn gerealiseerd. Dit is helemaal pregnant voor de nog vrij recent toegevoegde SDE 2018 II, waarbij de verhouding "opgeleverd" : "overgebleven beschikt" nog slechts 15% is. Zodra die grotere projecten cq. beschikkingen opgeleverd gaan worden, is de verwachting dat de rode cijfers (en de bovenzijde van de roodgerande kolommen) flink zullen stijgen richting de zwarte exemplaren, cq. de gele kolom (boven)randen.

Onder SDE 2015 een uitzondering, waarbij de gerealiseerde gemiddelde beschikking tot nog toe iets hóger ligt dan bij de overgebleven hoeveelheid beschikkingen. Dit heeft te maken met het geringe aantal projecten binnen deze regeling, waarbij 1 project bij realisatie een onevenredig hoge invloed op dergelijke gemiddelde cijfers zal hebben. De verwachting is natuurlijk, dat uiteindelijk beide cijfers op hetzelfde niveau zullen uitkomen, als de laatste projecten zullen zijn opgeleverd - en officieel verwerkt door RVO.

Achteraan vinden we voor "alle realisaties" een gemiddelde omvang van slechts 67 kWp per opgeleverde beschikking. Dat is fors minder dan het gemiddelde voor alle (overbleven) beschikte projecten, 340 kWp. Hoe meer grote project beschikkingen zullen worden opgeleverd, komende jaren, hoe kleiner het verschil tussen deze 2 "extremen" zal gaan worden.


Samenvattend: overgebleven beschikkingen en realisaties in grafiek

In onderstaande 2 grafieken de overgebleven hoeveelheden SDE / SDE "+" beschikkingen cq. capaciteit, en de daarbij behorende realisaties, volgens de officiële RVO update van 5 augustus 2019. Deze grafieken vervangen de exemplaren voor de gereviseerde versie van de status van 6 mei jl.

Hierbij s.v.p. niet vergeten dat er inmiddels beslist al het nodige aan volume bijgeplaatst zal zijn, maar die volumes zijn nog niet bekend en/of "officieel afgevinkt" door het agentschap van RVO.

Bovenstaande grafiek toont de aantallen overgebleven beschikkingen per SDE regeling (linker stapel kolom), resp. de reeds gerealiseerde projecten (rechter stapel kolom). De totalen voor alle regelingen staan vetgedrukt bovenaan. In de getoonde update van RVO (5 augustus 2019) was 55% van de overgebleven aantallen beschikkingen daadwerkelijk gerealiseerd (rode pijl & percentage). Dat was in de voorgaande update nog 52%. Voor de SDE regelingen tm. SDE 2013 staan er geen projecten of capaciteit meer open (veel van de oorspronkelijke beschikkingen zijn sowieso afgevoerd, om diverse redenen).

In deze tweede grafiek hetzelfde beeld als voor de aantallen projecten, maar nu voor de nog overgebleven beschikte capaciteit in MWp (linker stapel kolom), resp. de reeds opgeleverde (beschikte) capaciteit (rechter stapel kolom). Op dit vlak is er nog een lange weg te gaan, slechts 20% van de overgebleven beschikte capaciteit van alle regelingen tm. SDE 2018 II is inmiddels ingevuld. Dit was in de vorige udate van mei jl. nog 18%. Veel grote projecten moeten sowieso nog worden opgeleverd, met name uit de regelingen SDE 2017 I tm. SDE 2018 II. In de grafiek is ook de laatst bekende status van CertiQ toegevoegd (eind juli: 2.229 MWp volume bekend, dit is inclusief een onbekend, doch zeer marginaal volume "niet SDE projecten"). Het verschil met de huidige update van RVO voor begin augustus is al fors (bijna 10% meer capaciteit bij CertiQ). De verwachting is dat, in vergelijking met de huidige update van RVO, het verschil weer verder gaat oplopen, omdat het agentschap slechts grofweg eens in het kwartaal een (SDE) update verzorgt, en CertiQ maandelijks rapporteert.


Thermische zonne-energie

In dit kleine andere zonne-energie dossier, is er bij de beschikte volumes na de toevoeging van de SDE 2018 II beschikkingen in de voorgaande update van mei jl., een (resterend) volume van bijna 76 MWth ontstaan, verdeeld over 87 beschikkingen. SDE 2018 II voegde destijds 14 MWth verdeeld over een negentien-tal nieuwe beschikkingen toe aan dit dosier. Sedert de mei update is er in totaal alweer een verlies opgetreden van ongeveer 2 MWth aan capaciteit, verdeeld over 5 beschikkingen.

Als we kijken naar de "officiële realisaties", volgens de richtlijnen van RVO, zijn daarvan tot nog toe 23 projecten opgeleverd, 2 meer dan in de vorige update (26% van overgebleven beschikt volume). Met een beschikt totaal thermisch vermogen van 28,5 MWth (7,7 MWth meer dan in update van mei). Dat is momenteel 38% van het overgebleven beschikte volume. Inmiddels 9 daarvan (2,1 MWth totaal) hebben een SDE 2014 subsidie beschikking. 6x SDE 2016 I (24,1 MWth), 2x SDE 2013 (1,3 MWth), 4x SDE 2017 I (ruim 0,6 MWth), 2x SDE 2016 II (0,4 MWth), en 1x SDE 2012 (0,1 MWth) vulden de rest van de realisaties aan, waarbij vooral het hoge thermische volume voor SDE 2016 I opvalt. Wat grotendeels door de grote installatie met een beschikte omvang van 15,7 MWth bij Orchideeën teler Ter Laak in Wateringen wordt veroorzaakt. Voor een project beschrijving van die innovatieve DaglichtKas, zie alhier.

Er zijn 2 beschikkingen met thermische zonne-energie installaties in veldopstellingen. 1 bij het gemeentehuis te Ommen (Ov.), 0,5 MWth, en een redelijk groot project van 8,3 MWth in Heusden, gem. Asten (NB), bij groentenkwekerij 't Bleekerven.

Het grootste grondgebonden thermische zonnewarmte project, 9.300 m² zonnecollectoren, bij Tesselaar Freesia's in Heerhugowaard, staat echter niet als zodanig in de lijst van RVO aangegeven. Er wordt wel geclaimd dat er SDE "+" subsidie zou zijn aangevraagd. Er is 1 geanonimiseerde beschikking van 6,37 MWth voor Heerhugowaard afgegeven door RVO, inmiddels zelfs ook opgeleverd. Echter, tale-telling, zonder "veldopstelling" vinkje. Mogelijk is dat laatste een omissie. Ik kom wel vaker vreemde of foute indicaties tegen in de RVO lijsten.


Bronnen

Zie ook andere recente SDE 2016-2018 analyses:

Kamerbrief SDE 2019 - tussenstand voorjaars-ronde, contouren najaars-ronde ff (11 juli 2019)

Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (RVO, 6 mei 2019) - wederom record toevoeging, > 447 MWp (16 mei 2019)

SDE 2018 najaarsronde II. Deel 5. Grondgebonden installaties nieuw beschikt en totalen voor alle (overgebleven) SDE beschikkingen (13 mei 2019)

SDE 2018 najaarsronde II. Deel 4. Synthese alle SDE regelingen incl. laatste ronde (6 mei 2019)

SDE 2018 najaarsronde II. Deel 3. Details uit projecten lijst - segmentaties (27 apr. 2019)

SDE 2018 najaarsronde II. Deel 2. En SDE 2019 I - enkele kengetallen in relatie tot eerdere SDE regelingen (27 apr. 2019)

SDE 2018 najaarsronde. Deel 1. Vol beschikt, 2.953 MWp PV inclusief. SDE 2019 voorjaarsronde iets onder budget geclaimd, incl. 2.921 MWp PV. Portfolio beschikt: 10,5 GWp (26 apr. 2019)

Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (RVO, 7 januari 2019) II - "veldopstellingen" in vergelijking met projectenlijst Polder PV (19 feb. 2019)

Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (RVO, 7 januari 2019) I - record toevoeging, 13 beschikkingen Tata Steel project † (18 feb. 2019)

Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (RVO, 1 januari 2019) - korte update (29 jan. 2019)

Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (RVO, 4 oktober 2018) - snelle evolutie uitbouw (13 december 2018)

Verbreding SDE"+" vanaf 2020 - Kamerbrief (27 nov. 2018)

Fasering SDE 2018 ronde II - meer details, historie toegekende budgetten, kengetallen (19 nov. 2018)

Kamerbrief najaars-ronde SDE 2018 - trendbreuk gebroken: budget EUR 6 md met 29% overvraagd; 3,7 GWp PV projecten aangevraagd (16 nov. 2018)

Nagekomen 2 - Late kamerbrief SDE 2018 I (26 sep. 2018)

SDE 2018 voorjaarsronde 3 - Grondgebonden installaties nieuw beschikt en totalen voor alle (overgebleven) SDE beschikkingen (29 aug. 2018)

SDE 2018 voorjaarsronde 2 - Evolutie aantallen en capaciteit van beschikkingen zonnestroom onder SDE "+" regime (25 aug. 2018)

SDE 2018 voorjaars-ronde vol beschikt - 41% "onderbenutting", ruim 1,7 GWp PV toegekend (> 2 miljard Euro), 860 MWp afgewezen (24 aug. 2018)

Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (8 juni 2018) - (2) grondgebonden zonneparken (14 juli 2018; vervolg op eerste artikel)

Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (8 juni 2018) - (1) flinke progressie (12 juli 2018; voorlaatste update SDE van RVO)

Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (3 april 2018) (19 april 2018)

Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (4 januari 2018) (13 februari 2018)

Status update "officiële" stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (18 november 2017)

Wederom nieuw record fotovoltaïsche projecten SDE regime: SDE 2017 ronde II overtreft voorjaars-ronde, 3,2 GWp aangevraagd (12 nov. 2017)

Verdeling aantallen projecten en vermogens over grootte categorieën SDE 2016 tm. SDE 2017 ronde I (5 sep. 2017)

Data SDE 2017 ronde I bekend - record toegekend budget en capaciteit voor PV (4 sep. 2017)

Nieuw record aanvragen fotovoltaïsche projecten SDE regime SDE 2017 - > 2,6 GWp (6 april 2017)

Status update stand van zaken realisaties SDE regelingen voor zonne-energie (3 juli 2017) (31 augustus 2017)

Feiten en cijfers SDE(+) (RVO, extern)

Artikel voorbereid en geschreven op 18-19 augustus 2019, gepubliceerd 19 augustus 2019 na uitgebreide check van verstrekte cijfers en data.


13-15 augustus 2019: Progressie totale PV capaciteit bij Enexis, verwachtingen groei tot na 2021, PV capaciteit grootverbruik Nederland (herpublicatie: 16 augustus 2019).

Introductie
Dit artikel is herschreven. De reden is als volgt. Enexis Groep publiceerde op 12 augustus jl. een bericht met enkele cijfers en een link naar een info sheet met cijfers over realisaties en verwachtingen voor nieuwe capaciteiten per provincie, voor wind- en zonne-energie. Solar Magazine kwam de dag daarna (13 augustus) met een artikel over die materie, maar publiceerde ook cijfers die niet in het artikel van Enexis Groep stonden. Ondertussen had ik zelf al een artikel (oorspronkelijke versie van het exemplaar wat u leest) geschreven en gepubliceerd. Bij nader detail onderzoek ontdekte ik echter een discrepantie in de door Enexis gepubliceerde cijfers in vergelijking met die geopenbaard door Solar Magazine. Daartoe benaderde ik Enexis met de vraag hoe dat kwam, en welk cijfer klopte, en welk fout was. Ik kreeg vervolgens info graphics, en later een uitgebreid document, genaamd "Enexis maakt energie transitie mogelijk" toegestuurd. Hierin stonden nogal wat extra cijfers, die niet in het eerste artikel van Enexis Groep waren genoemd.

Toen ik de documentatie bestudeerde, merkte ik gaandeweg, na een intensieve discussie met mijn contactpersoon bij Enexis, op drie plekken in dat document inconsistenties van opgegeven cijfers, want ze werden op twee plekken genoemd / afgebeeld. Ten eerste de realisatie voor Groningen tm. 2018 (262 én 264 MWp werden genoemd, Klimaatmonitor / CBS hebben al een tijdje 264 MWp staan). Ten tweede een verwisseling van vermogens voor zonnestroom gecontracteerd tot 2021 in de provincies Noord-Brabant en Limburg. En, tot slot, vlak voordat het uitgebreide document door Enexis gepubliceerd zou worden nog een tweede verwisseling / inconsequentie. En wel, van de mogelijk te verwachten nieuwe volumes zonnestroom capaciteit vanaf 2021. Waarbij de cijfers van Overijssel en Limburg bleken te zijn verwisseld t.o.v. een andere tabel in hetzelfde document.

Dit alles kostte allemaal zo'n anderhalve dag van discussies en replieken tussen Enexis en Polder PV. Ook hadden de verwisselingen consequenties voor de optellingen in aparte staatjes met "zon + wind", waardoor e.e.a. in de soep leek te lopen. Het lijkt er op dat op 15 augustus pas alles, in ieder geval wat de zonnestroom cijfers betreft, op z'n pootjes terecht is gekomen, maar ik geef geen garantie dat alles nu correct staat. Voor windenergie heb ik zelf niet de moeite meer genomen om alle cijfers te gaan controleren. Ik ga er van uit dat alle data nu kloppen en consistent zijn.


Herschreven artikel met gewijzigde content

Op plaatsen waar mijn herschreven artikel aangepaste cijfers laat zien, heb ik dit duidelijk aangegeven met de toevoeging [gecorrigeerd] achter het opgegeven getal. Ik heb ook een grafiek toegevoegd, met de evolutie van de zonnestroom capaciteit in de Enexis provincies, volgens de CBS cijfers die bij Klimaatmonitor worden gepubliceerd. En die Enexis zegt te gebruiken in hun overzicht "Zonnestroom; vermogen bedrijven en woningen".


Waarschijnlijk naar aanleiding van de nodige commotie over de problemen met de elektrische capaciteit in, met name, de noordelijke provincies (status update capaciteit problemen 18 juli 2019, in deze tweet van 24 juli jl.), heeft Enexis Groep een artikel gepubliceerd, met de realisaties en de verwachtingen van nieuwe volumes voor zonnestroom en windturbine capaciteit, de komende jaren. De verwachtingen zijn, zoals inmiddels niemand meer mag verbazen, ronduit spectaculair. Maar ook de realisatie cijfers laten zeer interessante nieuwe zaken zien, die, voor zover ik weet, recentelijk nog niet publiek waren gemaakt. Zelfs niet in de jaarverslagen van deze netbeheerder. De op 1 na grootste van ons land.

Enexis inventariseert namelijk in haar laatste bericht de realisaties van zowel PV als windenergie voor haar gehele portfolio. Tot nog toe is uitsluitend (spectaculaire) progressie in het kleinverbruik (KVB) segment voor zonnestroom gepubliceerd (zie laatste bespreking van gecorrigeerde data, van 4 juli jl., 1e half jaar 2019 in perspectief). Waar af en toe nogal verwarrende cijfers - en correcties daar op - over werden geopenbaard. Waar Polder PV meerdere malen over heeft geintervenieerd (soms leidend tot intrekking van gepubliceerde artikelen). Over het grootverbruik (GVB) segment, wat beslist grote volumes moet hebben, gezien mijn ervaringen met mijn eigen, enorm hard gegroeide PV projecten lijst, deed Enexis er, curieus, het zwijgen toe.

Nu benoemt ze deze alweer niet expliciet of specifiek in het recente artikel, maar wel de totaal volumes. En omdat inmiddels de cijfers voor 2018 voor het kleinverbruik segment lijken te zijn geconsolideerd (1.257 MWp accumulatie KVB 2018; zie ook andere besprekingen Polder PV, referentie lijst onderaan het hierboven gelinkte artikel van 4 juli), kunnen we wat zinnige zaken over het GVB segment zeggen. En zelfs een poging doen om te kijken hoe dat in het hele land lag, eind 2018.


Totale volumes tm. 2018, volumes in opdracht tot 2021, en potentieel afschatting vanaf 2021

Enexis geeft een interessante tabel met zowel zonnestroom als windturbine capaciteit cijfers. Opgegeven worden (1) de realisatie cijfers per provincie (accumulatie over de periode van 1990, toen er nog vrijwel geen PV bestond in NL, en marginaal windturbine vermogen aanwezig was, tot en met 2018), (2) de capaciteiten die reeds zijn geclaimd tot 2021 en waarvoor opdrachten zijn gegeven aan Enexis (claim en vooruitbetaling, wat betekent "vaste reservering van de transport capaciteit, niet claimbaar door andere partijen, vanwege het gehanteerde first come, first served principe"), en (3) een poging tot afschatting van de volumes die geclaimd kunnen gaan worden vanaf 2021. Waarbij Enexis zich zegt te baseren op "verwachting op basis van de SDE subsidie regelingen en aanvragen". En waarop ze een "actuele doorrekening" heeft losgelaten.

De volumes zijn ronduit spectaculair. Gerealiseerd tm. 2018 zou er al, in totaal voor zonnestroom EN windenergie, 2.651 Megawatt [gecorrigeerd] aan capaciteit zijn geaccumuleerd in het netgebied van Enexis. In opdracht tot 2021 staat nog eens een volume van 2.194 MW. Daar overheen claimt Enexis een mogelijke extra uitbreiding met nog eens 3.378 MW aan mogelijk extra aangevraagde capaciteit voor zon en wind, vanaf 2021. In totaal komt dit volume alleen al voor Enexis (actief in de provincies Groningen, Drenthe, Overijssel, Noord-Brabant, en Limburg), op een zeer hoog volume van 8.223 MW [gecorrigeerd] uit, waarvan dus nog maar 32% zou zijn gerealiseerd tm. 2018.

Nieuwe grafiek - evolutie PV bij Enexis

Voor zonnestroom heb ik de volgende (nieuwe) grafiek gemaakt. Daarin de evolutie van de capaciteit in MWp per provincie in Enexis gebied. De cijfers heb ik direct uit het Klimaatmonitor portal gehaald, die haar data tegenwoordig van de syntheses van het CBS verkrijgt, en waar Enexis zich ook op beroept in haar overzicht "Zonnestroom; vermogen bedrijven en woningen", met peildatum juli 2019. Daarbij valt trouwens op, dat Enexis regelmatig cijfers neerwaarts afrondt, zelfs als het cijfer achter de komma 5 of hoger is, en er dus juist naar bóven afgerond zou moeten worden. Dit resulteert in iets van de Enexis cijfers afwijkende data in de grafiek, ook bij de totalen in het hele netgebied. De verschillen zijn wel klein, maximaal 3 MWp (hoger volgens CBS dan Enexis claimt) in 2012. Enexis laat alleen data vanaf 2012 zien. Ik heb de in Klimaatmonitor aanwezige data vanaf 2008 ook toegevoegd.

Voortschrijdende accumulatie van PV capaciteit in het netgebied van Enexis, per provincie. Drenthe (240 MWp) en Groningen (264 MWp), resp. Limburg (363 MWp) en Overijssel (369 MWp) liggen relatief dicht bij elkaar, Noord-Brabant is en blijft heer en meester wat de ontwikkeling betreft. Eind 2018 had de provincie, na een forse versnelling dat jaar, al 698 MWp PV capaciteit geaccumuleerd. Een factor 1,9 maal het volume van de nummer twee, Overijssel. Opvallend is de toename in Groningen in 2016. Dit is voor een belangrijk deel te wijten aan de netkoppeling (december 2016) van slechts 1 - voor die tijd grootste - zonnepark in Nederland, 30,8 MWp groot Sunport te Delfzijl. In de inset linksboven vindt u de totale accumulatie in het netgebied van Enexis. Wat een forse progressie laat zien de afgelopen jaren. Voorlopig - volgens de Klimaatmonitor / CBS data, eind 2018 culminerend in 1.933 MWp (Enexis rondt het totaal af op 1.934 MWp, maar heeft bij de "correct" afgeronde cijfers wel identieke getallen staan voor de provincies).

De reeds bij Enexis aangesloten projecten zon en wind zouden eind 2018 goed zijn voor een stroom productie "voldoende om meer dan 1 miljoen huishoudens te voorzien van energie". Preciezer: verdeeld over het equivalent van 612.433 "huishoudens" voor PV, en van slechts 470.830 voor wind (totaal 1.083.263 "huishouden equivalenten"). Niet bekend is waarmee Enexis rekent. Als een gemiddeld huishouden 2.860 kWh/HH.jaar zou verbruiken (CBS status 2017), zou dat een volume kunnen opleveren van bijna 3,1 TWh, ongeveer 2,6% van de nationale stroom consumptie in 2018 (bijna 121 TWh). Reken je met een vaker gehanteerd hoger verbruik, zeg, 3.200 kWh/HH.jr, zou dat neerkomen op plm. 3,5 TWh (2,9% van nationaal jaarverbruik).

De verwachte toevoeging van 2.194 MW zon en wind tot 2021 zou nog eens een op te wekken elektra equivalent van (426.867 + 555.540 =) 982.407 extra huishoudelijke verbruiken kunnen gaan brengen. In de bewoordingen van Enexis Groep, "ruim twee keer het aantal huishoudens van de provincie Overijssel".

Enexis stelt dat, niemand hoeft dat meer te verbazen, de volumes voor partijen "die energie willen terugleveren" (zon, wind, biogas, kleinschalige waterkracht ?) spectaculair zijn gestegen. "In een paar jaar tijd" namen de volumes toe van bijna 123 duizend (begin 2016), naar bijna 343 duizend installaties achter "particuliere aansluitingen" (KVB, begin juli 2019, data zijn uit het later van Enexis ontvangen "info package"*). In dezelfde periode zou het aantal klanten met zakelijke aansluitingen (GVB) zijn gestegen van bijna 1.800 naar ruim 4.600 stuks (idem).

Zonnestroom capaciteit Enexis - details (NB: gewijzigd na ontvangen "info package"* Enexis !)

In een aparte tabel geeft Enexis details weer voor zonnestroom en windenergie, waarbij wordt uitgesplitst per provincie. Ik heb de data voor zonnestroom in een eigen stapelgrafiek weergegeven:

* Opgelet! GECORRIGEERDE grafiek met data, ontleend aan separaat van Enexis ontvangen, later ook weer gecorrigeerd, en uiteindelijk op 15 augustus op de website geopenbaarde "info package" met hun nieuwste cijfers. Voor de ongecorrigeerde grafiek op basis van de eerste Enexis cijfers, zie hier voor de verschillen. Op drie punten zijn er fouten geslopen in de oorspronkelijke publicatie van Enexis Groep dd. 12 aug. 2019: (1) bij "in opdracht" gegeven capaciteit waren de cijfers voor Noord-Brabant en Limburg per ongeluk verwisseld door de opmaak afdeling, dat is nu recht gezet in de grafiek. (2) De realisatie voor Groningen tm. 2018 was op 1 plek in het uitgebreide document foutief overgenomen van CBS / Klimaatmonitor portal van Rijkswaterstaat. Dat was 262 MWp, maar moest 264 MWp zijn. Dit laatste cijfer is in genoemde gecorrigeerde "info package" nu op 2 plaatsen te vinden, én, zoals eerder al toegelicht, in de oorspronkelijke Klimaatmonitor cijfers afkomstig van het CBS (niet afgerond is dat namelijk 263.854 kWp voor Groningen). (3) Laat werd nog een fout / inconsistentie ontdekt door Polder PV. De data voor "prognose vanaf 2021" van de provincies Overijssel en Limburg bleken ook al te zijn verwisseld door de opmaak afdeling. Dat is ook in de huidige grafiek recht getrokken. Dit alles had de nodige consequenties voor de deelvolumes, én voor de totalen per kolom. De correcte waardes staan bovenaan weergegeven.

Y-as in MWp opgestelde PV capaciteit cq. gecontracteerd (nog niet gebouwd), en latere - verwachte - toevoegingen. Op basis van deze wijzigingen zijn de - afgeleide - cijfers in onderstaande broodtekst ook op de cruciale punten aangepast, met toevoeging [gecorrigeerd] achter de - aangepaste claim ! Dit ook, om aan te geven wat voor consequenties dergelijke "foutjes" kunnen hebben op een reeds geschreven, doorwrocht artikel over zonnestroom statistieken. Alle cijfers zijn nogmaals gecheckt.

In deze grafiek, gestapeld, de tm. 2018 voor zonnestroom gerealiseerde capaciteit per provincie (onderste groene segmenten), de reeds gecontracteerde volumes tot 2021 (oranje segmenten), en, er bovenop gestapeld, de door Enexis berekende, mogelijke extra komende volumes op basis van o.a. onderzoek aan de beschikte SDE portfolio's (donker geel gearceerde kolom segmenten). Deze drie volumes bij elkaar opgeteld geeft de "potentie" aan totaal volumes voor PV capaciteit in de komende jaren weer per provincie, zoals bovenaan de stapelkolommen weergegeven in vetgedrukte cijfers. Potentie, omdat er beslist nog een en ander "mis" kan gaan met afgegeven SDE beschikkingen, en realisatie volumes zoals in het verleden soms fors kunnen afwijken van de beschikte capaciteiten (zowel fors minder als veel meer dan beschikt komt frequent voor ...).

Segmentatie per provincie
Zoals al lang bekend, blijft provincie Noord Brabant het netgebied van Enexis (en van Nederland) domineren, met al dik 36% (698 MWp) van het totale volume op haar grondgebied, gevolgd door een vrij byzondere terugval in de tot 2021 gecontracteerde capaciteit (167 MWp [gecorrigeerd], ruim 12% van totaal gecontracteerd, 1.348 MWp). Maar, daar tegenover staat weer een enorme verwachte versnelling (met 1.175 MWp 38% van het verwachte totale nieuwe extra volume vanaf 2021), tot een mogelijke capaciteit van meer dan 2 GWp [gecorrigeerd] in komende jaren. Opvallend is, dat provincie Groningen achter lijkt te blijven bij de uitbouw. Al had ze eind 2018 nog wel iets meer capaciteit dan Drenthe (264 MWp [gecorrigeerd] versus 240 MWp), bij het gecontracteerde vermogen, loopt Drenthe als grootste versneller ver uit boven de rest, met 476 MWp, en Groningen op 2 na laatste, met 190 MWp. Overijssel staat bij de nieuwe contracten op plaats twee, met 403 MWp. Geen wonder, dat juist voor deze twee provincies, de transport capaciteit plaatjes bij Enexis voor een groot deel rood en geel kleuren ...

Groningen heeft hoge ambities op het gebied van PV, met name op het gebied van zonneparken. Maar zelfs met de extra toevoegingen vanaf 2021, lijkt de provincie volgens de bevindingen van Enexis, te blijven steken op totaal 847 MWp [gecorrigeerd] aan totale potentie de komende jaren. Het laagst van de vijf provincies in Enexis gebied. Met ook een groot rood gekleurd gebied grenzend aan de Waddenzee / Eemshaven (voorlopig geen transport capaciteit beschikbaar totdat Enexis de problemen heeft kunnen verhelpen). Zelfs Limburg, waar op het gebied van zonneparken nog maar 4 serieuzere exemplaren groter dan 1 MWp zijn aangelegd (de grootste, Louisegroeve, bij Chemelot in Geleen), maar waar wel vooral veel capaciteit in de residentiële sector is geaccumuleerd, weet op korte termijn verder uit te lopen op Groningen, aldus de cijfers van Enexis.

Cijfers voor gecontracteerde capaciteit tot 2021 voor Noord Brabant en Limburg zijn in deze nieuwe versie gewijzigd, want per ongeluk door de opmaak afdeling verwisseld in de oorspronkelijke versie. De correcte cijfers, zoals weergegeven in de gewijzigde grafiek, zijn 167 MWp voor Noord Brabant, en 112 MWp voor Limburg [gecorrigeerd].

Totaal cijfers Enexis
Achteraan staat de totaal kolom voor het hele Enexis gebied vermeld. Er zou in totaal tm. 2018 al 1.934 MWp [gecorrigeerd] aan PV capaciteit zijn geaccumuleerd, waarschijnlijk heel wat meer dan menigeen heeft gedacht (maar wat mij niet verbaast). Daar bovenop komt een "gecommitteerd" volume van nog eens 1.348 MWp in de komende twee jaar. Wat vermoedelijk grotendeels wel zal worden gerealiseerd, als er geen calamiteiten met transport schaarstes geschieden, waardoor langdurige vertragingen kunnen optreden, en er mogelijk (niet zeker!) uitgegeven SDE beschikkingen zouden kunnen komen te vervallen. Deze twee segmenten geven in totaal een waarschijnlijk te verwachten minimale omvang weer van 3.282 MWp [gecorrigeerd] voor het hele Enexis netgebied tot 2021 (rechts in rood aangegeven). Daar bovenop komt nog een zeer onzeker geschat volume van nog eens 3.132 MWp, wat het potentiële totaal nu verwachte volume voor deze netbeheerder al op, afgerond, ruim 6,4 GWp zou kunnen gaan brengen. Al zitten daar wel de nodige onzekerheden in, het is wel een werkbaar uitgangspunt om beleid op te kunnen maken voor Enexis.

Genoemde 1.934 MWp [gecorrigeerd] aan PV realisaties is in ieder geval al 73% van de totale opgestelde productie capaciteit "wind en zon" eerder genoemd (2.651 MWp [gecorrigeerd]). Bij de toevoegingen valt zon tijdelijk iets terug: 1.348 MWp in opdracht tot 2021 is een aandeel van zo'n 61% t.o.v. de 2.194 MW "wind en zon". Maar voor de iets langere termijn "nog verwacht", is PV heer en meester, met 3.132 MWp van het totaal van 3.378 MW aan "wind en zon" capaciteit, op een aandeel komend van 93%.

Hierbij moet wel uitdrukkelijk worden gemeld, dat opgestelde capaciteit beslist maar 1 kant van het verhaal is. Windenergie heeft van nature een veel hogere productie factor, ook omdat windturbines 's nachts wel, en zonnepanelen niet kunnen functioneren (aard van het beestje). Er komen dus veel meer kWh-en uit een opgestelde kilowatt aan capaciteit bij windturbines, dan bij PV. Gaarne dit in de oren blijven knopen. En: sowieso is alle capaciteit nodig, windenergie inclusief. Er is immers gigantisch veel achterstand in te halen door Nederland, op het gebied van duurzame stroom opwekking.


Aandeel grootverbruik PV op totaal Enexis, en voorzichtige schatting op landelijk niveau

Voor het eerst is het nu mogelijk om enigszins onderbouwd een afschatting te doen van het lang verzwegen grootverbruik segment bij Enexis, bij zonnestroom. Voor Liander heb ik dat in een uniek overzicht al lang kunnen doen (publicatie van 11 april dit jaar, en uitgebreide analyse). Want met het totaal volume voor eind 2018 nu beschikbaar, en de eerdere publicatie voor exclusief KVB aansluitingen, eind 2018, wat volume betreft kennelijk niet (of marginaal) gewijzigd in de grafiek update van begin juli dit jaar (2e grafiek in artikel van 4 juli 2019), kunnen we dat berekenen.

Eind 2018 zou er achter KVB bij Enexis 1.256,7 MWp zijn geaccumuleerd. In het huidige artikel van Enexis wordt gewag gemaakt van totaal 1.934 MWp [gecorrigeerd] aan PV capaciteit in het hele netgebied, eind 2018. Ten eerste betekent dat, t.o.v. het laatste bekende accumulatie cijfer bij het CBS, 4.414 MWp in heel Nederland eind vorig jaar, dat Enexis een volume aandeel van maar liefst 44% (!) heeft gehad bij de accumulaties. Iets wat mij niet verbaast, maar vele anderen misschien wel.

Dat betekent, gecombineerd met de KVB data van Enexis, dat er eind 2018 achter GVB aansluitingen ongeveer 677 MWp [gecorrigeerd] aan PV moet zijn aangesloten.

De collega's bij de grootste netbeheerder van Nederland, Liander, hadden eind 2018, afgerond, 1.014 MWp achter KVB aansluitingen staan, resp. 487 MWp achter GVB aansluitingen (details hier). Het totale volume was 1.502 MWp, 34% van de nationale capaciteit (4.414 MWp, CBS). In beide gevallen had deze netbeheerder dus, als de getallen niet (veel) meer zullen wijzigen, minder volume dan bij Enexis, eind 2018: 19% minder bij KVB, resp. maar liefst 28% minder bij GVB (!). Ook dit zal menigeen verbazen, de grootste volumes staan bij Enexis, niet bij de grootste netbeheerder van Nederland. En het effect is het grootst bij de GVB aansluitingen. Waar ik al jaren op wijs: Enexis heeft een gigantisch agrarisch achterland, met vele honderden grote boerderij complexen (met GVB aansluitingen) vol PV, én het heeft de grootste groei regio voor de grote zonneparken die heel veel (extra) volume inbrengen, met name in NO Nederland. Dat blijkt zich nu dus duidelijk in de eindelijk compleet lijkende cijfers af te tekenen.


Berekening naar nationaal niveau

We hebben nu dus de segmentaties KVB/GVB voor de twee grootste netbeheerders. Gezamenlijk hebben Enexis en Liander eind 2018 al 1.164 MWp [gecorrigeerd] aan PV capaciteit achter grootverbruik aansluitingen staan, ruim 26% van het nationale totaal volume (ruim 4,4 GWp, KVB + GVB). Daarnaast vinden we in het helaas ietwat oude laatste Energie Trends rapport van 2016, dat deze twee netbeheerders toen ongeveer 69% van het nationale volume aan netaansluitingen (Enexis ruim 2,6 miljoen**, Liander ruim 2,9 miljoen, totaal destijds ruim 8,1 miljoen) voor elektra op hun grondgebied hadden. Zou je van die verhouding blijven uitgaan, zou het nationale volume 1.686 MWp aan PV capaciteit achter GVB aansluitingen kunnen hebben gehad, als deze twee netbeheerders bij elkaar een representatief beeld voor het hele land zouden hebben.

Dat is waarschijnlijk niet het geval, want de op 2 na grootste netbeheerder, Stedin, heeft grote agglomeraties dichtbevolkt gebied in haar netgebied, met zeer veel kleinverbruik aansluitingen, en zal deze trend waarschijnlijk beslist niet in vergelijkbare mate volgen. Er zijn nog geen harde cijfers voor deze netbeheerder gepubliceerd, wel een grafiek op Twitter van hoog geschat medewerker Bontenbal, die er ook bij stelde, dat het nog geen definitief beeld gaf voor hun netgebied. En dat er nog wat aanpassingen zouden kunnen volgen. Waarschijnlijk, gezien de historie bij Stedin, zouden die tot een matige bijstelling kunnen leiden. Via een lay-over in Excel heb ik redelijk betrouwbare cijfers uit die grafiek kunnen destilleren, en kom ik eind 2018 op - geschatte - volumes van 390 MWp KVB (plm. 72% van totaal volume), 150 MWp GVB (plm. 28% van totaal), en een totaal van 540 MWp PV capaciteit bij Stedin.

Tellen we genoemde 150 MWp GVB bij Stedin op bij de al genoemde volumes voor Enexis (677 MWp [gecorrigeerd]), en Liander (487 MWp), komen we voor de drie grootste netbeheerders in Nederland al op 1.314 MWp [gecorrigeerd] PV capaciteit achter GVB aansluitingen, eind 2018.

Stedin heeft veel elektra aansluitingen in een relatief klein netgebied (Randstad), volgens Energie Trends 2016 nog eens bijna 2,1 miljoen aansluitingen. Dit brengt het totaal voor de grootste drie op ruim 7,6 miljoen stroom aansluitingen. Dat is al een zeer hoog aandeel van ruim 94% van het totaal aantal in Nederland. Gebruiken we dit waarschijnlijk "zeer representatieve" percentage, en gaan we uit van de 1.314 MWp [gecorrigeerd] GVB bij deze drie grootste netbeheerders, kan er in ons land eind 2018 maar liefst al zo'n 1.394 MWp [gecorrigeerd] PV capaciteit achter een grootverbruik aansluiting zijn geaccumuleerd. Dat is, van het totaal volume wat CBS als laatste heeft opgegeven, 4.414 MWp, al een aandeel van bijna 32 procent. Een derde van de PV capaciteit in Nederland stond eind vorig jaar dus al niet (meer) bij kleinverbruikers / woningen, maar betrof grote (tot deels zelfs al: omvangrijke) PV installaties bij industrie en andere grootverbruikers (grote scholen, sport complexen, gemeentehuizen e.a. instellingen, grotere boerderijen, distributie centra, al aardig wat grondgebonden zonneparken, etc.).

De voorspelling is, dat dit percentage PV capaciteit achter GVB aansluitingen in 2019 flink verder zal groeien. Ondanks de ook sterk groeiende residentiële markt, gaat de versnelling bij de implementatie van PV capaciteit achter grootverbruik aansluitingen, met flinke financiële hulp van (duizenden) SDE beschikkingen, onvervaard verder, in een flink versneld tempo, zoals de maandelijkse updates van CertiQ ons laten zien (voorbeeld PV tm. juli 2019).


Bondige presentatie m.b.t. oplossen van problemen in netgebied Enexis. © Enexis Groep via ZEP

Oplossen van (vele) problemen
Enexis is al langere tijd bezig om de monumentale taak die met name haar toekomt te proberen te verwezenlijken. Er zijn in relatief korte tijd grote schaarste gebieden voor (afname én invoeding op) grootverbruik aansluitingen ontstaan. De netbeheerder publiceert al enige tijd gedetailleerde updates van "schaarste kaarten", en lijstjes met werkzaamheden op de nodige trafostations, om de problemen (deels) te kunnen oplossen. De netbeheerder investeert in de periode 2018-2020 een kwart miljard Euro in haar infrastructuur. Netbeheerder Liander is recent dat voorbeeld met kaartjes gaan volgen, en publiceert ook al enige tijd in detail op haar website de probleemgebieden, en welke werkzaamheden in gang zijn gezet om de stortvloed aan gevraagde transport capaciteit te kunnen bolwerken. Ook Liander investeert op alle fronten in haar infrastructuur, zie de detail plannen in het Jaarplan 2019. De netbeheerder heeft al 231 miljoen Euro in het eerste half jaar van 2019 uitgegeven aan uitbouw en onderhoud van de stroomnetten, dit zou het hele jaar zo'n 443 miljoen Euro moeten worden (halfjaar bericht 2019).

Door beide netbeheerders zijn al diverse malen (wettelijk verplichte) meldingen van congestie in delen van hun netwerken gepubliceerd.


Nagekomen (13-15 aug. 2019) CORRECTIES & aanvullingen "info package" (22 pagina's) !

Solar Magazine leek ook de (oorspronkelijke) berichtgeving van Enexis te hebben gezien, maar had ook andere / extra cijfers dan de exemplaren die ik in eerste instantie van de website kon halen. Vermoedelijk hebben ze dus al eerder de hand weten te leggen op het door mij hier boven gemelde, aanvankelijk nog niet publiek gemaakte "info package" met de nieuwe cijfers van deze netbeheerder. De interessantste "andere" cijfers zijn het aantal aansluitingen in het Enexis netgebied "dat zonne-energie teruglevert", en het aantal projecten voor contracten tot 2021. Bij navraag bij Enexis bleek het om enkele documenten te gaan die kennelijk separaat zijn verstrekt, en waarvan het de bedoeling schijnt te zijn, dat er regelmatig updates van op de website zullen worden gepubliceerd.

Aantal aansluitingen met "terug"levering voor PV
De opgegegeven status voor juli 2019 is 4.624 zakelijk, 342.831 huishoudens. Die voor - kennelijk - eind 2018 / begin 2019 bedroegen 3.736 zakelijk, resp. 291.226 huishoudens. De groei in het eerste half jaar van 2019 is dus alweer bijna 24% voor het aantal huishoudelijke aansluitingen, en bijna 18% voor het aantal nieuwe zakelijke aansluitingen t.o.v. de status begin dit jaar. Sedert begin 2016 (1.779 zakelijk, 122.678 huishoudens), is de groei 160 procent voor zakelijke, resp. ruim 179% voor residentiële (kleinverbruik ?) aansluitingen geweest. Gaan we alleen uit van groei per kalenderjaar, is de compound annual growth rate (CAGR) in de periode begin 2016 - begin 2019 uitgekomen op gemiddeld 28% per jaar voor huishoudelijke, resp. ruim 33% per jaar voor zakelijke aansluitingen "met teruglevering voor zonnestroom". Ergo: beide markt segmenten groeien hard, maar het zakelijke segment groeit sowieso al bij de aantallen nieuwe exemplaren harder dan bij de huishoudelijke klanten. En bij de capaciteit zal die groei nog veel groter zijn, al worden die cijfers niet gegeven in het betreffende staatje.

Overigens is de opgave "342.831" aansluitingen bij huishoudens alweer 1,7% minder dan de oorspronkelijke opgave voor "kleinverbruik" in het Enexis / ZEP bericht van 2 juli jl. (348.882 stuks, nu ook nog zichtbaar in het actuele venster met deze data, die af en toe van een update wordt voorzien aldaar).

Ook de opgave voor eind 2018 is alweer gewijzigd. Aanvankelijk werd voor eind 2018, voor kleinverbruik, 305.329 aansluitingen opgegeven in het bericht van 26 feb. 2019 op de ZEP website (in de tekst "tot 1 januari 2019 werden er ruim 300.000 sets zonnepanelen ... geplaatst"). In het huidige "info package" vinden we op pagina 5 echter nog maar 291.226 aansluitingen, voor eind 2018 (4,6% minder !). Wat aangeeft, dat niet in 2018, maar pas begin 2019 de 300.000e kleinverbruik aansluiting met zonnepanelen is behaald in Enexis netgebied. Kennelijk worden er nog steeds behoorlijk wat aansluitingen uit de database verwijderd, om onbekende redenen.

Contracten zonnestroom aansluitingen tm. 2021
In een apart staatje wordt, naast het in het persbericht weergegeven vermogen wat tot 2021 voor PV is gecontracteerd (met hier de correcte cijfers voor Noord-Brabant en Limburg), ook de aantallen projecten genoemd. Hieruit kunnen de gemiddelde aangevraagde project groottes worden berekend, zoals ik hier onder heb gedaan
:

Gecontracteerd tm. 2021 (PV)
Capaciteit (MWp)
Aantal projecten
Project gemiddelde (MWp)
Groningen
190
23
8,3
Drenthe
476
67
7,1
Overijssel
403
144
2,8
Noord-Brabant
167
58
2,8
Limburg
112
21
5,3
Totaal volume
1.348
313
4,3

Uit dit staatje blijkt, dat de in het oorspronkelijke persbericht genoemde 1.348 MWp aan gecontracteerde PV capaciteit (bovenop de reeds gerealiseerde volumes) geclaimd wordt door 313 nieuwe, grote PV projecten in het netgebied van Enexis. Waarvan Overijssel het merendeel gaat claimen (144 stuks, 46% van het totaal volume. Dat Drenthe het hoogste aandeel heeft bij de geclaimde (nieuwe) capaciteit (476 MWp, 35% van totaal). Maar dat bij de aangevraagde gemiddelde project omvang Groningen het hoogst scoort, met 8,3 MWp gemiddeld voor de 23 aangevraagde capaciteit contracten aldaar. De kleinste gemiddelde project groottes vinden we in Overijssel en Noord-Brabant, beiden 2,8 MWp per project (maar forse verschillen bij zowel de capaciteiten als de aantallen project aanvragen). Voor het totale volume geldt, dat de gemiddelde geclaimde project omvang ongeveer 4,3 MWp groot is. Dat zijn "aardige grote" projecten die, als er met moderne 300 Wp zonnepanelen zou worden gerekend, elk een omvang hebben van gemiddeld bijna 14 en een half duizend PV-modules.

Er staat nog meer informatie in het "info package" van Enexis. U kunt dat zelf terug lezen in de aan het bericht van 12 augustus op de Enexis website toegevoegde rapportage (link hier onder).

* In de avond van 13 augustus 2019 ontvangen "info package" van Enexis, met detail data over progressie van wind- en zonnestroom capaciteit in hun netgebied, genaamd "Enexis Netbeheer maakt energietransitie mogelijk - Op weg naar 35 TWh duurzame energie op land in 2030". Hier bleken ook weer inconsequenties in te staan, die Polder PV voor het hoofdstuk zonnestroom aan Enexis heeft gerapporteerd, waarna de nodige correcties volgden.

** Volgens het halfjaar bericht 2019 van Enexis, zouden de volumes elektra aansluitingen medio 2018 naar 2,8 miljoen, en medio 2019 alweer naar 2,833 miljoen zijn gegroeid. Voor de verhouding met Liander en heel Nederland, is voorlopig het geciteerde Energie Trends rapport aangehouden.

Voor overzicht van eerdere artikelen over de PV cijfers van Enexis op Polder PV zie lijstje onderaan bijdrage van 4 juli 2019.

Bronnen:

"Enexis Netbeheer verwacht ruim 5000 MW energie uit zon en wind aan te sluiten" (12 aug. 2019, website Enexis Groep; NB: titel kan natuurlijk nooit kloppen, opgestelde capaciteit is immers niet hetzelfde als "energie productie" ... Bij het artikel zat een infographic waar e.e.a. niet aan klopte, en waar Polder PV vragen over is gaan stellen)

Enexis Netbeheer verwacht ruim 5000 megawatt aan te kunnen sluiten (12 aug. 2019, website van Enexis zelf. Met aangepaste titel. Publicatie datum lijkt 12 augustus te zijn, zoals vermeld, maar pas na de nodige discussie met Polder PV zijn aan dit artikel 2 infographics, en uiteindelijk op enkele punten het hier boven (deels) besproken info package toegevoegd: het uiteindelijk uit 22 opgemaakte pagina's bestaande - gecorrigeerde - document getiteld "Enexis Netbeheer maakt energietransitie mogelijk")

Enexis gaat flink investeren om capaciteitsproblemen op te lossen (12 aug. 2019, website Zelf Energie Produceren, een vehikel van Enexis)

Netbeheerder Enexis moet nog 4,5 gigawattpiek zonnepanelen aansluiten, experimenten met curtailment (13 aug. 2019, Solar Magazine, kreeg kennelijk nog wat extra cijfers via Enexis, waar onder niet in de berichtgeving weergegeven groei in het "aantal aansluitingen van Enexis dat zonne-energie teruglevert", en, voor de "opdrachten tot 2021", ook de aantallen projecten, zie nagekomen. Door wijzigingen zijn 2 opgegeven cijfers veranderd. Zie ook commentaar bij "nagekomen" onderaan het artikel hier boven)


12 augustus 2019: CertiQ update juli 2019 - wederom hoge groei gecertificeerde zonnestroom, record productie juni 2019, en majeure revisie eerste rapportage. In mijn artikel van 1 augustus kondigde ik al aan dat de nieuwe capaciteits-cijfers voor gecertificeerde zonnestroom onmogelijk konden kloppen. Na interventie mijnerzijds is CertiQ niet over een nacht ijs gegaan bij de controle van de bron-data. Pas vandaag werd het - wederom gereviseerde - juli rapport gepubliceerd. Met uiteraard, zoals ik al had verwacht, een extreme neerwaartse bijstelling van de capaciteit. Maar nog steeds een hoge groei opleverend voor voorgaande maand: bijna 98 MWp, met een hoog aantal van 443 nieuwe projecten.

In de hier onder volgende analyse worden, als vanouds, voor uitsluitend (gecertificeerde) zonnestroom de volgende data gepresenteerd in historische context. Het rapport voor juli is op het punt van accumulatie van PV capaciteit heftig omlaag bijgesteld na mijn interventie. De gereviseerde juli rapportage werd vandaag, 12 augustus, gepubliceerd.

Wat de maandelijkse toevoegingen (of: tijdelijke afnames) van aantallen installaties betreft in bovenstaande grafiek, rode curve, met als referentie de linker Y-as, zijn er in juli 2019 - wederom een "bijna record netto" - 443 nieuwe PV projecten bij gekomen. Dat is sowieso weer een nieuw record voor 2019, en is het hoogste volume sedert de record netto nieuwbouw in juli 2017 (apart aangegeven in de grafiek, 445 nieuw gemelde projecten). Kijken we naar het voortschrijdend gemiddelde per kalenderjaar, zit er al langere tijd weer een stijgende lijn in, sedert medio 2017, met minder opvallende uitschieters naar boven of naar onder. Maximaal zo'n 300 nieuwe installaties per maand leek "de trend" bij CertiQ, het afgelopen jaar. Gezien de enorme "berg" aan uitgegeven beschikkingen onder de zes laatste SDE "+" regimes (zie laatste revisie), die binnen anderhalf tot drie jaar tijd gerealiseerd moeten worden, is het niet vreemd, dat ook de aantallen project realisaties weer zijn toegenomen. Het laatste kwartaal is het tempo zelfs beduidend omhoog gegaan.

De jaar gemiddeldes in de (deels verouderde) maand rapportages lagen achtereenvolgens voor 2016 op 105 nieuwe projecten per maand, in 2017 158, en het - voorlopige - gemiddelde in 2018 is op 210 stuks per maand gekomen. In de eerste zeven maanden van 2019 ligt het gemiddelde, inmiddels 330 stuks/mnd, daar dus al fors boven. Neem echter goed notie van het feit, dat zowel de aantallen als de capaciteiten later in jaarlijkse revisies worden bijgewerkt door CertiQ. Voor de medio 2018 verschenen update voor 2017 lag deze op gemiddeld 143 nieuwe installaties per maand (1.717 nieuwe installaties in 2017). 9,5% lager dan uit de oorspronkelijke maand rapportages afgeleid kon worden. Altijd moeten gepubliceerde Nederlandse solar statistieken met prudentie worden genoten, omdat veel data achteraf nog (fors) kunnen worden bijgesteld vanwege trage administratieve processen.

De accumulatie is te zien aan de blauwe kolommen curve in bovenstaande grafiek (referentie: rechter Y-as) die, na het "plateau" in 2013-2015, de laatste 3 en een half jaar weer opvallend is gaan stijgen. De curve geeft eind juli 2019 een accumulatie van 19.257 gecertificeerde PV projecten in de database van CertiQ (gemarkeerd data punt rechts bovenaan). Dat is trouwens 1 exemplaar minder dan in de - inmiddels gecorrigeerde - eerste versie van de juli rapportage werd opgegeven door CertiQ (zie ook 2 screendumps verderop getoond). De 15.000 stuks werd in april 2018 overschreden. Als het huidige forse tempo van plm. 400 installaties nieuw per maand aanhoudt, duurt het nu nog maar 2 maanden, voordat het niveau van 20.000 PV installaties zal zijn bereikt (vermoedelijk dus al rond eind september dit jaar).

In de grafiek zijn ook 2 belangrijke startdata opgenomen die tot de sterke groei van de bijschrijvingen in de CertiQ databanken hebben bijgedragen: (1) de start van de eerste SDE regeling op 1 april 2008 (in de eerste 3 jaar, met vertraging, met name heel veel residentiële installaties ingeschreven), en (2) de start van de eerste "SDE +" regeling (SDE 2011, per 1 juli 2011). Waarbij de "bovencap" van 100 kWp per aanvraag werd ge-elimineerd, en er, na een periode van vertraagde oplevering (en eerder gesignaleerde aberratie in 2013-2015, periode van her-inschrijvingen), een begin werd gemaakt met de vele duizenden grote(re) projecten. Met name op bedrijfs-daken, rooftops op diverse typen instellingen, en, de laatste jaren tevens, stapsgewijs, op de grond.

Zie ook de volgende grafiek voor de trends per jaar bij de aantallen installaties / projecten, op basis van de maand rapportages. NB, voor alle CertiQ data geldt: Netto effect = aantal bijschrijvingen minus het aantal uit de CertiQ databank verwijderde PV-projecten per maand.

Grafiek met de variatie in de (netto) groei van de aantallen installaties per maand (rapport) bij CertiQ. De fluctuaties kunnen fors zijn. Het gemiddelde installatie niveau is sedert 2011 behoorlijk terug gevallen, werd in de grafiek door de her-registratie operatie in 2013-2015 flink vertroebeld, maar trekt zeker het laatste jaar weer aan. De door CertiQ gerapporteerde 12 maanden van 2018 laten weer een behoorlijke maandelijkse groei van de aantallen nieuwe registraties zien. Met als kers op de taart het maandrecord van november voor dat jaar (netto 298 nieuwe projecten, hoogste paarse kolom rechts). Na tegenvallend december, met "slechts" 189 netto nieuwe projecten, zijn inmiddels de eerste 7 maanden van 2019 toegevoegd (252, 245, 301, 268, 373, 429, en het - voorlopig - nieuwe "jaar record" van 443 nieuwe projecten in januari tm. juli). Het eerste kwartaal gemiddelde kwam in 2019 op 266 nieuwe installaties netto per maand, het tweede kwartaal eindigde op een gemiddelde van al 357 stuks per maand. Van januari tm. juli 2019 is het gestegen naar 330 installaties gemiddeld nieuw per maand (horizontale gele stippellijn).

Het gemiddelde voor de maand rapportages kwam voor het kalenderjaar 2018 een stuk lager uit, op 210 nieuwe projecten per maand. Voor de afgeronde kalenderjaren 2016 en 2017 waren die gemiddeldes 105 resp. 158 stuks per maand (bijpassende gekleurde horizontale stippellijnen). Gemiddeld genomen nam het niveau in de maand rapportages in 2018 dus toe met 33% t.o.v. dat in 2017. En dat gaat behoorlijk toenemen bij gelijkblijvende trend in 2019, waarvoor nog een vijftal maanden aan cijfers toegevoegd moet gaan worden.

Het nieuwe jaarvolume voor 2018 is gekomen op 2.516 installaties. In 2017 was dat nog maar 1.898 (volgens de maand rapportages), 2019 zit nu al op 2.311 exemplaren netto. Op het vlak van aantallen is er dus ook een duidelijke groei. Wederom hierbij het voorbehoud, dat totale volumes per jaar achteraf kunnen - en zullen - worden bijgesteld door CertiQ. Bijgestelde data voor 2018 komen we pas later dit jaar te weten (er is nog steeds geen revisie bekend van CertiQ).

Dat er weer "aardige" aantallen nieuwe bij CertiQ geregistreerde projecten zijn te zien is voor een aanzienlijk deel te wijten aan de lopende realisaties van omvangrijke volumes onder de diverse SDE "+" regelingen beschikte PV projecten. Voor een overzicht van de beschikkingen en "officiële" realisaties, zie de door Polder PV gepubliceerde analyse van RVO cijfers van 6 mei jl. De grootste groei zit hem echter de laatste jaren niet zozeer in het "aantal" installaties, maar met name in de opgestelde productie capaciteit, wat daarmee wordt ingebracht. Dat stijgt ronduit spectaculair, zoals we hier onder weer zullen zien. Dat heeft alles te maken met het feit dat het om (gemiddeld en absoluut) véél grotere PV projecten gaat dan wat enkele jaren geleden "gebruikelijk" was voor Nederland. Hier bovenop zijn de nu daadwerkelijk fysiek gebouwde grondgebonden zonneparken gekomen. Die stuk voor stuk bij CertiQ worden aangemeld, en die met hun enorme capaciteit volumes in de databank worden opgenomen. In december 2018 is op dit punt alweer een nieuwe mijlpaal bereikt bij de toevoegingen. Januari 2019 deed het wat rustiger aan. Februari liet alweer een nieuw record zien. In de opvolgende vijf maanden werden wisselend hoge (maart, april, juni en juli) en "iets minder hoge" volumes (mei) bijgeschreven door CertiQ.


Voetnoot bij grafiek: de cijfers voor sep. 2017 zijn na vragen van Polder PV door CertiQ aangepast. Voor de reden, zie analyse herziening september 2017 rapportage !
Ook voor juli 2019 is met de huidige update het op 1 augustus 2019 verschenen maandrapport fors neerwaarts gecorrigeerd.

Weer hoge toevoeging in juni 2019
In vergelijking met de groei van de aantallen nieuw geregistreerde gecertificeerde PV projecten (vorige grafiek), gaat het bij de netto toegevoegde capaciteit al een tijdje echt om opvallende, substantieel grotere volumes dan wat we in eerdere jaren hebben gezien. Het verloop van de kolommen in 2018 is sterk verschillend van de situatie bij de "aantallen" projecten! Voor 2018 (paarse kolommen) waren de volumes ongekend hoog, culminerend in het - voorlopig - laatste record in december (netto +125,5 MWp toegevoegd).

Januari 2019 begon "relatief rustig", met 51,1 MWp netto nieuw toegevoegd volume. Februari voegde wederom een nieuw record volume toe van 165,0 MWp. Maart zat lager, met 97,6 MWp, april kwam iets bovengemiddeld alweer met 104,6 MWp nieuw volume. Mei voegde een duidelijk subgemiddelde nieuwe capaciteit toe, 79,9 MWp. 24% lager dan de groei in april. En duidelijk (21%) onder het gemiddelde voor de eerste 7 maanden van 2019 (horizontale gele stippellijn). In juni ging het gas er weer op, en werd er 110 MWp netto nieuw volume toegevoegd, 38% meer dan in de voorgaande maand.

Wederom (heftige) ingave fout netbeheerder in juli rapportage CertiQ
Juli 2019 gaf aanvankelijk, met het rap verschijnen van het maandrapport over juli op 1 augustus, een compleet onwaarschijnlijk hoge maand groei te zien van 597,6 MWp vanwege de opgegeven accumulatie (2.729,1 MWp). Polder PV merkte die aberratie meteen op, en heeft direct contact opgenomen met CertiQ om de brondata te laten checken. Al voor het weekend ontving ik het "verlossende" antwoord van CertiQ op mijn vragen: "Na onderzoek blijkt er inderdaad een inschrijving van een zonne-installatie door de netbeheerder te zijn goedgekeurd met een vermogen van 500 MW in plaats van 500 KW. Wij zullen onze statistieken hierop aanpassen en de netbeheerder vragen de inschrijving te wijzigen". Een vergelijkbare "ingave fout" als het incident in september 2017, dus. Wat beslist geeft te denken over de cijfers die door de netbeheerders worden aangeleverd. Maar ook over de eindcontroles (netbeheerders), en input checks (na eerste incident toezegging: "verscherpt"), bij CertiQ. Waarbij dit soort catastrofale cijfer-fouten gewoon afgevangen moeten worden. Immers, 600 MWp aan (uitsluitend gecertificeerde) zonnestroom capaciteit nieuwbouw in 1 maand is in het huidige tijds-gewricht de facto onmogelijk. Zélfs in de hard groeiende PV markt in ons land. Daar moet dus echt veel meer werk van gemaakt worden, om te voorkomen dat er onwaarschijnlijke, foute cijfers rond gaan zwerven in de publieke ruimte, die uiteraard ook weer allemaal onzin in de pers los gaan maken ...

Dit incident leidde in ieder geval na mijn controle vraag uiteindelijk tot 2 correcties in de accumulatie tabel van CertiQ, zoals onderstaande screendumps laten zien van de maand rapportages:

Hier boven de oorspronkelijke tabel productie installaties CertiQ (accumulaties), maand rapport gepubliceerd 1 aug. 2019. Voor gecertificeerde zonnestroom werden toen 19.258 installaties, linker kolom, en een onmogelijk hoge capaciteit van 2.729,1 MWp (rechter kolom) opgegeven.

 

Gecorrigeerde tabel van CertiQ na mijn interventie, waarbij niet alleen 1 PV installatie minder werd opgegeven (tot een accumulatie van 19.257 projecten in de database). Maar, vooral, de geaccumuleerde gecertificeerde capaciteit, met een halve GWp (!!) werd verlaagd, tot 2.229,1 MWp. Wederom: een majeure ingreep in de data van CertiQ.

Door deze heftige correctie in de geaccumuleerde capaciteit, is de netto maandelijkse groei in juli dus ook een halve GWp minder geweest, maar nog steeds een hoog volume opleverend, van 97,6 MWp. Deze alweer forse toevoeging in juli resulteert inmiddels in een maand gemiddelde in de eerste zeven maanden van 100,8 MWp. Marginaal minder dan de 101,4 MWp/mnd tot en met juni, maar nog steeds 43% meer dan het kalenderjaar gemiddelde voor de 12 maand rapportages in 2018 (bijna 71 MWp/mnd, paarse stippellijn in de maandelijkse nieuwbouw grafiek hier boven).

Gemiddelde capaciteit PV projecten juli 2019
Als we uitgaan van "relatief weinig uitstroom" uit de CertiQ bestanden, en de maandelijkse netto toevoeging van 443 nieuwe installaties, met genoemde (gecorrigeerde) 97,6 MWp netto nieuwe capaciteit (juli 2019) combineren, zou hier uit resulteren dat een "netto nieuw toegevoegd project" in de gereviseerde juli 2019 update een gemiddeld systeem vermogen zou hebben gehad van ruim 220 kWp per stuk (grofweg 734 PV modules à 300 Wp). Dat ligt veel lager dan het nieuwe record gemiddelde in februari (674 kWp/installatie).

Kwartaal cijfers CertiQ maandrapportages - QII 2019 afgerond, 1e cijfer QIII bekend


In deze voor het maart 2019 overzicht voor het eerst gepresenteerde nieuwe grafiek heb ik op een rijtje gezet wat de groeicijfers zijn geweest van de nieuwe capaciteit voor gecertificeerde PV installaties in de CertiQ databank, per kwartaal. QII 2019 (april tm. juni 2019 accumulatie) is compleet, het eerste resultaat voor QIII, juli 2019, heb ik rechts toegevoegd. Het tweede kwartaal van 2019 bracht weliswaar een hoog volume van 295 MWp in, maar haalde het nog hogere niveau van het eerste kwartaal dit jaar (314 MWp) net niet. Gezien de enorme volumes die er worden gebouwd onder de diverse SDE subsidie regelingen van de laatste jaren, kunnen dergelijke hoge volumes echter beslist weer gescoord gaan worden, mogelijk zelfs dit jaar weer.

Houdt ook rekening met het feit dat in de jaren 2013 - 2014 er nog vreemde zaken met de maand cijfers kunnen zijn geschied, i.v.m. de toen hoge impact hebbende her-registratie operatie. Waardoor - voor die tijd - veel capaciteit tijdelijk is "verdwenen", en op een later tijdstip weer is toegevoegd (exclusief de toen niet meer her-ingeschreven installaties). Echter, t.o.v. de later gerapporteerde, zeer hoge volumes, "verzuipen" die oudere cijfers in het geheel. Ze stellen momenteel weinig meer voor.

In de eerste 7 maanden van 2019 werden - netto - 2.311 nieuwe projecten gemeld door CertiQ, met een gezamenlijke - netto - capaciteit van bijna 706 MWp. Derhalve was de gemiddelde nieuwe systeem omvang in deze periode ongeveer 305 kWp (wel een stuk lager dan in alleen het eerste kwartaal, 393 kWp). In de eerste zeven maanden van 2018 waren die cijfers nog 1.354 nieuwe installaties, 435 MWp, resp. een gemiddelde systeem omvang van 321 kWp. Ook hier dus weer een sterke groei van zowel de aantallen, als de daarmee gepaard gaande nieuwe capaciteiten, in de eerste zeven maanden van 2019. Waarbij de project omvang gemiddeld genomen iets kleiner is geworden, 5%. Maar dat dit dus nog steeds gemiddeld genomen grote projecten zijn. Dit kan later dit jaar nog wijzigen, omdat er de nodige grote grondgebonden installaties afgerond gaan worden voor het eind van het jaar.

Wat de absolute volumes betreft: in 2019 zijn, volgens de maand rapportages, al 71% meer nieuwe projecten bijgeschreven dan in de eerste zeven maanden in 2018. Bij de capaciteit is het inmiddels 62% meer dan in 2018. De 706 MWp nieuwe gecertificeerde capaciteit in de eerste 212 dagen van 2019 is al 89% van het totale kalenderjaar volume voor 2018 (voorlopig aangepast cijfer: 794 MWp). Met nog vijf maanden te gaan om het hele kalenderjaar vol te maken.

Nieuwe grafiek - half-jaar cijfers CertiQ maandrapportages - tm. juli 2019
Om de volume groei in 2019 nog iets "scherper" op het netvlies te krijgen, heb ik de in de vorige update ingevoerde nieuwe grafiek, met de volume groei (MWp) per half jaar over dezelfde periode als de "kwartaal-grafiek" hierboven getoond, ook voorzien van het eerste resultaat voor het tweede half jaar (juli 2019 toegevoegd). Dan krijgen we dit resultaat:


Op de x-as de resultaten van de 6 maand rapportages uit de half-jaren (HI = jan. tm. juni; HII = juli tm. december) sinds 2010, tot en met het eerst afgeronde half-jaar voor 2019. Helemaal rechts het eerste resultaat voor HII 2019, juli, toegevoegd, weergegeven als gearceerde kolom waar nog heel wat volume bij gaat komen. De Y-as geeft de nieuw gerapporteerde capaciteiten in MWp, volgens de maandrapportages in de getoonde half-jaren. De groei in het CertiQ dossier is fenomenaal, zoals al enkele jaren door mij in andere vormen gerapporteerd. Voor eerste commentaar op deze nieuwe grafiek, zie voorgaande versie voor juni 2019.



Accumulatie van gecertificeerde PV capaciteit
De trendlijn in de grafiek is in deze update (juli 2019) wederom aangepast (rood: 5e graads polynoom, "best fit"). Piketpalen bereiken volumes van, inmiddels, telkens 400 MWp met vertikale blauwe stippellijnen aangegeven.

Na het bereiken van de halve GWp aan gecertificeerde zonnestroom capaciteit in het rapport van mei 2017 ging de groei verder, en na de heftige "correctie" t.a.v. het september 2018 rapport, op een behoorlijk consistent, gemiddeld hoog niveau in de laatste maand rapportages. In het juni 2018 rapport werd eindelijk de eerste "Gieg" in de CertiQ annalen bereikt voor zonnestroom capaciteit. In 2018 vond er een duidelijke versnelling van de gerapporteerde capaciteiten plaats, culminerend in een record toevoeging in december.

Na de "relatief bescheiden" toevoeging van ruim 51 MWp in januari, het nieuwe record volume van 165,0 MWp in februari, de 97,6 MWp in maart, en een extra 104,6 MWp in april, 79,9 MWp in mei (waarmee de 2 GWp piketpaal aan accumulatie werd gepasseerd), 110 MWp in juni, en het nu fors gecorrigeerde volume van 97,6 MWp in juli, bereikte de zonnestroom databank van CertiQ een geaccumuleerde gecertificeerde capaciteit van - gecorrigeerd - 2.229,1 MWp. Het bereiken van de eerste "gecertificeerde" GWp kostte sinds eind 2009, toen er nog slechts 22 MWp PV capaciteit bij CertiQ bekend was (gecertificeerd), 8 een een half jaar. De tweede GWp heeft minder dan een jaar gekost. En gezien de snel in te vullen enorme SDE portfolio's, zal de derde GWp nog rapper worden behaald.

Het bereikte volume van ruim 2,23 GWp in het juli rapport is reeds een factor 101 maal het volume eind 2009 (22 MWp). En al 17,2 maal het volume in juni 2015 (129,5 MWp), vlak voordat de hoge groei bij CertiQ manifest werd. De tussenpozen tussen het bereiken van een nieuwe "100 MWp" grens bij de geaccumuleerde gecertificeerde PV capaciteiten zijn de afgelopen drie jaar in ieder geval steeds korter geworden. Ik heb, vanwege de forse groei, deze in de grafiek sedert het rapport van augustus 2018 aanvankelijk vervangen door "piketpalen" voor het bereiken van, telkens, 200 MWp aan volume groei. Die groei is echter het laatste jaar alweer zo hard gegaan, dat ik de piketpalen heb vervangen door exemplaren voor elke 400 MWp bij de accumulatie. Evident is, dat de afstanden tussen de vertikale blauwe stippellijnen bij het bereiken van een nieuwe hoeveelheid van 400 MWp steeds korter zijn geworden. De vraag is hoe lang deze enorme versnelling in de capaciteitsgroei kan - en zal - aanhouden in het CertiQ dossier. Voor een nieuwe prognose voor eind 2019, zie de laatste grafiek in dit artikel.



Systeemgemiddelde capaciteit
Met de aanhoudend forse groei van de accumulatie van (gecertificeerde) zonnestroom capaciteit, blijft ook de gemiddelde projectgrootte nog steeds sterk groeien in de cijfers van CertiQ. Zoals weergegeven in bovenstaande grafiek, met een "best fit" (inmiddels weer) 5e graads polynoom als trendlijn (rood). Het systeemgemiddelde nam vorig jaar al sterk toe, van 46,6 kWp (eind december 2017) naar 89,9 kWp gemiddeld eind 2018. In januari tm. juli 2019 groeide het verder, van 91,5 naar zelfs 115,8 kWp. Dit is inmiddels een factor 20 maal het gemiddelde begin 2010. En is al een factor 7,7 maal zo hoog dan de minimum omvang waarvoor een SDE "+" project sedert SDE 2011 (volgens wettelijk voorschrift) wordt geaccepteerd door RVO (15 kWp, blauwe stippellijn). Een minimum wat mogelijk nog "opgetrokken" gaat worden voor nieuwe aanvragen onder, mogelijk, de najaars-ronde van SDE 2019? Zie het voorspel in de bespreking van de kamerbrief van Min. Eric Wiebes. Onder SDE 2018 II gold nog de bestaande ondergrens van 15 kWp. En ook in de voorjaars-ronde voor SDE 2019 blijkt die geplande verhoging nog niet te zijn gematerialiseerd (zie tabel 7 in de 21 pagina's tellende kamerbrief van 21 december 2018).

In het maand rapport van maart 2019 is de gemiddelde systeemgrootte bij de accumulatie aan gecertificeerde PV installaties bij CertiQ voor het eerst boven de 100 kWp gekomen.

De gemiddelde systeemgrootte van de netto toevoegingen in de juli 2019 rapportage lag, ondanks een daling t.o.v. de voorgaande maand, wederom, op een stuk hoger niveau, 220 kWp. Het gemiddeld hoge niveau wordt structureler, omdat er steeds meer zeer grote (druppelsgewijs ook grondgebonden) projecten worden opgeleverd. Het gemiddelde van de toevoegingen in de 12 maandrapporten van 2018 was dan ook met 354 kWp al zeer hoog.

Dat het in de grafiek getoonde gemiddelde voor alle geaccumuleerde projecten bij elkaar een stuk lager ligt dan bij de maandelijkse toevoegingen, komt door het blijvend "drukkende effect" van de duizenden kleine residentiële PV installaties uit de eerste 3 SDE regelingen (vaak met een omvang van maar een paar kWp per stuk). De verwachting is, dat dit effect op het totale systeemgemiddelde nog lang zal aanhouden gezien hun volume. Pas als er continu véél, en ook zeer grote fysiek opgeleverde nieuwe SDE projecten gaan cq. blijven instromen bij CertiQ, zal dat effect (deels) worden opgeheven. Daarbij s.v.p. niet vergeten dat de duizenden kleine residentiële installaties ook voor 15 jaar een SDE (2008-2010) beschikking hebben (zie grafiek met de actuele aantallen per grootte categorie). Dus het gros daarvan zal beslist nog tot en met 2023 in dienst zijn, en geregistreerd blijven bij CertiQ. Zonder registratie immers géén (voorschot-betalingen voor) SDE subsidie meer.


Totaal volume tm. juli 2019 (voorlopig) en aangepaste verwachting tm. EOY 2019
De verwachting is, dat Nederland in 2019 weer een record jaar tegemoet zal gaan zien, uiteraard vooral ook weer binnen de zwaar door SDE subsidies gedreven projecten markt. De grote vraag is natuurlijk: hoe "groot" wordt het CertiQ volume dit jaar? Gesproken wordt over mogelijk 2 GWp nieuwbouw voor heel Nederland, inclusief de gecertificeerde volumes (bijna uitsluitend SDE projecten), en de grote volumes aan residentiële en niet, of anderszins gesubsidieerde projecten. Hier onder ga ik daar wat alleen het CertiQ volume betreft (!) weer op in, met een extrapolatie tot en met eind 2019. Dit, n.a.v. de blijvend hoge groei bij de accumulatie van de capaciteit.


De laatste keer dat ik een dergelijke extrapolatie grafiek maakte, was voor het eindejaars-volume van 2018 op basis van het november rapport dat jaar, waarbij ik destijds uitkwam op - zeer conservatief geschat - zo'n 1.470 MWp eind van het jaar. Het werd in het voorlopige (eerste) jaar rapport van CertiQ zelfs 1.523 MWp (weergegeven in de grafiek), dus ik was inderdaad "conservatief". En het zal, gezien de update historie van CertiQ, mogelijk zelfs nog meer gaan worden in een later dit jaar te verwachten update van de cijfers over 2018.

In de huidige extrapolatie grafiek hier boven doe ik een nieuwe poging, ditmaal voor eind 2019. Daarvoor heb ik wederom een rechtlijnige trendlijn vanaf de sterke groeiperiode (eind juni 2015, 129,5 MWp) via het laatst bekende maand resultaat (juli 2019, aangepast tot 2.229,1 MWp) doorgetrokken naar de achterste blauwe vertikale stippellijn (peildatum eind 2019), waarbij ik op zo'n 2.425 MWp accumulatie kom (wederom 50 MWp hoger dan in de vorige inschatting op basis van de resultaten tm. de juni rapportage). Gaan we, logischer, uit van de best fit trendlijn door de maand resultaten, een (aangepast) 4e graads polynoom (rode curve), en bepalen we daarvan het snijpunt met genoemde blauwe stippellijn, komen we veel hoger uit, op zo'n 2.825 MWp (25 MWp hoger t.o.v. de vorige inschatting). Als we van deze twee extrapolaties weer, conservatief, het gemiddelde nemen, komen we op ongeveer 2.625 MWp als voorlopige "educated guess" voor het geaccumuleerde CertiQ volume, eind dit jaar (circa 35 MWp hoger dan in vorige schatting).

Gezien het feit dat er "nogal" wat zonnepark projecten zullen worden gebouwd dit jaar, waar onder het voor Chint Solar (China) door Goldbeck (BRD) gebouwde ZP Midden Groningen te Sappemeer Gr. (103 MWp, in juni was er een open dag), en nogal wat andere parken in bouw, zal dit een zeer conservatieve inschatting zijn.

Als we conservatief genoemde 2.625 MWp EOY 2019 aannemen, en daar het voorlopige EOY cijfer voor 2018 (minimaal 1.523 MWp) van af trekken, zou het "nieuwe gecertificeerde jaarvolume" al minimaal ruim 1.100 MWp kunnen omvatten. Waarschijnlijk is / wordt dat een absolute bottom-line. Dit, mede vanwege de al gerapporteerde 608 MWp groei in het eerste half-jaar, gecombineerd met de mogelijk vergelijkbare te verwachten trend van fors meer capaciteit in het tweede half-jaar in 2019. Als die trend ook in 2019 doorzet, zouden we al een minimale groei van 1,2 GWp aan uitsluitend gecertificeerde PV capaciteit kunnen gaan verwachten in 2019, en waarschijnlijk zelfs fors meer ...


Nieuw record volume gecertificeerde zonnestroom productie - april alweer overvleugeld 2019
De "gemeten" producties van gecertificeerde zonnestroom worden door CertiQ ook in hun maand rapportages weergegeven. Dit zijn, wederom, altijd minimum inschattingen, omdat er vaak nog de nodige cijfers "nakomen", dus ook hier gaarne prudentie met de interpretaties. Maar de cijfers mogen er sowieso al wezen. Juni 2019, het laatst beschikbare cijfer tot nog toe bekend gemaakt, heeft - uiteraard - alweer een nieuw historisch volume opgeleverd en het voorgaande - mei - record alweer naar de stoffige archieven verwezen. Wat, gezien de voortdurend hoge nieuwe capaciteit toevoegingen natuurlijk helemaal niet vreemd is. Zie onderstaande grafiek.

In bovenstaande grafiek in magenta de geaccumuleerde gecertificeerde PV capaciteit in de CertiQ databank, cumulerend in, voorlopig, 2.229,1 MWp in het juli 2019 rapport (geel omrand punt rechtsboven, referentie: linker Y-as). Het tweede record breekt direct het voorgaande hoogtepunt in mei, wat 251,3 GWh (gemeten) productie van gecertificeerde zonnestroom liet zien (volgens maandrapport, later nog bij te stellen). Dat is voor de laatst bekende maand waarde, juni 2019, alweer gekraakt, zie het rood omrande datapunt in de blauwe curve, rechts bovenaan (referentie: rechter Y-as, in GWh garanties van oorsprong toegekend per maand). Dat geeft al een volume aan van 278,1 GWh (met ook nog forse opwaartse bijstellingen te verwachten). Voor deze maand is nu dus al 68% meer gemeten productie bekend, dan in de "voormalige topmaand" juli 2018 (165,2 GWh). Waarschijnlijk gaat de komende rapportage, voor de GvO's uitgegeven voor juli 2019, daar alweer overheen. Aangezien er een forse hoeveelheid nieuwe capaciteit bij zal zijn gekomen, waarvan de extra productie meegenomen gaat worden...

Rechts onderaan in de grafiek zijn de vier "winter-dips" zichtbaar (blauwe pijlen). Ook deze worden steeds "hoger", vanwege de continu toenemende capaciteiten, en de daarmee gepaard gaande - relatief geringe winterse - producties in die maanden, die bovenop de producties van de al langer bestaande installaties worden gestapeld.

Later ga ik ook nog uitgebreider in op gemeten productie resultaten voor - gecertificeerde - zonnestroom, alsmede de ge-importeerde en ge-exporteerde garanties van oorsprong bij CertiQ.

Voor oudere kalender jaarcijfers van CertiQ, zie cijfer pagina "Zonnestroom in Nederland: gecertificeerd vermogen CertiQ 2018 - belangrijkste grafieken zonnestroom. Status update: 2018 1e versie" (er zijn nog steeds géén gereviseerde cijfers over 2018 bekend van de TenneT dochter)

Data: CertiQ maandrapportages (maandelijkse analyse updates door Polder PV)

 
 
 
© 2019 Peter J. Segaar/Polder PV, Leiden (NL)
^
TOP